Surinaamse politieman buiten functie gesteld

AMSTERDAM, 11 DEC. Wegens het onderhouden van contacten met personen uit de kring van de Surinaamse legerleider Bouterse is drs. E.S., de voormalige coördinator minderhedenbeleid bij het Amsterdamse politiekorps, buiten functie gesteld. Dit heeft de Amsterdamse hoofdcommissaris Nordholt vanochtend op een persconferentie bekendgemaakt. Tegen S., die tot gisteren de functie van algemeen adviseur van de korpsleiding vervulde, zal een ontslagprocedure worden gestart.

Nordholt meent dat de berichtgeving rondom de infiltratie van de Surinaamse cocanemafia in het Amsterdamse politiekorps een zware slag heeft toegebracht aan het allochtonenbeleid. Sinds vorig jaar heeft de korpsleiding volgens Nordholt "zeer zorgvuldig' toegezien op de werving van agenten die eerder bij de Surinaamse politie werkten. Vorig jaar werd een groep van 20 Surinaamse agenten afgewezen, omdat het onmogelijk bleek hun antecedenten na te gaan.

In september werd bekend dat de Binnenlandse veiligheidsdienst (BVD) onderzoek deed naar mogelijke infiltratiepogingen van de Surinaamse drugsmafia bij Nederlandse overheidsinstellingen. Uit onderzoek van de BVD is gebleken dat de uit Suriname afkomstige S. contacten onderhield met Bouterse en andere personen uit het leger en de politiek in Suriname, aldus Nordholt. De man verzweeg deze contacten en zijn reizen naar Suriname voor de korpsleiding.

Nordholt verklaarde dat het onderzoek wat het politiekorps van Amsterdam betreft met de schorsing van S. definitief is afgesloten. Ook een woordvoerder van de BVD sprak vanochtend desgevraagd de "voorzichtige verwachting' uit dat op korte termijn, voor wat het Amsterdamse politiekorps betreft, geen nieuwe aanwijzingen van infiltratie aan het licht zullen komen.

Het onderzoek van de BVD heeft zich volgens Nordholt op meerdere personen gericht, maar alleen tegen S. bestonden concrete aanwijzingen van "ongewenste contacten'. Daarbij is niet gebleken dat S. zich aan strafbare feiten schuldig heeft gemaakt. Nordholt zei verder dat de eerdere overplaatsing van S. binnen het korps niet in verband stond met diens ongewenste contacten.