Azzi tmaar ken begrijpe

Een paar jaar geleden heeft de Newyorkse Public Service televisie - een beetje te vergelijken met onze niet-commerciële omroepverenigingen - een documentaire uitgezonden over analfabetisme in de Verenigde Staten.

De hoofdpersoon, een huisvrouw met vier kinderen, had zeven variaties avondeten op haar programma. In de supermarkt herkende ze de plaatjes op de blikken en pakjes. Ze vermeed nieuwe produkten omdat ze de tekst op de verpakking niet kon lezen, en ze schaamde zich teveel om het aan de bediening te vragen. Ze waagde zich niet buiten haar stadje omdat wat de wegwijzers te vertellen hadden voor haar geheimtaal was. Mensen die zich in de Moskouse ondergrondse wagen en geen cyrillisch schrift kunnen lezen, zijn in dezelfde situatie.

Het was in de tijd dat het analfabetisme even de aandacht van de overheid had. In de kranten verschenen pagina's met advertenties ter bestrijding van het kwaad. Hoeveel analfabeten waren er toen? Vier miljoen? Zes miljoen? Het heeft niet veel geholpen. Arme kinderen worden zelfs niet meer ingeënt tegen mazelen en de bof. Nu zie je in Manhattan op straathoeken mensen die een toestelletje verkopen dat bestaat uit blokjes met letters en plaatjes. Het is een doe-het-zelf Aap Noot Mies waarmee je als analfabeet kunt goedmaken wat de overheid heeft nagelaten. Nog even en je kunt daar ook je eigen inentingssetje aanschaffen.

Postbus 51 bestrijdt het analfabetisme in Nederland. Degenen die het spotje hebben gemaakt, schatten dat er hier ongeveer een miljoen zijn. Willem Pijffers wijdt er op de Achterpagina van deze krant, 11 december, een beschouwing aan: "Zou dat nu werkelijk zo zijn? (-) Als het tv-spotje gaat over echte analfabeten dan lijkt dat aantal van een miljoen wat overdreven.' Ik ben het niet met hem eens; ik vind het al zorgwekkend dat de vraag kan worden gesteld. Als het er een half miljoen zijn, is het ook al zeer treurig; maar ik wil geen ruzie maken over het aantal. Werkloze immigranten, hun kinderen, dropoutjes van de lagere school, kinderen van "langdurig' werklozen, de paar duizend "dakloze jongeren' die Amsterdam rijk is, die vormen bij elkaar al een stevige grondslag voor een getal van zes cijfers. Deskundigen zullen nog wel meer categorieën weten.

Is de massa van analfabeten een bedreiging voor de taal? Door die vraag te stellen, halen we de zaken door elkaar. De taal wordt bedreigd door het ingezwachteld koeterwaals waarmee de verstandhoudingen in de verzorgingsstaat worden aangeduid. Dan heb je de schrijvers, de voorhoede van de taalgebruikers, die zich niets gelegen laat liggen aan het ambacht van het zinnen maken. We hebben de school van het Azzie maar begrijp wat ik bedoel, die de mening verkondigt dat gebulk en gebrabbel "best kunnen' zolang degene die er de bron van is, nog "overkomt'. 't Is jammer dat die mensen niet beter weten. Met vereende krachten zijn ze al jaren in de weer de normen van het duidelijk spreken en schrijven te verlagen.

Maar wordt hiermee de ondergang van het Nederlands aangekondigd? Er onstaat een ander Nederlands: een steenkolen-taal, basic-Nederlands, ontdaan van allerlei nuancen, uitdrukkingsmogelijkheden en moeilijke woorden die niet tot het idioom van de verzorgingsstaat horen. De simpelheid van dit nieuwe taaltje maakt het bruikbaarder voor alle mensen die aan ons gewone Nederlands niet eens willen beginnen. Vereenvoudiging van de taal is een remedie tegen analfabetisme. Niet om literaire, wel om politieke redenen zouden we voorstander van dit Nieuw-Simpel-Nederlands moeten zijn; het NSN dat naast het ABN ontstaat.

Wie het NSN onder de knie heeft, is geen analfabeet. Hij doet mee aan de maatschappij, al is het dan een klassenmaatschappij. Hij kan lezen over zijn belangen, formulieren invullen, eenvoudige bezwaarschriften schrijven, kortom: zich als burger verdedigen. De echte analfabeet staat buiten de maatschappij, zelfs al kijkt hij de hele dag naar de televisie. Dat is trouwens, bij doelgericht schakelen, een permanente cursus praktisch fascisme. Analfabeten horen tot de onderklasse in aanbouw; ze zijn de paria's uit wie straks de stoottroepen van de volgende "nihilistische revolutie' worden gerecruteerd. Misschien is het tijd dat boek van Rauschning te herdrukken.

"Mijn cirkels, mijn cirkels!' riep Archimedes voor de soldaten hem de hersens insloegen. Ik roep nog: "Postbus 51, Postbus 51!'