Eénpersoons management-adviesbureau voor Oosteuropese markt; Ex-Philips werknemer "begint opnieuw'

APELDOORN, 11 DEC. Vrienden vertellen Gerrit-Jan Esser (57) wel dat hij met zijn nieuwe bedrijfje jarenlange frustraties probeert weg te werken. Esser bestrijdt die verhalen niet.

Gedurende 30 jaar was Esser werkzaam bij Philips. “Veel talenten bleven bij Philips onbenut”, vertelt hij. “Het management was permanent bezig brandjes te blussen en er was voortdurend ruzie tussen lijn en staf.”

In juni van dit jaar moest Esser, werkzaam bij de computerdivisie in Apeldoorn die inmiddels is verkocht aan het Amerikaanse Digital, vertrekken. Hij werd een van de eerste slachtoffers van reorganisatie Centurion. In totaal moesten 1.500 Nederlandse Philipswerknemers tussen 45 en 55 jaar het veld ruimen, evenals 4.500 werknemers van 55 jaar en ouder.

Esser ging op zoek naar een “einde-carrière-assignment”. Het werd “handel in kennis”. “Ik kon het er gewoon niet bij laten zitten. Anderen kopen dan een zeilboot, ik begon opnieuw.”

Esser begon een éénpersoons management-adviesbureau voor de Oost-Europese markt, Expertise Roadmap International (ERI). “Velen waren zeer sceptisch en ik weet zeker dat ik achter mijn rug om werd afgeschilderd als hemelbestormer”, vertelt hij in zijn éénkamer-kantoor aan de Apeldoornse Koninginnelaan. Aan de andere kant van de gang zetelt een software-bedrijf, eveneens gerund door voormalig Philipswerknemers.

Vandaag maakte ERI zijn eerste grote succes wereldkundig. Samen met twee andere organisatie zal ERI in Tsjecho-Slowakije marketingonderwijs voor het middenkader introduceren volgens een methode die is ontwikkeld door het Nederlands instituut voor marketingonderwijs, NIMA. Jaarlijks volgen ongeveer 20.000 werknemers in Nederland buiten werktijd cursussen die leiden tot de diploma's van het NIMA. Het NIMA-diploma is het belangrijkste Nederlandse marketing-diploma, naast de diploma's van het dagonderwijs.

Het Tsjechische ministerie voor industrie - het collega-ministerie in Slowakije is nog niet zover - zal met hulp van ERI, het NIMA en opleidingsinstituut SRM, Stichting Reclame en Marketingonderwijs, de Nederlandse onderwijsmethode in eigen land introduceren. Het Nederlandse ministerie van sociale zaken stelt bijna 1 miljoen gulden ter beschikking, de Tsjechische overheid legt 5 miljoen kronen op tafel, omgerekend 350.000 gulden, maar - zegt Esser - in koopkracht vergelijkbaar met 3,5 miljoen gulden.

“In Tsjecho-Slowakije moeten voor volgende zomer 1500 industriële ondernemingen worden geprivatiseerd”, schetst Esser het het belang van marketingonderwijs voor het land. “De meeste mensen daar weten niet wat marketing is. Jarenlang werden ze beoordeeld op de omvang van de produktie. Nu men zich noodgedwongen op de Westerse markten richt, loopt die aanpak spaak.”

Naast marketingonderwijs geeft Esser, al dan niet in combinatie met anderen, cursussen in kwaliteitsbewaking en projectmanagement. Een lespakket "logistiek' is in de maak. Ook wordt inmiddels gesproken over expansie in Polen en Hongarije. Een van ERI's Tsjechische opdrachtgevers is de producent van gasfornuizen en verwarmingsketels Moravia.

De succesvolle start van ERI heeft Esser in niet onbelangrijke mate te danken aan zijn vroegere werkgever. Eind 1989 zeiden een aantal Westerse ondernemingen de kersverse Tsjechische president Vaclav Havel steun toe bij de opbouw van een economie naar Westers model. Ook Philips beloofde een bijdrage te leveren.

In opdracht van Philips verzorgde Esser een management-seminar voor 15 Tsjechische managers in het luxueuze conferentie-oord de Ruwenberg. Dat leverde Esser een aantal belangrijke kontakten op bij de Tsjechische overheid en boodt hem de kans naam te maken bij een aantal belangrijke Tsjechische bedrijven. Een van de deelnemers aan de cursus fungeert nu als "agent' van ERI in Tsjecho-Slowakije. “Het is geen officiële agent. Het is mijn kontaktpersoon. Soms stop ik haar wat geld toe, dan springt ze een gat in de lucht.”

Over het financiële succes van ERI laat Esser zich niet uit. “Ik kan mijn hoofd boven water houden en het is wel de bedoeling dat ik er iets aan overhoudt.” Over zijn donkerblauwe "directie-auto' zegt hij dat die niet is verdiend met managementtraining in Oost-Europa.