Rusland stelt prijshervorming twee weken uit

MOSKOU, 11 DEC. De Russische Federatie zal de prijzen van de meeste levensmiddelen en andere goederen pas vanaf 2 januari volgend jaar vrijgeven. Dat heeft het Sovjet-persbureau Tass gisteren meegedeeld.

Eerder werd bekend dat de opheffing van de prijsstabilisering op 16 december zou plaatshebben. De verschuiving heeft de instemming van Wit-Rusland en Oekraïne, twee republieken waarmee de Russische Federatie zondag de oprichting van een Gemenebest van onafhankelijke staten aankondigde.

De drie willen nu eerst tot een betere coördininatie van hun onderlinge economische beleid komen, waardoor de kansen op een betere samenwerking met het Westen worden vergroot. Bovendien verwachten de republieken de nodige onrust wanneer de prijzen aan het vrije stelsel van vraag en aanbod worden overgelaten. Wit-Rusland en de Oekraïne hebben intussen toegezegd de Russische Federatie met additionele leveringen van vooral levensmiddelen te zullen helpen.

De economische topadviseur van president Gorbatsjov, Gregori Javlinski, heeft dinsdag tegenover de Japanse premier Miyazawa laten weten dat een complete liberalisering van de prijzen in de (voormalige) Sovjet-Unie onmogelijk is. Volgens Javlinksi bestaat er bij het vrijgeven van de prijzen een grote kans op sociale onrust en hyperinflatie. De econoom voegde er evenwel aan toe dat door de ineenstorting van de centrale macht in de Unie de weg terug naar een geleide economie definitief is afgesloten.

Volgens zegslieden bij het Britse ministerie van buitenlandse zaken zullen vertegenwoordigers van de G-7, de groep van zeven rijkste industrielanden, nog deze week in Londen bijeenkomen om de eerder overeengekomen noodhulp aan de voormalige Sovjet-Unie en de republieken te coördineren. Deze hulp staat los van de voedselhulp ter waarde van 575 miljoen gulden aan de steden Moskou en Sint Peterburg waartoe de EG-topconferentie in Maastricht gisteren besloot. De G-7 zullen dit jaar volgens een zegsman in Londen voor in totaal 11 miljard dollar aan voedselhulp, medicijnen, voedselkredieten en andere noodhulp aan de voormalige Sovjet-Unie beschikbaar stellen. De G-7 landen zijn Canada, Duitsland, Frankrijk, Groot-Britannië, Italië, Japan en de Verenigde Staten. Op de vergadering in Londen zullen ook de Europese Commissie, het Internationaal Monetair Fonds, de Wereldbank, de Europese Bank voor ontwikkeling en reconstructie en de OESO zijn vertegenwoordigd. (Tass-Reuter)

Volgens het Britse Dagblad Financial Times probeert de Russische Federatie van president Jeltsin een speciale overeenkomst met het Internationaal Monetair Fonds te sluiten die voorziet in een Westerse kapitaalstroom van miljarden dollars ter ondersteuning van de economische hervormingen in Rusland. Dat zou de eerste overeenkomst worden met een land dat nog geen lid is van het IMF en dat bovendien nog niet internationaal is erkend.

De druk van Russische zijde op het IMF om spoed te betrachten is een teken van de groeiende zorg in Moskou dat het proces van desintegratie niet meer door de regering in de hand kan worden gehouden. Bij het IMF heerst echter vrees dat de Russishe hervormigen vertraging oplopen en dat individuele ministers zich niet zullen houden aan voorwaarden die de organisatie voor de hulp stelt.