De atoomtechnologie van het oude Sovjetrijk is nog zeer bedreigend

Het nucleaire arsenaal van wat tot voor kort de Sovjet-Unie was zou binnenkort wel eens een grotere bedreiging voor het Westen kunnen worden dan het tijdens de Koude Oorlog was. De Oekraïne, met duizenden atoomwapens op zijn grondgebied, is onafhankelijk geworden. Boris Jeltsin, president van de Russische Republiek, heeft talloze centrale ministeries afgeschaft en nucleaire wetenschappers en raketdeskundigen worden op grote schaal werkloos.

Temidden van deze wanorde doemt het gevaar op dat de Sovjet-atoomwapens in verkeerde handen vallen of dat het wapencomplex, in zijn geheel dan wel onderdelen daarvan te koop worden aangeboden. Omgaan met de gevaren die een onlosmakelijk onderdeel zijn van van deze instabiliteit op nucleair terrein, zou wel eens de belangrijkste defensie-uitdaging van de Verenigde Staten in de jaren negentig kunnen worden.

De Sovjets hebben zich lange tijd kunnen verheugen in een onverdiende reputatie als niet-verspreiders van kernwapens. Terwijl zij met de mond hun zogenaamde verzet tegen het verspreiden van kernwapens beleden, hielpen ze in het geheim India met het maken van plutonium, het belangrijkste ingrediënt voor nucleaire wapens. Ze bezaaiden het Middden-Oosten met raketten die van kernkoppen konden worden voorzien. Ze boden Brazilië en India de technologie voor lange afstandsraketten. Als gevolg van de Sovjet-handel in nucleaire technologie konden Brazilie en India verworden tot een bedreiging met intercontinentale ballistische raketten.

Elke Sovjet-leverantie op dit gebied aan India en Brazilië ontkracht het belangrijkste internationale instrument om nucleaire proliferatie tegen te gaan. Groot-Brittannië, Canada, Frankrijk, Italië, Japan, West-Duitsland en de Verenigde Staten kwamen in 1987 overeen geen raketten te verkopen met een lading van meer dan vijfhonderd kilo bij een bereik van meer dan honderdtwintig kilometer. De Sovjet-Unie weigerde zich bij dit akkoord aan te sluiten, maar beloofde later dat ze zich eraan zou houden. De contacten met Brazilië en India vormen geen uitzonderingen. Sinds de jaren zestig heeft de Sovjet-Unie korte- en middellange afstandsraketten verkocht aan diverse ontwikkelingslanden, waaronder Irak, Syrie, Egypte, Libië, Afghanistan, Jemen en Koeweit. Tot deze leveranties behoorden ook de beruchte Scud B-raketten die Irak in een langere afstandsversie tijdens de Golfoorlog op Israel afvuurde en waarmee het Amerikaanse militairen in Saoedi-Arabië doodde.

De nucleaire export van de Sovjet-Unie naar India is even storend en maakt duidelijk dat, als de export-controle niet wordt versterkt en er geen garanties komen van alle voormalige Sovjet-republieken, we gevaarlijke nieuwe wapenverkopen kunnen verwachten. Midden jaren tachtig heeft de Sovjet-Unie India ten minste tachtig ton zwaar water uit de Oekraïne geleverd, in strijd met het non-proliferatieverdrag. Zwaar water is bedoeld voor reactors die plutonium produceren, een explosief metaal dat de kern uitmaakt van atoombommen. Tachtig ton is voldoende om plutonium te maken voor ongeveer zes bommen per jaar. Zwaar water-leveranties werden gedaan voor en tijdens de heerschappij van Gorbatsjov en de man die er de leiding over had, staat nog steeds aan het hoofd van Tekhsnabexport, het Sovjet-bureau voor nucleaire export.

Uit correspondenties van Amerikaanse diplomaten valt op te maken dat het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken op de hoogte was van de Sovjet-leveranties maar er niet tegen optrad. Hetzelfde gold voor de IAEA, het internationale atoomenergiebureau, ondanks het feit dat India en de Sovjet-Unie onder het in 1970 gesloten verdrag vallen op grond waarvan het IAEA van dergelijke leveranties op de hoogte moet worden gesteld.

Wij hebben de IAEA documenten aangeboden die het bewijs leveren van de Sovjet-leveraties, maar het heeft India nooit gevraagd te mogen inspecteren waarvoor het zwaar water wordt gebruikt. Om te voorkomen dat India daarmee atoombommen zou gaan maken, had Moskou de geheime leveranties aan de IAEA moeten rapporteren en India moeten vragen toestemming te geven voor inspectie. India heeft de leveranties echter altijd ontkend.

Er zijn ook aanwijzingen dat de Sovjet-Unie de leverancier zou kunnen worden van landen die nog altijd weigeren het nucleaire nonproliferatie-verdrag te ondertekenen. Drie weigeraars, India, Israel en Pakistan zijn alle drie kandidaat geweest voor Sovjet-kernreactors. Het Sovjet-aanbod aan India om een kernreactor te leveren schond het embargo op reactor-verkopen aan India dat was ingesteld na India's kernproef van 1974. Moskou heeft zich beraden op een soortgelijke reactor-leverantie aan Israel, maar daar tot dusver nog geen uitvoering aan gegeven. Als het doorgaat, zou deze leverantie een overeenkomstig embargo tegen dit land schenden. In Pakistan hebben de Sovjets overwogen Frankrijk te vervangen als reactorleverancier. Al deze 'deals' zouden de pogingen ondermijnen om deze landen onder het nonproliferatie-verdrag te krijgen.

Half oktober leek een ervaren Sovjet-diplomaat deze mogelijke leveranties in twijfel te trekken met de opmerking dat de Sovjet-Unie vanaf begin volgend jaar geen belangrijk nucleair materiaal zal leveren aan landen die niet al hun kernreactors openstellen voor internationale inspectie. Maar vorige maand, drukte Moskou alle hoop de kop in met de officiële mededeling dat men niet tot een dergelijke politiek zou overgaan. Op dit moment is het niet duidelijk wat voor politiek de voormalige supermacht gaat volgen.

De Verenigde Staten zouden de voormalige sovjet-republieken moeten oproepen om het tij te keren. De onafhankelijke Oekraine kan nu de gevaarlijke Sovjet-kraan met zwaar water dichtdraaien. Als de Oekraïne zijn zwaar water-export beperkt tot landen die het nonproliferatie-verdrag hebben getekend, komt India onder grote druk te staan om zich ook aan te sluiten, omdat het onmogelijk al zijn reactors draaiende kan houden zoner zonder de jaarlijkse import van zwaar water. Een dergelijke export-politiek zou Kiev op een lijn brengen met Westerse exporteurs, die tegenwoordig allemaal deze politiek volgen als middel om de verspreiding van atoomwapens tegen te gaan. Wellicht is Kiev bereid tot zo'n stap in ruil voor Westerse hulp.

Als onderdeel van afspraken over hulp, zou het Westen moeten voorstellen de vernietiging van de Sovjet-atoomwapens buiten Rusland te financieren. Het Congres heeft toestemming gegeven voor een bedrag tot vierhonderd miljoen dollar voor deze taak, maar er zal meer nodig zijn. Zonder twijfel is het goedkoper bommen te vernietigen dan je ertegen te moeten verdedigen. Het geld voor vernietiging zou nog een positief neveneffect hebben: werk voor een aantal van de duizenden werkloze Sovjet-atoomwetenschappers en ingenieurs. Een deel van deze deskundigen heeft al gesolliciteerd bij buitenlandse bedrijven. Het zou veiliger zijn als ze op de loonlijst van de republiek stonden voor het vernietigen van bommen dan op een Libische of Iraanse loonlijst voor het produceren ervan.

De ineenstorting van de Sovjet-Unie is voor alles een probleem van nucleaire proliferatie. Gezien de risico's, zou de regering-Bush als voorwaarde voor diplomatieke erkenning moeten eisen dat iedere republiek die onafhankelijkheid wil eerst het nonproliferatie-verdrag ondertekent. Als net onafhankelijk geworden republieken zoals de Oekraïne lid willen worden van de wereldmarkt, zullen ze akkoord moeten gaan met de plichten die dat met zich mee brengt.

Copyright The Washington Post-NRC Handelsblad.Het voormalige Sovjet-rijk bestaat niet meer en Lenin is van zijn sokkel gehaald maar toch gaat er van de knowhow die de Sovjet-Uniebied van de atoomtechnologie bezat, nog een grote dreiging uit (foto AP).