Wat de bank je niet vertelt

De mannen en vrouwen van de meedenkbank - binnenkort zelfs gepromoveerd tot ING Bank - kloppen zich graag op de borst over hun zorg voor de geachte cliënten. Zij pretenderen een warm bad te zijn na een vermoeiende dag. Alle zorgen voorbij en als het moet wast hij of zij je rug en als het nodig is ook nog je oren. Een belegger in de buurt van Eindhoven ging nog maar kort geleden door de knieën voor zo veel medeleven en bracht zijn effecten over naar het kantoor Eindhoven van de NMB.

Recentelijk werd hij evenwel verrast door een aardige brief van de bank waarin stond dat “helaas enkele tarieven naar boven bijgesteld moesten worden.” Waarna de brief verder ging: “Met ingang van mei 1991 is het bewaarloon, dat aan het begin van het jaar per vooruitbetaling verschuldigd is, gesteld op 25,00 gulden per depot, vermeerderd met 2 promille over de waarde van het depot. Per afzonderlijk fonds wordt dit bedrag verhoogd met 3,50 gulden. Alle kosten zijn exclusief btw. De bewaarloonkosten zullen begin 1992 automatisch in rekening worden gebracht en hebben betrekking op dat jaar.”

De bank legt verder heel vriendelijk uit dat het naar boven bijgestelde bewaarloon relatief hoge kosten tot gevolg kan hebben. “Om teleurstellingen in de toekomst op dit vlak te voorkomen”, gaat de brief verder, “bieden wij u hierbij echter graag een alternatief aan. Tot 20 december kunt u uw effecten verkopen, waarna wij de provisie over deze orders zullen restitueren, indien u besluit de hieruit vrijgekomen gelden te herbeleggen in een van de NMB huisfondsen, zodat u op deze wijze op een aanzienlijk voordeliger manier de beurzen kunt blijven volgen.” Is dat klantvriendelijk of niet?

Enkele berekeningen moeten dat kunnen aantonen. Een belegger met voor 50 duizend gulden aan effecten in depot, betaalt in 1992 een vaste vergoeding van 25 gulden, vermeerderd met 100 gulden; 2 promille van de depotwaarde. Plus de fondsvergoeding van bij voorbeeld 35 gulden; 3,50 gulden voor tien fondsen in de portefeuille. Bij elkaar 160 gulden en 29,60 btw maakt dat totaal 189,60 gulden of 3,8 promille van 50 duizend gulden. Niemand kan dat bedrag aanvechten, want de bank maakt kosten om de portefeuille te bewaren en weet als geen ander hoe duur dat is. En wat is 3,8 promille nu eigenlijk nog als dat aftrekbaar is van dividend- en andere opbrengsten. Bij een IB-tarief van 50 procent bedragen de werkelijke kosten dus 1,9 promille. Maar daar wijst de bank niet op. Voor een depot met een waarde van 10 duizend gulden en met vijf fondsen(regels) zijn de promillages respectievelijk 7,4 en 3,7. Ter verduidelijking: 10 promille is 1 procent.

Breng je die 50 duizend gulden onder in een door de bank beheerd beleggingsfonds, dan bedragen de aan- en verkoopkosten 0,5 procent en is geen bewaarloon verschuldigd op de participaties-aandelen die in het beleggingsfonds worden aangehouden, in tegenstelling tot de eigen effectenportefeuille. Dat is wel zo, maar het beleggingsfonds is geen pro deo organisatie en moet een reeks kosten betalen.

Dat begint al bij de bewaarloonkosten die het beleggingsfonds zelf betaalt. Daar komen nog bij de kosten voor administratie, accountants, informatie, communicatie, adviezen, oprichting, reclame en advertenties, huisvesting, provisies voor aan- en verkoop alsmede kapitaalsbelasting (1 procent) over de door het beleggingsfondsen geplaatste stukken. Al deze uitgaven komen ten laste van het beleggingsfonds en worden indirect betaald door de deelnemers; in ieder geval drukken ze op de waardeontwikkeling.

Men vindt ze ten dele terug in de jaarverslagen. Een beheerloon van 1 procent, niet ongewoon, geeft een onzichtbare en niet aftrekbare kostenpost van 500 gulden. Het beheerloon is dan minstens vijfmaal zo hoog al het bewaarloon; 10 promille in vergelijking met 1,9. Ook bij een loon van een half procent, de andere kosten nog niet eens meegerekend, is omzetting van eigen beheer naar beheer door de bank niet in het voordeel van de cliënt. Zelfs niet bij een depot van maar 10 duizend gulden. Een bank (niet de NMB in haar brief) stelt daar in het algemeen hoogmoedig tegenover dat haar beheer wellicht tot betere resultaten leidt.

De zorg van de bank lijkt evenwelvooral te zijn ingegeven door eigen belang. Wanneer alle kleine beleggers van alle banken hun portefeuille zouden overhevelen naar de bank, zal het een stuk rustiger worden op de beursvloer en in de bankkantoren. Is dat, afgezien van het kostenaspect, een voordeel voor kleine beleggers? Tot nu toe hebben beleggings- en huisfondsen van banken niet bewezen dat ze beter beleggen dan het marktgemiddelde. Een eigen aanpak, met een beetje hulp en advies (van de banken?) is dus het overwegen waard.