Voor een vuist vol glazen stenen

Gems of Costume Jewelry door Gabriele Greindl. Uitg. Abbeville Press, imp. Nilsson & Lamm, 240 blz. Prijs ƒ 139,75.

Gabriele Greindl voert campagne. Met haar boek Gems of Costume Jewelry wil ze onomstotelijk bewijzen dat bijouterie geen "nep' is, zoals vaak misprijzend wordt gezegd, maar een eigen schoonheid en bestaansrecht heeft. Om dat doel te bereiken heeft ze niet alleen prachtige exemplaren uit heel Europa en Amerika laten fotograferen, maar ook een uiterst gedegen historisch overzicht geschreven.

In Amerika heten namaak-edelstenen rhinestones, naar het Duitse woord Rheinkiesel, kleine stukjes bergkristal die door de rivier zijn meegevoerd en gepolijst. In Europa is de benaming "strass', naar de Fransman Georges Frédéric Stras die in de achttiende eeuw een enorme populariteit (en rijkdom) bereikte met het maken van sieraden met glazen stenen. Pas in de vorige eeuw werd de fabricage van strass zo geperfectioneerd dat het een massaprodukt werd. Interessant, en minder bekend, zijn de bijoux die in de negentiende eeuw van geslepen en gepolijst ijzer en staal werden gemaakt. Het gietijzeren juweel werd in Frankrijk heel populair nadat Napoleon bij de verovering van Berlijn de begeerde mallen had geconfisqueerd en naar huis had laten sturen.

Helaas heeft Greindl in het tweede en grootste deel van het boek, de kleurenfoto's, deze opzet - chronologisch en per land - verlaten. De afbeeldingen zijn verrukkelijk, maar nogal verwarrend gerangschikt. Soms zijn ze ingedeeld naar vorm (bladeren, dieren, strikken, sterren), dan weer naar functie (oorbellen, colliers, armbanden), naar ontwerper (de Amerikaan Eisenberg) en zelfs naar materiaal (strass in combinatie met bakeliet).

Dat neemt niet weg dat ze uit verzamelingen van musea en particulieren ruimschoots bewijsmateriaal heeft gehaald voor haar stelling dat niet-edele sieraden niet onderdoen voor "echte'. Noch wat technisch vernuft, noch wat vormgeving betreft - en zo langzamerhand beginnen de prijzen van deze collector's items die van "echt' aardig te naderen. Als laatste wapen brengt Greindl filmsterren met onmiskenbare glamour in stelling, zoals een zwoele Marlène Dietrich (met armbanden), een argeloze Audrey Hepburn (diadeem, oorbellen en een gigantisch collier) en Marilyn Monroe. Met een ondeugende lach toont zij vuisten vol juwelen aan de camera: a girl's best friend, net echt.