Utrecht zoekt oplossing voor vuile bagger

UTRECHT, 7 DEC. De provincie Utrecht moet voor het jaar 2000 nog ruimte vinden voor ongeveer 3,2 miljoen kubieke meter bagger. Het overgrote deel daarvan is vervuild met vooral olie- en benzineresten en zware metalen. Dit blijkt uit een onderzoek dat het adviesbureau Grontmij heeft verricht ten behoeve van een provinciaal 'baggerbergingsplan'.

Het slib moet uit sloten, vaarten, kanalen en rivieren worden verwijderd met het oog op de waterloop en de scheepvaart. De meeste bagger zit in water dat door Rijkswaterstaat wordt beheerd, zoals het Amsterdam-Rijnkanaal, Merwedekanaal, Vecht en Hollandse IJssel. Blijkens steekproeven is slechts vijf tot vijftien procent van het slib niet vervuild. De provincie voorziet dat de verwerkingskosten aanzienlijk zullen stijgen. Tot voor kort werd voor bagger dat op de kant werd gestort een prijs van vijf tot tien gulden per kubieke meter gerekend. Alleen al bij licht tot matig vervuilde bagger zal de prijs tot het tienvoudige kunnen stijgen, zo verwacht de provincie.

De eerstkomende jaren zal nog geen strukturele oplossing kunnen worden gevonden. Een baggerbergingsplan met mogelijke locaties zal er op zijn vroegst in 1994 zijn, aldus de provincie. Rijkswaterstaat, provincie en waterschappen zullen gezamenlijk bijdragen in de kosten van het plan (900.000 gulden). Op dit moment werkt de provincie, samen met de andere waterbeheerders, aan een korte termijn oplossing. Baggeren is volgens de provincie alleen nog zinvol, als in de toekomst geen nieuwe vervuiling optreedt en dus de bronnen van de vervuiling worden aangepakt. Daartoe zal een saneringsonderzoek worden ingesteld.