VEILING

Er was niemand, zo heeft een minister mij eens verteld, die tegen Melina Mercouri nee durfde te zeggen.

De meeste andere Europese ministers van cultuur, haar collega's, waren bovendien van de generatie die als jongeling met open mond naar haar had zitten kijken - zoals ze in Nooit op Zondag uitdagend en ongenaakbaar over de kade van Piraeus heupwiegde. Dan ben je als opponent al verloren. Zelf heb ik haar één keer ontmoet, bij een tentoonstelling van Nederlandse kunst in Athene. Hoe oud ze toen was, weet ik niet, maar zelfs onder haar zware make-up was ze onverbiddelijk zwoel. Tegen zo'n dame kun je inderdaad niet nee zeggen - en toen zij ooit op een EG-vergadering in Madrid het instituut der culturele hoofdstad voorstelde, Athene eerst, was het ook zover. De andere ministers hadden best bezwaren en bedenkingen: te veel gedoe, ingewikkelde organisatie, ongewenste culturele competitie - maar dat maakte geen indruk op de diva.

Inmiddels zijn we bijna tien jaar verder. Het culturele hoofdstad-wezen is voor de moderne, locale profileringspolitiek kennelijk interessant. Voor culturele instellingen die het van gedegen duurzaamheid moeten hebben, is het meestal een ramp. Ze moeten meedoen in het festivalgebeuren dat hen vaak niet past en dat vaak ook nog mislukt. Ondanks de goede bedoelingen is er altijd te weinig geld dat dan aan de instelling onttrokken wordt want voor de festivalvrolijkheid is er geen weg terug: die is aan het seizoen gebonden.

In 1992 Madrid. Het programma, gezien in het Iberia-magazine Ronda, lijkt ook voor het toerisme gemaakt. Een mengsel van leuke cultuur, folklore en een beetje avantgarde. Eén van de treurigste hoogtepunten, eind januari, niet een tentoonstelling maar een veiling waarop, in ondragelijke spanning, een belangrijke Juan Gris onder de hamer komt. En dat allemaal omdat niemand nee tegen Melina durfde te zeggen.