O-Europa kijkt op top gefascineerd toe

MAASTRICHT, 10 DEC. Terwijl het Sovjet-imperium in versneld tempo verkruimelt, kijkt Oost-Europa gefascineerd toe hoe West-Europa in Maastricht verwoede pogingen doet om zich economisch en politiek te organiseren tot een wereldmacht.

De Europese Raad van staats- en regeringsleiders van de Europese Gemeenschap wordt door meer dan zeventig vertegenwoordigers van de nu onafhankelijke Oosteuropese media gevolgd. Vrijwel alle landen van het voormalige Oostblok, inclusief de Baltische landen, zijn vertegenwoordigd met televisieploegen en schrijvende journalisten.

De vraag wat deze top voor Oost-Europa kan betekenen beantwoordt Paul Lederer, journalist van het Hongaarse dagblad Nepszabadsag, vroeger de spreekbuis van het communistische regime, met de nodige nuchterheid. “Ze hebben waarschijnlijk geen tijd om zich werkelijk met de problemen van Oost-Europa bezig te houden. Er zijn voldoende interne problemen om op te lossen.” Lederer gelooft dat de top van Maastricht wel iets zal bereiken, maar wat betreft de politieke unie verwacht hij “niets dramatisch”. Dat de beslissingen over een nauwere politieke eenheid een direct gevolg zullen hebben voor de Oosteuropese landen betwijfelt hij. Daarvoor is in het verleden al bewezen dat Frankrijk, maar ook de armere landen van de EG, te veel moeite hebben om zich vrijgeviger op te stellen. “Een helpende hand van het Westen zal voor Hongarije natuurlijk welkom zijn, maar we blijven realistisch”, zo zegt Lederer. “Alles wat er aan positiefs uitkomt is goed voor ons, maar ik verwacht geen wonderen.”

Een Poolse journalist ziet als gunstig effect van de grotere integratie waar de Europese Gemeenschap naar streeft vooral de voorbeeldwerking. “Het is goed dat er een sterke Europese Gemeenschap ontstaat, want dat kan als voorbeeld dienen voor de soort samenleving die in Oost-Europa wordt ontwikkeld.” De zorg dat een hechter gecementeerde Europese Gemeenschap de toegang voor aspirant-lidstaten zou bemoeilijken, wordt niet zo groot geacht.

Ook Sovjet-journalisten menen dat een zo sterk mogelijke Europese Gemeenschap alleen maar een weldadige uitwerking zal hebben op de ontwikkelingen in de ex-Sovjet-Unie. “Als men ziet dat West-Europa zich meer verenigt, dan is er voor de republieken van het voormalige Sovjet-rijk des te meer reden om met elkaar samen te werken”, hoopt Andrej Poskakoechin van het Russische persbureau Novosti. Poskakoechin denkt dat de ontwikkeling van integratie in de EG de samenwerking met de republieken zal versterken en in de toekomst zal leiden tot een grotere gemeenschap. Wat betreft de conflicten tussen de republieken in zijn land zegt Poskakoechin dat die toch vooral lokaal zijn en niet gemakkelijk "Joegoslavische' dimensies zullen aannemen. Hij stelt zijn vertrouwen in het gezonde verstand van de leiders van de belangrijkste republieken en hoopt dat ook president Gorbatsjov nog een rol kan blijven spelen.

Poskakoechin zegt begrip te hebben voor de ongerustheid in het Westen over de enorme kernarsenalen in het nieuwe "gemenebest' van Rusland, de Oekraïne en Wit-Rusland, maar vertrouwt erop dat daarvoor een goede oplossing wordt gevonden.

Ook Lederer meent dat de bezorgdheid van het Westen wat overdreven is. Zijn vaderland, Hongarije, grenst aan de Oekraïne en zou zich dus het eerst bedreigd kunnen voelen. Lederer: “Ik geloof niet dat er een werkelijke nucleaire bedreiging is. Je kunt natuurlijk in deze idiote wereld niets uitsluiten, maar het risico van die kernwapens is niet echt serieus te nemen. Lederer heeft het idee dat de media in het Westen de kwestie wat al te alarmerend voorstellen. “Het klinkt allemaal wat te bombastisch.”