Centrale Bank grijpt in bij VHS

ROTTERDAM, 12 DEC. Bij het vastgoedfonds VHS zijn door De Nederlandsche Bank twee (stille) curatoren aangesteld. Die zullen onderzoeken of surséance van betaling de beste uitweg is.

Daarmee is duidelijke geworden dat VHS het afgelopen jaar van de regen in de drup is beland toen het de ene grootaandeelhouder inwisselde voor de andere. Wie de prioriteitsaandelen in handen heeft, heeft het bij VHS voor het zeggen. Tot begin vorig jaar was dat Interforce, een Rotterdamse projectontwikkelaar die inmiddels in surséance van betaling terecht is gekomen.

VHS was niet blij met Interforce, dat zelf panden inkocht en die dan soms doorverkocht aan VHS. Dat waren niet altijd de panden die VHS wilde hebben. Op het laatst werden enkele aankopen door VHS zelfs ongedaan gemaakt. Maar VHS (waarover Interforce de directie voerde) had al wel aanbetaald en had dus ook nog geld (7 miljoen) van Interforce tegoed. Dat geld is grotendeels terugbetaald en voormalig president-commissaris van VHS, mr F.H. Kernkamp stelde op 12 maart van dit jaar: “De conclusie mag daarom zijn dat VHS zonder kleerscheuren van Interforce afkomt.”

Die mening wordt niet door iedereen gedeeld. De Ondernemingskamer doet op verzoek van de Haagse bouwonderneming Habo (eigendom van de gemeente Den Haag) een onderzoek naar de gang van zaken bij VHS in de periode 1987 tot 1990. De Habo heeft immers zo'n 2,5 miljoen gulden koersverlies geleden op haar aandelen VHS en meent dat die schade te verhalen is. Hetzij op het bestuur van VHS in die tijd (naast commissarissen ook Interforce), hetzij op de banken, die de ontvlechting tussen Interforce en VHS begeleidden. Vooral de rol van Paribas staat daarbij ter discussie.

Maar dat was allemaal verleden tijd, kregen de aandeelhouders VHS dit jaar te horen. Nu Interforce weg was zou schoon schip gemaakt worden. De banken en de curator van Interforce hadden een nieuwe grootaandeelhouder voor VHS gevonden. Dat was de R&R Group of Companies.

Die kwam op verrassende wijze binnen en tegen een lagere prijs dan de koper die Paribas eerst had gevonden. Maar VHS was ten minste gered, zo werd gesteld.

Later bleek R&R een onderneming waarvan de achtergronden in de Kamer van Koophandel niet eenvoudig in overeenstemming zijn te brengen met de uitspraken van haar woordvoerders. In het begin waren de nieuwe commissarissen en nieuwe directie van VHS lyrisch over hun partner. Geen wonder. R. Meier Mattern, directeur van R&R was opgegroeid vlak bij G. Witteveen, de nieuw aangetrokken directeur van VHS, en ze hadden nog samen bij Bankamerica gewerkt.

Ook de nieuwe commissarissen van VHS, die het nieuwe imago van het fonds gezicht moesten geven, voormalig KLM-topman Sergio Orlandini (die bij Meier Mattern in de buurt woont) en ex-PvdA kamerlid Harry van den Bergh, waren opgetogen. R&R zou niet alleen onroerend goed inbrengen, waardoor de onderneming een betere schaalgrootte kreeg, maar zou ook zorgen voor nieuw vermogen, dat VHS hard nodig had omdat het teveel geld bij de banken had geleend.

“Zo is reeds een voorovereenkomst gesloten met de Nederlandsche Grondbriefbank NV, die zal resulteren in een aanzienlijke uitbreiding van het eigen vermogen,” schreef de op dat moment van R&R afkomstige directie van VHS op 11 juni van dit jaar in het jaarverslag. Meier Mattern presenteerde zich ook in de pers als een goede vriend van Maup Caransa, de grote man achter die Grondbriefbank en iemand wiens familie ook regelmatig met R.J. Doorn wordt gezien. Hij sprak over “creatieve financieringen” en over de honderden miljoenen grote onroerend goed portefeuille van R&R met bezittingen niet alleen in Nederland, maar ook in Monte Carlo en Zuid-Afrika.

Zelfs de accountant was optimistischer dan in deze beroepsgroep gebruikelijk. Bij het samenstellen van de jaarrekening is ervan uitgegaan dat de vennootschap in staat is nieuw eigen vermogen aan te trekken, zo schreef hij in het jaarverslag.

Maar de nieuwe grootaandeelhouder kon niet leveren. Niet alleen over het nieuwe kapitaal, maar ook over het ingebrachte onroerend goed konden de financiers van VHS geen echte duidelijkheid verkrijgen.

Pag 25:

Financiers in onmin met grootaandeelhouder

Die financiers (MBO, Paribas, Banque de Suez, Van Lanschot, de Haarlemse Hypotheekbank, de Rabo, de FGH en verzekeraar Zwitserleven die een forse lening heeft verstrekt) hadden geen onmin met de directie van VHS, maar wel met de grootaandeelhouder.

Die had inmiddels zo zijn eigen problemen. Een Zweedse bank liet beslag leggen op panden die R&R net had gekocht en bovendien werd in september een uitleveringsverzoek van de Zwitserse justitie ingewilligd. De Zwitsers zochten R.J. Doorn, een van de oprichters van R&R, wegens een internationale effectenzwendel.

Naar verluidt zou R&R panden van VHS onder de boekwaarde hebben willen verkopen, om zo aan contant geld te komen. Een van de twee niet ongebruikelijke constructies waarmee beheerders van onroerend goed fondsen aandeelhouders kunnen benadelen. (Van de constructie andersom met hetzelfde resultaat: Onroerend goed te duur inbrengen, verdenkt de Habo Interforce).

Als houder van de prioriteit had R&R zijn zin door kunnen drijven, maar commissarissen en directie werkten niet mee met de wolf in schaapskleren die zij in hun ogen hadden binnengehaald. Poison-pill kon een bezoeker enige tijd geleden zien staan op de kamer van de directeur van VHS en nu wordt langzaam duidelijk hoe de invloed van R&R is weerstaan.

De financiers van VHS lieten duidelijk weten dat er wat hen betreft niet te praten viel als directie of commissarissen zouden opstappen. Ook de beurs eist wat dat betreft duidelijkheid (zoals bijvoorbeeld Klene heeft gemerkt). Op de achtergrond moest ook De Nederlandsche Bank te vriend worden gehouden wilde VHS ooit weer zijn fiscale status als beleggingsinstelling terug krijgen.

Met de eisen van de toezichthouders in de hand kon de grootaandeelhouder een ultimatum worden gesteld. De beurs moest op 6 december halfjaarcijfers hebben en duidelijkheid over de aangekondigde statutenwijziging. Maar VHS kende al geruime tijd “liquiditeitsspanningen” en kon niet met acceptabele cijfers komen, temeer daar een vordering op R&R onduidelijk was. In april had VHS twee vennootschappen gekocht van R&R maar zoals zoveel rond deze groep bleken ook hier de vorderingen die op deze BV's rusten en de verstrekte zekerheden niet in overeenstemming met wat was gedacht. De relatie tussen VHS en R&R werd ronduit onprettig.

Als er niet snel geld binnen komt moeten we zelf surséance aanvragen, werd de groot-prioriteits aandeelhouder cq commissaris voorgehouden door de directie en de twee andere commissarissen. Meier Mattern stelde eerst nog voor de zaak uit te stellen. Hij zou met een financieringsplan komen. Dat bleek opnieuw niet te lukken. Nu hebben directie en commissarissen hun positie jegens R&R in zoverre veilig gesteld dat niemand in de vennootschap meer iets mag doen zonder toestemming van de stille curatoren, die opmerkelijk genoeg absoluut niet stil naar binnen zijn gebracht.

In stilte daarentegen lijden de financiers van R&R. Meier Mattern heeft weer in Zuid-Afrika domicilie gekozen. Op zijn huis hier is beslag gelegd. Banque de Suez zou grote vorderingen op R&R hebben, die niet geheel gedekt worden door in Nederland aanwezige zekerheden, zo gaat het gerucht in de markt. Daar wordt in dit verband gewezen op overeenkomsten met de manier waarop Crédit Lyonnais in Nederland onder druk van het Franse hoofdkantoor filmmagnaat Parretti financierde.