Rijp

De dichter Ed Leeflang (1929), die bij uitgeverij De Arbeiderspers onder andere de bundels Pennewips plek (1982) en Bezoek aan het vrachtschip (1985) publiceerde, schreef het bovenstaande gedicht uit bewondering voor Leonard Nolens.

voor Leonard Nolens

Kwam uit je dagboek, het gekwelde,

en loop het veld in op een zaterdag,

stoor het verstijfde gras, herken de wilg,

lichtelijk beijzeld. Alles is hier

per ongeluk. Alles, de starre rook

uit lange pijpen in het land,

de stompe poederhopen zand,

de tamme wieken van de molens.

De winterberken zijn frivool en dun.

Daar eten langzaam zwarte schapen bij

van hot naar her. Leeg en tevreden

ben ik, gun het mij, na nachten lezen

van intieme razernij, van mijn geknik:

zo is het, sta me bij, zo is het Nolens.