ST. PETERSBURGSE KERSTSTOL

Richard Wagner en de St. Petersburgse kerststol waren de twee dominerende liefdes in het korte leven van Ludwig II van Beieren.

Zo valt te lezen in het boekje "De allerlaatste regel, een episode uit de nagelaten papieren van vorst Potemkin'. In dit papieren kleinood - hors commerce uitgegeven en door kunstenaar en fervent koker Nicolaas Wijnberg samengesteld - komen de "heldendaden' van Ludwig II zeer beknopt aan de orde. Uitgebreider wordt er gerept over de kerststol en bijbehorende jonge en veel te mooie keukenmaagd. Het recept van de wereldberoemde, ongekend reuk- en smaakgenot verschaffende Sint Petersburgse Kerststol werd ooit bedacht door Varvara Jevgrafovna Mafroesjkaja, een legendarische oude keukenmeid. Gelukkig maar dat vorst Potemkin ook recepten verzamelde.

Benodigd voor 1 kerststol: 500 gram bloem, gezeefd 35 gram verse gist 1-8 liter lauwe melk 125 gram kristalsuiker 350 gram boter 1 theelepel zout 5 eetlepels Jamaïca-rum 20 gram sucade, sultana's en krenten, zeer fijngesneden 100 gram onbewerkte marsepein (banketbakker) 150 gram poedersuiker geraspte schil van 1 citroen 500 gram geblancheerde amandelen 3 à 4 weken rusttijd

1. Doe in een ruime kom de bloem en maak hierin een kuiltje. Vermeng de gist en 2 eetlepels van de kristalsuiker met de melk, giet dit in het kuiltje en maak deeg met een klein gedeelte van de bloem. Laat 20 minuten afgedekt rijzen op een warme plaats.

2. Smelt 250 gram van de boter. Voeg deze met de resterende kristalsuiker en het citroenrasp toe aan het deeg en kneed alles tot een samenhangende bal.

3. Sla en kneed het deeg op een houten snijplank tot het glad en glanzend is. Laat het 20 minuten rijzen in een afgedekte kom op een warme plaats.

4. Hak (of gebruik electrisch keukenhulpje) de helft van de amandelen zeer fijn, de rest iets grover. Meng de gehakte amandelen met 4 eetlepels van de rum, de sucade, sultana's en krenten door het deeg. Laat 15 minuten rusten.

5. Meng 7 eetlepels van de poedersuiker met de resterende rum door de marsepein. Maak hiervan een rol van circa 25 centimeter lang.

6. Vorm het deeg tot een ovaal van 4 1-2 centimeter dik en leg dit op een ingevette bakplaat. Leg de rol "marsepein' in het midden, klap het deeg dubbel zodat de marsepein tegen de vouw aanrust en knijp de open deegranden samen.

7. Maak van 4 x dubbelgevouwen aluminiumfolie een lange (ruime omtrek van de stol) strook van 10 centimeter breed. Plaats de strook rechtop om de stol als een wand en zet de elkaar iets overlappende uiteinden vast met een paperclip.

8. Laat de stol nog 15 minuten rijzen en bak hem circa 1 uur in een voorverwarmde oven goudbruin en gaar, 30 minuten op 180 graden celcius en daarna op 160 graden celcius.

9. Smelt het restant van de boter. Prik in de nog warme stol gaatjes met een metalen spies. Bedruppel de stol met de gesmolten boter, bestuif hem rijkelijk met poedersuiker en herhaal beide handelingen.

10. Wikkel de kerststol goed in aluminiumfolie en laat hem 3 à 4 weken rusten op een koele plaats “opdat zijn heerlijk aroma zich volledig kan ontwikkelen en alle ingrediënten een gelukkig huwelijk kunnen aangaan.”

6e dag:

Lunch: 1 gegrillde kip