Dansen op de vulkaan; Nikolaj Travkin ziet in Brest "het grootste Rusland' te gronde gaan

In nog geen week tijd heeft Boris Jeltsin het hele kaartenhuis van de sovjet-staat in elkaar laten tuimelen. Met opzet. Alleen zonder president én ex-partijleider Michail Gorbatsjov was er in zijn ogen nog iets te redden van wat eens een gesloten blok leek. Via het slavische vriendschapsverdrag, dat de Russische president vorige week in het uiterste Europese westen van het land met zijn collega's Leonid Kravtsjoek uit de Oekraïne en Stanislav Sjoesjkevitsj (Wit-Rusland) wist te sluiten, liet hij alle andere partijen in de machtsstrijd om Moskou verbluft achter zich.

In nog geen vijf dagen tijd had Jeltsin het voor elkaar. De Sovjet-Unie bestond niet meer, ook al bleef onduidelijk wat ervoor in de plaats zou komen.

Met zijn requiem voor de oude socialistische staat heeft Jeltsin echter ook de bijl gezet aan de wortels van het Russische Rijk. De consequenties daarvan zijn nog niet te overzien. De emoties zijn nog niet losgebarsten. Maar ze zijn er wel. Op straat is alles rustig. Ook de gepensioneerde vrouw wil alleen thuis klagen dat ze met haar rangnummer "1537' nu al twee weken elke morgen om halfzeven bij de Rode Hercules op het Preobrazjenskaja-plein in de rij staat voor twee halve litertjes wodka, hoewel het die naam volgens haar amper mag hebben omdat het met een alcoholpercentage van 35 procent eigenlijk gewoon "water' is.

Maar onderhuids sluimert de hysterie. Theater Satyricon is niet voor niets elke avond tot de laatste stoel uitverkocht. In de meeste toneel- en muziekzalen van Moskou zit geen hond meer. Maar in Satyricon giert de opwinding dagelijks. Regisseur Roman Viktjoek heeft er zijn zoveelste hit van dit jaar: De Meiden ("Les bonnes') van Jean Genet. Een hysterisch stuk dat zich in de regie van Viktjoek vervolgens nog eens heeft gekwadrateerd.

Het is zondagavond. De muziek uit Liza Minelli's musical Cabaret knalt daar in Satyricon door het theater. De als een halssnoer gedragen draadloze microfoons accentueren elke ademhaling van de acteurs zo scherp dat een zucht ineens een uitbarsting van woede of genot wordt. En terwijl de spots het Jugendstil-decor in steeds heftiger licht zetten, dansen de vier mannelijke acteurs hun vrouwelijke dialogen in één langgerekt orgasme aan elkaar.

Ondertussen voltrekt zich welhaast monotoon de moraal van het verhaal. De meiden verraden hun dame, slachten elkaar onderling af of plegen eigener beweging zelfmoord. Waarna de laatste die overblijft nog een ultieme poging doet om de mannelijke macht, die al die tijd als een wassen beeld wakend toezicht heeft gehouden, voor eigen gerief publiekelijk te "nemen'. Het leidt nergens toe, het is slechts necrofilie. Er rest daarna dus nog maar één ding: dansen, dansen en nog eens dansen.

De metafoor is helder, zowel qua inhoud als naar vorm. Hier is de Sovjet-Unie ten onder gegaan. Alleen al het ritme van de seksualiteit op de bühne weerspiegelt het fin-de-siècle van een imperium. De keuze voor de songs uit Cabaret is dan ook geen toeval. Viktjoek waant zich in het Berlijn van 1930. En het publiek geniet. Amechtig, verlamd maar vol overgave.

Om kwart over negen staan we verbijsterd buiten. De telex van het persbureau Tass ratelt. In Brest hebben de presidenten van Rusland, de Oekraïne en Wit-Rusland zojuist de Sovjet-Unie dood verklaard en vervolgens zichzelf tot gelijkwaardige partners in een slavische triple-alliantie gepromoveerd. Boris Jeltsin heeft de eeuwenoude ambities van het Russische rijk opgegeven. Het nieuwe slavische "gemenebest van onafhankelijke staten' zal namelijk niet vanuit de Russische hoofdstad worden bestuurd maar vanuit het Witrussische Minsk. Zelfs Moskou zal Moskou niet meer zijn. De kennis, die mee "uit' is, weet niet of ze daar nou mee gefeliciteerd dan wel gecondoleerd moet worden.

Triomfalisme

De week die volgt, bewijst in een paar dagen Viktjoeks gelijk. Zijn hyperbool lijkt zowaar over te slaan naar het politieke toneel.

Het is bereikt. Aartsvijand Michail Gorbatsjov lijkt echt aan zijn laatste dagen te zijn begonnen. Moskou moet nu definitief van Jeltsin worden. Het triomfalisme druipt van de gezichten af. Jeltsin zelf blijft beheerst, zoals hij als crisis-politicus bij uitstek aan zijn stand verplicht is. Maar Ruslands minister van buitenlandse zaken Andrej Kozyrev, een jonge historicus uit een geslacht van sovjet-diplomaten die het geluk heeft gehad in Brussel te zijn opgegroeid, kan bijna niet wachten op het moment waarop hij aan het Smolenskaja-plein de plaats van Edoeard Sjevardnadze mag innemen. Hij heeft deze week immers al met George Bush gesproken. Jeltsin's welhaast almachtige staatssecretaris Gennadi Boerboelis kan zijn vreugde evenmin onderdrukken als hij de pers te woord staat.

In het Russische parlement is het akkoord dat ten grondslag moet liggen aan de "slavische bond' een hamerstuk. In de Opperste Sovjet van de unie heerst slechts verwarring. Professor Dmitri Lichatsjov, een 85-jarige Russische filoloog die Gorbatsjov altijd heeft gesteund, kan in de wandelgangen van het Kremlin alleen nog uiting geven aan zijn angsten. ""Dit lijkt op het jaar 1917. We zouden nu een sterke macht moeten hebben, maar we hebben slechts incompetente macht. Iedereen doet maar wat. Zo begon de rode terreur in 1918 ook. Toen de interventie-oorlog zich aandiende, wist de macht niet meer tot daden te komen. Het allermakkelijkste was toen: de rode terreur. Het volk is zich al aan het bewapenen. Zoals in de tijd van de Poegatsjov-rebellie [een boerenopstand medio achttiende eeuw]. Het volk is 74 jaar gerustgesteld met het idee dat het alleen naar de top hoefde te luisteren. Nu moeten de mensen ineens hun eigen beslissingen nemen. Maar het lijkt erop dat ze nog steeds betreuren dat ze niet meer gecommandeerd worden. Dat geeft aanleiding tot Hitleriaanse types van het soort Zjirinovski [een wat clowenske polticus die al een jaar, met steeds groter gehoor bovendien, aandringt op gewelddadig ingrijpen om het "grote Rusland' te redden].''

Kettinghonden

Lichatsjov is niet de enige. Nikolaj Travkin, geen intellectueel maar een bouwvakker in de politiek, heeft weer een andere metafoor voorhanden. ""We zijn kettinghonden. Al die tijd heeft de hond vastgenageld geleefd. Nu is hij losgelaten. Als een dolle rent de hond daarom over het erf. Maar eenmaal terug bij zijn hok, blijkt er nog steeds geen voer in zijn bak te liggen. Waarom, wil de hond weten. Je bent nu vrij, zegt de baas, zoek het zelf maar uit.''

Met andere woorden, het zijn niet alleen onverbeterlijke communisten of pseudo-fascisten die zich nog slechts in apocalyptische termen kunnen uitdrukken. Ook in het democratische kamp regeert thans de angst. Want net als de nationalistische ex-communist Lichatsjov heeft ook de nationale democraat Travkin deze week een nederlaag geleden. Travkin's Democratische Partij van Rusland, met naar eigen zeggen vijftigduizend leden en sympathisanten de enige serieuze politieke formatie sinds het wettelijke verscheiden van de CPSU, roept onmiddellijk na het bekend worden van het akkoord van Brest haar aanhang op tot een protestdemonstratie op het Manegeplein in het centrum van Moskou. "Vandaag de unie, morgen Rusland', is zijn motto.

Er komt slechts anderhalve man en een paardekop opdagen. Dat is opmerkelijk. Travkin is namelijk een gewaardeerd amateur-politicus die zich tot genoegen van menig burger zelden verliest in mistig jargon. Travkin is - met internationale beroemdheden als Jeltsin, Sjevardnadze, Javlinski (de econoom), KGB-chef Bakatin en burgemeester Anatoli Sobtsjak van Sint Petersburg - een van de vijftien populairste politici in het land. Dat komt door zijn persoonlijke biografie. Hij is een gewone monteur. Tien jaar geleden werd hij al beroemd als een nieuw soort Stachanov, een voorman uit de bouw die in 1986 "held van de socialistische arbeid' werd omdat hij een ingenieus constructiesysteem had uitgedacht. Travkin was bovendien een van de eerste "kameraden' die de partij verliet, nog voor Jeltsin, Sobtsjak en de anderen hem volgden. Hij belichaamt nu een anti-communistisch conservatisme dat zich liever spiegelt aan Margaret Thatcher en Helmut Kohl's CDU dan aan de Zweedse sociaal-democraten. Hij is bovenal ook een Rus, die weliswaar ontkent in de eerste plaats nationalist te zijn maar desondanks in Russische termen denkt en dus het "grootste Rusland' niet te gronde wil zien gaan. En dat gevaar doemt nu wel op.

Pjotr Stolypin (de Russische premier die tussen 1906 en 1911 het land uit zijn feodale kluisters probeerde te rukken maar al na vijf jaar werd vermoord) is zijn grote voorbeeld. ""Stolypin zei: "Jullie hebben grote schokgolven nodig en ik heb het grootste Rusland nodig'. Dat grote Rusland is nooit een staat geweest met één volk. Als je die Russische realiteit onder ogen wilt zien, is dat nog geen chauvinisme. Indien Rusland nu naar analogie van de Sovjet-Unie zou worden opgesplitst, zal de gewone man daar hoe dan ook niet beter van worden. Als Tatarstan onafhankelijk wordt, zoals het wil, rijst onmiddellijk de vraag of het niet verder moet worden opgedeeld. In Tatarstan is immers 41 procent van de bevolking Russisch en omgekeerd wonen er in Moskou maar liefst vierhonderdduizend Tataren. Dan begin je dus aan een proces zonder einde. En dat zal niet zo beschaafd gaan als in de Baltische staten omdat de Tataren nu eenmaal niet zo geciviliseerd zijn als de Balten.''

De Russen zullen dan van zich af gaan slaan, aldus Travkin. ""Geen twijfel over mogelijk. We hebben nu al twee miljoen vluchtelingen in dit land, net zoveel als tijdens de oorlog. In de zich onafhankelijk noemende Tsjetsjeense republiek zijn onlangs in één week tijd 15.000 mensen hun huis ontvlucht. Je ziet het klimaat zelfs in de Baltische landen veranderen, terwijl die zich toch het meest westers gedragen. Daar worden nu wetten aangenomen die de rechten van de Russen beperken, zoals een gelimiteerd stemrecht of het verbod om meteen grond te kopen. Dat zal straks ook gaan gebeuren in de Oekraïne. Want de nationalistische beweging Roech heeft er nooit een geheim van gemaakt dat ze geheel vrij wil zijn van ons, van ons bezetters.''

Duivels idee

Het is de crux van het probleem. Buiten Rusland wordt het ontbindigsproces als een vorm van dekolonisatie ervaren dat nog eens wordt versterkt door een diep gevoelde afkeer van het communisme, die Russische uitvinding. Binnen Rusland daarentegen wordt de emotie honderdtachtig graden anders beleefd.

Travkin: ""Je kan pas van kolonialisme spreken als het vaderland er rijker van wordt. Maar wat zie je hier? De periferie is er alleen maar wijzer van geworden. Daar bestond geen ontwikkelde economie, nu wel. Rusland is dus zelf de kolonie van een uitgeteerd communistisch rijk. Wij zijn historisch noch genetisch ooit voorbestemd geweest tot dit duivelse idee. Als wij een communistische mentaliteit zouden hebben gehad, zou de ineenstorting toch niet zo volledig zijn geweest?

""De Russen zijn gewoon de ratten geweest in het experimentele laboratorium van het communisme. Die rol is in ons bewustzijn geslopen. Ook in de kerk. Die wijdde al die tijd zowel de president als het openbare toilet. Toen de bolsjewieken hun macht opbouwden, hebben ze niet alleen de kerk als Verlosser opgeblazen, maar ook morele prncipes als "gij zult niet doden' en "respecteer uw vader en moeder'. De communisten vonden dat je je vader mocht verraden. Pavlik Morozov [die tijdens de collectivisatie in de jaren dertig zijn vader verraadde omdat hij koelak zou zijn] werd zo een nationale held. Dat is onze tragedie. De Russen hebben meer geleden dan alle andere volkeren. Wij hebben voor het obscurantische idee betaald. Dankzij ons Russische voorbeeld is de wereld er nu van overtuigd dat communisme een doodlopende straat is. Het is ons probleem, maar niet onze schuld.

""Kijk, onze spirituele kracht is ons enorme geduld. Het is niet voor het eerst dat hier de levensstandaard daalt. Maar toch is Rusland nog steeds redelijk uitgebalanceerd. Dat is een christelijke categorie. Dat gezonde verstand is een genetische eigenschap van de Russen. Maar we hebben het kritieke punt nagenoeg bereikt. Als het pact van Brest en Minsk niet alsnog wordt omgebogen in een algemeen unieverdrag, dan zullen we smoeta tegemoet gaan [een tijd der troebelen naar het voorbeeld van de periode tussen 1598 en 1613, het tijdperk dat de chaos na de dood van Ivan de Verschrikkelijke afsloot]. In de Siberische stad Tsjeljabinsk heeft afgelopen jaar al een keer drie dagen een pogrom gewoed tegen de winkels waar niks te krijgen was. Dat was een repetitie. Als we nu niet onmiddellijk met economische hervormingen beginnen - die Jeltsin tot nu toe steeds voor zich uitschuift - zullen de mensen de straat opkomen. Niet om te protesteren tegen een concrete macht, nee, die zullen dan geen onderscheid meer maken tussen communisten en democraten, maar gewoon tegen de macht in het algemeen omdat die in hun ogen dan schuldig is. Mensen als Vladimir Zjirinovski zullen dan niet opduiken, maar wel slimmere en flexibeler types als Viktor Alksnis [de Lets-Russische kolonel die zich opwerpt als tolk van alle Russen waar ook in de unie en spreekbuis van het platgeslagen middenkader in het leger]. Zijn nieuwe beweging Nasji [onze] zal dan de coalitie van massa's kunnen worden. Nasji heeft nu de historische rol opgeëist om de Russische nationalisten te verenigen en aan te voeren. In feite is het niet meer dan een idee van het lompenproletariaat. Maar dat is tegenwoordig heus niet meer alleen de onderste laag van de arbeidersklasse. Ook delen van de intelligentsia zijn verlompt. Je kan er ongeveer 30 procent van de bevolking toe rekenen.

""Organisaties als Nasji zullen tegen die tijd kunnen profiteren van de smoeta. Alleen de naam al: wij tegen zij. In principe is het een obscure beweging, maar in extreme situaties verliezen de mensen hun rationaliteit.''

Zonder huis

""En dan is er nog het leger. De krijgsmacht is vóór de unie. Het leger zal nooit accepeteren dat de unie wordt afgebroken. Want dan zullen vijftien miljoen soldaten en officieren, inclusief hun gezinnen, ineens zonder huis komen te zitten. Kijk maar naar wat er al is gebeurd in Tiraspol. De Moldaviërs wilden de in meerderheid Russische stad Tiraspol overnemen. Maar daar woonden achtduizend militairen. Hun commandant zei al: ik kan niet garanderen dat er niets gebeurd als jullie Moldaviërs je hier komen vestigen. Via dat soort gebeurtenissen kan Nasji opkomen. We hebben geen Pinochet. Onze Pinochets kunnen niet in markttermen denken, die kunnen alleen commando's begrijpen. Onze Pinochets zullen daarom terugkeren naar een dirigistische economie.''

En toch, ondanks alles wenst Travkin niet onder te gaan in pessimisme. Het is nog niet te laat om van het oude socialistische rijk een fatsoenlijke conservatief democratische staat te maken. Hij blijft hopen op die andere lagen van de bevolking. Die moeten de "ouwehoerende' politici tot de orde roepen. ""Het volk houdt zich niet bezig met al die manoeuvres. Dat zijn Jeltsin en president Leonid Kravtsjoek van de Oekraïne. Kravtsjoek bijvoorbeeld is tot voor kort altijd het hulpje van de chef geweest en werd vervolgens zelf partijchef. Hij is steeds de apologeet van het communisme geweest, tot die ene dag in augustus waarop hij radicaal Oekraïens werd. Maar ze komen wel allemaal uit het systeem. Dat systeem heeft hen geleerd hypocriet te zijn, te intrigeren enzovoort. Die opleiding gebruiken ze nu. Het akkoord van Brest is niet meer dan een politieke show. Het is een puur politieke stap geweest om wraak te kunnen nemen op Gorbatsjov.

""Maar ik blijf optimist. We leven al eeuwen samen. Er is nog nooit zoiets geweest als een aparte Oekraïne. In Rusland woonden altijd ook Basjkieren, Jakoeten, joden en Tataren. Uiteindelijk kun je het leven niet bedriegen. Hooguit voor een korte tijd, maar niet lang. Er zijn algemene wetten voor sociale ontwikkeling.''