Lot van Dubrovnik extra navrant omdat het geen enkel doel dient

Sinds 1 oktober wordt Dubrovnik, de eeuwenoude havenstad aan de Zuiddalmatische kust, belegerd door het federale leger. De stad wordt beschoten vanuit zee en van de heuvels rondom de stad en gebombardeerd door de luchtmacht. Sluipschutters maken de straten onveilig. Na de buitenwijken, waar zulke grote verwoestingen zijn aangericht dat al van een Joegoslavisch Beiroet wordt gesproken, is nu het oude centrum aan de beurt, het centrum waarvan de UNESCO de cultuurhistorische waarde even groot acht als die van het centrum van Venetië. En ook na twee maanden moet de generaal nog opstaan die de Kroaten en de buitenwereld uitlegt waarom Dubrovnik zo nodig moet worden ingenomen.

Dubrovnik is de Parel van de Adria: twee meter dikke en achthonderd jaar oude muren, oprijzend uit zee, omringen een stad vol kerken, kloosters en paleizen, nauwe straatjes zonder verkeer, musea met meesterwerken van Titiaan en Rafael en Tiepolo, één van Europa's beroemdste aquaria, oude fonteinen en andere hoogtepunten van Dalmatische architectuur. Ze dateren merendeels uit de hoogtijdagen van de veertiende en vijftiende eeuw, toen Dubrovnik, of Ragusa zoals het toen heette, een bloeiende handelsrepubliek was. Dertien eeuwen oud is de stad, een brug tussen culturen, eerst tussen Rome en Byzantium, later tussen de Westeuropese cultuur en die van het Ottomaanse Rijk en Azië. Dubrovnik was lang een onafhankelijke republiek, het was een eeuw lang hoofdstad van een koninkrijk. En in die dertien eeuwen is het belegerd en begeerd door Byzantium en Turkije, Frankrijk, Hongarije en Venetië, heeft het rampzalige branden, aardbevingen en oorlogen overleefd, maar nooit is het werkelijk ingenomen: zelfs de Turken respecteerden de onafhankelijkheid van de stad, zij het tegen betaling.

Dubrovnik zal ook de bloeddorstige generaals uit Belgrado overleven. Maar voorlopig weet niemand wat er in dat oude centrum ten offer is gevallen aan de schietende Serviërs, die zich dermate in Dubrovnik hebben vastgebeten dat ze bereid zijn gebleken terwille de capitulatie van de 50.000 inwoners en hun Kroatische verdedigers, hun bommen en granaten ook op dat eeuwenoude centrum van de stad te gooien. De Kroaten hebben gemeld dat eind vorige week "onherstelbare schade' is toegebracht aan een aantal belangrijke gebouwen, dat eenderde van de oude stad is verwoest en tien procent van het oude centrum in brand staat. Of dat klopt, is onzeker. Kroatische meldingen zijn al eerder onbetrouwbaar gebleken: de behoefte, de wereld te wijzen op het wangedrag van de Serviërs is vaak groter dan de behoefte de wereld voor te lichten. Ditmaal lijken de berichten van het Kroatische persbureau HINA echter correct.

Het heeft tot consternatie geleid. Midden november, vlak voor het vorige offensief van het federale leger werd gestaakt om de evacuatie van duizenden vrouwen en kinderen mogelijk te maken, nodigde de burgemeester van Dubrovnik prins Charles uit Dubrovnik te bezoeken. De prins weigerde, want, zo liet hij weten, zijn veiligheidsmensen vonden dat niet goed. Maar hij richtte wel een oproep aan de wereld om iets voor Dubrovnik te doen. In allerlei landen hebben met hetzelfde resultaat speciale comité's hetzelfde gedaan. In Wenen besloten onlangs de schrijvers van PEN hun volgende wereldcongres in 1993 in Dubrovnik te houden - of wat er dan nog van over is. De Raad van Europa en de paus hebben de belegering van Dubrovnik veroordeeld.

Het heeft iets hypocriets de vernietiging van een eeuwenoud stadscentrum te betreuren, terwijl nu al maandenlang overal in Kroatië dorpen en steden worden belegerd, beschoten en verwoest en overal in Kroatië mensen sterven. Kranten drukken dagelijks foto's af van stukgeschoten dorpen, wanhopige mensen en lijken in stoffige hoeken tussen kapotgeschoten huizen. Is dan het oude centrum van Dubrovnik, het centrum van de ansichtkaarten en de mooie zomervakanties, belangrijker dan die dorpen en steden waar we nooit eerder van hebben gehoord, en zijn de belegerde 50.000 Dubrovcani belangrijker dan de tien- tot twintigduizend doden die al zijn gevallen of dan de inwoners van Vukovar, dat van de kaart is verdwenen?

Het antwoord is natuurlijk nee. Maar er zijn omstandigheden, die het lot van Dubrovnik exta navrant maken. De belangrijkste daarvan is de volstrekte zinloosheid van de belegering en de beschieting van Dubrovnik: er is geen enkel doel mee gediend.

Dubrovnik ligt in een smalle kuststrook die nog net tot Kroatië behoort. In die smalle strook land maken Serviërs slechts zes procent van de bevolking uit. Dubrovnik met omstreken wordt dan ook niet, zoals Vukovar en zoveel andere delen van Kroatië, opgeëist door Servië of door de Servische minderheid in Kroatië, althans niet met zoveel woorden. Territoriale aanspraken kunnen dus geen reden zijn voor de verbeten belegering van de stad. Ook strategische redenen zijn er niet. De stad is noch militair, noch als haven interessant en als men haar in Belgrado uit het oogpunt van toerisme interessant vindt, is een bombardement op het oude centrum niet de meest voor de hand liggende gedachte.

Waarom dan de belegering? Er is wel gespeculeerd dat ze een symboolfunctie heeft: het leger, aldus die redenering, boekt militair geen resultaten, het belegert Osijek, het beschiet Sisak, het gooit Vukovar letterlijk plat maar slaagt er pas in de Kroaten te verdrijven als er niets meer valt te verdedigen. Tegenover zoveel militaire incompetentie moet een succes staan: als de Kroaten hun Parel kan worden afgepakt zal dat funest zijn voor hun wil zich te blijven verzetten. De val van Dubrovnik zou een vernedering zijn voor elke Kroaat.

Het blijft bij een speculatie, want zelfs de generaals in Belgrado zal niet zijn ontgaan dat de Kroaten in Dubrovnik zich eerder laten doodbombarderen dan zich over te geven en dat bovendien de internationale verontwaardiging over het beschieten van Dubrovnik zo groot is dat de hele belegering contraproduktief wordt.

De werkelijke reden zou wel eens onheilspellender kunnen zijn. Een federale generaal wees onlangs op de aanwezigheid van de raketbasis van Hercegnovi, op dertig kilometer van Dubrovnik, vlak over de grens tussen dit stukje Kroatië en Montenegro. De federalen, aldus de generaal, wensen geen Kroaten in de buurt van die basis. Hetzelfde geldt voor de grote marinebasis op het eiland Vis, ten noordwesten van Dubrovnik.

Als de bescherming van die bases het motief is voor de belegering van Dubrovnik, roept dat akelige vragen op over de toekomst van de stad. Het impliceert dat Kroatië Dubrovnik zal kwijtraken - aan Montenegro vermoedelijk. Het impliceert ook dat die 50.000 Kroaten die er wonen er in de ogen van de federale generaals niet thuishoren en dus zouden moeten verdwijnen, waarna de stad met Serviërs en-of Montenegrijnen zou moeten worden bevolkt. Hetzelfde zou moeten gebeuren met de omgeving van de stad, vooral die van de stad Cavtat, die halverwege Dubrovnik en Hercegnovi ligt.

Het jaartal 1667 heeft de afgelopen maanden een nieuwe betekenis gekregen voor de Dubrovcani. In dat jaar werd de stad na een aardbeving getroffen door een brand, die zeven dagen en zeven nachten bleef woeden: de grootste ramp uit de geschiedenis van de stad. Maar ook de grootste ramp kan worden overtroffen. Of dat gebeurt, hangt af van de generaals in Belgrado.