KEUKENGEHEIMEN VAN DE DUITSE EENWORDING

329 Tage. Innenansichten der Einigung door Horst Teltschik 384 blz., Siedler 1991, f 45,80 ISBN 3 88680 424 0

Een dagboeknotitie van zondag 15 juli 1990: ""De doorbraak is bereikt! Wat een sensatie! Zulke duidelijke toezeggingen van Gorbatsjov hadden we niet verwacht. De voortekenen waren gunstig, maar wie had zo'n resultaat kunnen voorspellen? Voor de bondskanselier is dit gesprek een ongelooflijke triomf. Maar hij laat niets merken, een keer slechts werpt hij me een veelbetekenende blik toe, die zijn tevredenheid verraadt. Ik ben getuige van een historisch ogenblik!'

De opgetogen notitie is gemaakt aan de Alexei-Tolstoi-straat in Moskou, in het gastenverblijf van het Sovjet-ministerie van buitenlandse zaken, op een van de belangrijkste dagen op de weg naar de Duitse eenwording. Michail Gorbatsjov en Helmut Kohl zijn het daar zojuist op hoofdzaken - en in twee uur tijd - eens geraakt over de "externe' voorwaarden voor het ontstaan van een verenigd en soeverein Duitsland. In een inderdaad historisch gesprek waarbij, behalve de tolken, alleen hun adviseurs Anatoli Tsjernajev en Horst Teltschik aanwezig zijn.

Gorbatsjov en Kohl hebben die zondagochtend grote lijnen getrokken aangaande een (toch!) voortgezet Duits Navo-lidmaatschap, de beëindiging van de rechten van de Grote Vier in de beide Duitslanden en Berlijn, het vertrek binnen vier jaar van de Sovjettroepen uit Oost-Duitsland en een gelijktijdige beperking van de Duitse strijdkrachten tot 370.000 man. In het vliegtuig op weg naar Moskou heeft Kohl (die 400.000 wilde) daarover met Genscher (350.000) nog een knallende ruzie gehad.

De weken ervoor, op de EG-top in Dublin, de Navo-top in Londen en tijdens het beraad van de zeven grote industriestaten in Houston (de G-7) heeft Kohl zijn best gedaan om zoveel mogelijk gehoor voor de wensen van Moskou te krijgen. Gorbatsjov heeft in de Sovjet-Unie weer wat bewegingsruimte gewonnen, hij is net met een verrassend grote meerderheid door het 28ste communistische partijcongres herkozen als secretaris-generaal. De beide generatiegenoten zijn bovendien bevriend geraakt, alle twee te jong om in de oorlog soldaat te zijn geweest maar oud genoeg om zich de oorlog te herinneren. Het ogenblik is niet alleen uniek, de situatie ook. Zij was nog niet zo geweest, en zou ook niet meer zo worden. Zo gezien was Kohl niet te haastig geweest, zoals hem vaak is verweten, maar bijna te langzaam.

Twintig jaar na het akkoord over het Grundlagenvertrag van Moskou en Bonn, waarbij de toenmalige minister van buitenlandse zaken Walter Scheel nog min of meer tersluiks en op de valreep een "losse' brief over het Duitse streven naar eenheid bij de Russische gastheren achterliet, gaat het nu echt gebeuren. De relaties tussen de Sovjet-Unie en Duitsland zullen meteen op een nieuwe leest worden geschoeid, onder meer met verdragen inzake langdurige vriendschap en economische samenwerking.

De volgende dag zetten de beide bevriende chefs in Gorbatsjovs buitenhuis in het Noordkaukasische bergdorp Archiz de punten op de i's met hun ministers van buitenlandse zaken en van financiën. Want Theo Waigel, Kohls schatmeester in Bonn zal de kassa flink moeten laten rinkelen, zoals eerder al en zoals ook later nog. Maandagmiddag zal de wereld worden ingelicht via een persconferentie in een soort buurthuis in het nabije Zjelesnovodsk (in een zaaltje dat ik me herinner als de perfecte anticlimax JMB).

KEUKENKABINET

Die hierboven geciteerde notitie is dus van Horst Teltschik. Zij vormt een hoogtepunt in de lange reeks van historische ogenblikken uit zijn dagboek over 329 Tage, dat hij op 9 november 1989, de dag dat de Muur in Berlijn valt, laat beginnen en op 3 oktober 1990, de dag van de Duitse eenwording, besluit. Hij kon dat dagboek publiceren nu hij eind vorig jaar het adviseurschap in Kohls kanselarij opgaf om de leiding op zich te nemen van de Bertelsmannstichting van de gelijknamige uitgeversgigant.

Of Teltschik echt nog eens "wat anders' (heel veel lucratievers) wilde nu de Duitse eenheid een feit was en hij al acht drukke jaren achter de rug had als "Ministerialdirektor', dan wel of hij ging omdat Kohl hem wegens een veto van minister Genscher toch geen staatssecretaris wilde te maken is nooit helemaal duidelijk geworden. Feit is wel dat hij in 1988 geen vakantie opnam om op die manier een Amerikaans uitwisselingsprogramma voor een dochter te kunnen financieren.

Ooit, in 1971, was het voor de 41-jarige Helmut Kohl, minister-president in Rijnland-Palts, en de in München opgegroeide Südetenduitser Horst Teltschik, toen 31 en medewerker in het Adenauerhaus van de CDU nabij Bonn, zo begonnen: ""Wilt u voor mij werken? Ik ben van plan om kanselier te worden.' Er zouden bijna twintig jaar zeer nauwe samenwerking volgen, waarvan dat weekeinde in juli 1990 nagenoeg het eindpunt zou worden.

Teltschik, als student politicologie in Berlijn al CDU'er maar toch ook een leerling van de sociaal-democraat prof. Richard Löwenthal, diende Kohl eerst in de regionale hoofdstad Mainz. Daarna ging hij in '76 mee naar Bonn, waar CDU-lijsttrekker Kohl na zijn verkiezingsnederlaag tegen Helmut Schmidt oppositieleider werd. Toen Kohl najaar 1982 alsnog kanselier werd volgde Teltschik hem als adviseur voor buitenlands beleid en veiligheidspolitiek naar de kanselarij, waar hij eerste man werd in Kohls kleine "keukenkabinet'. Daar zou hij snel naam maken, en dat niet alleen omdat hij zijn vriend en patroon Kohl desnoods hardop tegensprak. Bonmot in Bonn: "Kohl lenkt, Teltschik denkt.'

KOHLS KISSINGER

Tot dan waren zulke adviseurs steeds door het ministerie van buitenlandse zaken aan de kanselier "geleend'. Zoals bijvoorbeeld Teltschiks voorganger Otto von der Gablentz, de latere Duitse ambassadeur in Den Haag. Dat de partijpoliticus Kohl, voorzitter van de CDU, zijn eigen man prefereerde boven een adviseur uit het departement van de FDP'er Hans-Dietrich Genscher was in '82 een affront en dat is het voor Buitenlandse zaken in Bonn steeds gebleven.

Ja, de verhouding tussen Genscher en Teltschik werd almaar killer naarmate Kohl zelf meer aan buitenlands beleid ging doen en dus zijn creatieve adviseur vaker op pad stuurde. Naar Washington, Moskou, Warschau, Praag, Londen en Parijs. Het zou niet lang duren tot Teltschik op Buitenlandse zaken en in sommige media smalend Nebenaussenminister of "Kohls Kissinger' werd genoemd. De Bildzeitung gaf hem wegens zijn springerige haar en onconventionele gedrag, vrij naar Wilhelm Busch, de bijnaam Horst Struwwelkopf. Hij was het die Helmut Kohl in '85 met Ronald Reagan een kerkhof in Bitburg liet bezoeken en dus ook langs SS-graven liet wandelen - "een flater', zoals hij toegaf.

Maar Teltschik was ook, later, de man die namens de kanselier maandenlang onderhandelde over wat inmiddels het Pools-Duitse vriendschapsverdrag is. De eigenlijke architect voorts van Kohls tien-puntenplan van najaar '89, dat op een heel geleidelijk eenwordingsproces mikte, destijds toch heel opzienbarend was en intussen vergeeld papier is. En de man die, in de loop van de 329 dagen die hij beschrijft, bijvoorbeeld in het diepste geheim met de bankiers Hilmar Kopper (Deutsche Bank) en Wolfgang Röller (Dresdner Bank) naar Moskou reisde - mei '90 - om Gorbatsjov zo snel mogelijk aan een liquiditeitskrediet van vijf miljard mark te helpen. Zelfs het personeel van de Luftwaffe-Boeing krijgt de namen van de Moskou-reizigers niet. Genscher zal er pas een week later van horen.

STREKEN EN STREEKJES

De allereerste notitie schetst het dilemma waarin Kohl zich bevindt als in Berlijn de Muur valt. De kanselier is dan uitgerekend op bezoek in Polen, bij wijze van aanloop naar het Pools-Duitse verzoeningsverdrag. Hij weet dat hij dat langdurig voorbereide bezoek, gezien begrijpelijke Poolse gevoeligheden, eigenlijk niet kan onderbreken. Maar hij doet dat - na overleg met premier Mazowiecki- toch omdat hij ook weet dat hij in Berlijn niet mag ontbreken. Daar heeft de regerende SPD-burgemeester Walter Momper dan net een manifestatie georganiseerd, waarover buiten medeweten van de kanselier of zijn staf in Bonn is aangekondigd dat onder meer Kohl, Momper en Willy Brandt er zullen spreken. Maar op een zodanig tijdstip, half vijf 's middags, dat de kanselier, die moet "omvliegen' over Hamburg, waarschijnlijk te laat zal komen. Als Kohl in Warschau toch nog net op tijd op de hoogte raakt, is hij "buiten zichzelf' van woede, noteert Teltschik, die bij Momper opzet vermoedt. Uiteindelijk wordt de kanselier in Berlijn dan ook nog uitgefloten.

Teltschiks dagboek zit vol met dergelijke anecdotische fragmentjes. Het geeft daardoor soms een mooi zicht op de streken en streekjes die Genscher en Kohl en andere hoofdrolspelers elkaar met enige regelmaat leveren. Zoals begin mei '90, als Sovjet-ambassadeur Joeli Kvitzinski van Genschers ministerie te horen krijgt dat minister Sjevardnadze in Bonn dit keer niet bij Kohl hoeft langs te komen, terwijl Kohl hem juist graag zou spreken. Uiteindelijk komen de kanselier en Sjevardnadze dan toch tot een "sleutelgesprek'.

Maar het dagboek biedt meer: het is een film, geen objectieve maar wel een die op een mooie plaats werd opgenomen en die bovendien, "dankzij' het vertrek van Teltschik naar Bertelsmann, ongewoon snel kon worden vertoond. Zo is min of meer op de dag precies te zien hoe de SPD uitstapt als de Duitse eenheidstrein op gang komt. Namelijk op 30 november '89, als haar Bondsdagfractie besluit om de bijval die haar specialist Karsten Voigt een dag eerder heeft betuigd met Kohls tien-puntenplan te vervangen door een vierkante afwijzing. Vandaar is het maar een stap (december '89) naar de aanwijzing als SPD-lijsttrekker van Oskar Lafontaine, die Kohl als concurrent zeer welkom is (zoals hij ook in Washington en Moskou laat merken). Kohl krijgt mede daardoor al heel vroeg het predikaat "eenheidskanselier' in de schoot geworpen, wat hem in het jaar 1990 met zijn vele verkiezingen goed uitkomt.

Hoe fantastisch snel en verrassend de gebeurtenissen in de DDR verlopen, hoezeer Kohl en zijn medewerkers daardoor ook steeds als het ware werden overvallen blijkt najaar '89 en voorjaar '90 bijna voortdurend uit Teltschiks notities. De inkt van Kohls tien-puntenplan is nog niet droog of de Oostduitse leus "Wir sind das Volk' verandert massaal in "Wir sind ein Volk'. Met een aanhoudend vertrek naar West-Duitsland, in de maanden januari en februari bij duizenden per dag, dwingen de Oostduitsers Kohl om de Duitse monetaire unie per 1 juli 1990 aan te bieden. Alles moet eerder en sneller, de verkiezingen in Oost-Duitsland, de toetreding van de DDR tot de Bondsrepubliek, de vorming van vijf Oostduitse Länder, de eerste gemeenschappelijke Bondsdagverkiezingen.

VOOR HET BLOK

Ook buiten Duitsland gaat het blijkens Teltschiks aantekeningen velen vaak letterlijk en figuurlijk te snel, met uitzondering dan van de Amerikanen, die steeds voorgaan op het pad naar een verenigd Duitsland (mits dat lid van de Navo blijft). Op 18 november '89, op een door president Mitterrand ingelaste EG-top in Parijs, reageren de premiers Thatcher en Lubbers nog "uitgesproken koel' op Kohls verslag over de gebeurtenissen in de DDR. In december is het bij Lubbers al anders op een Navo-top, bij mevrouw Thatcher zal dat wat langer duren. Zij wrijft Kohl en Genscher eind januari nog "klein-nationalistische bedoelingen' aan en verwijt hen Gorbatsjov in gevaar te brengen.

Gorbatsjov had het tot dan nog over "de strategische bondgenoot' die de DDR voor hem is en die hij "nooit in de steek zal laten'. Met hem bereiken Kohl en Genscher in Moskou op 10 februari niettemin een eerste doorbraak, als overduidelijk is dat de DDR, ook volgens haar eigen kortstondige premier Modrow, in een ruïneuze toestand verkeert en "leegloopt'. Teltschik heeft dan weer eens voor opschudding gezorgd. Eerst vooraf met de opmerking dat de DDR praktisch "failliet' is en dan achteraf met de verzekering dat "de sleutels voor de Duitse eenheid' nu in Moskou zijn afgehaald . De SPD en Genschers FDP vragen vergeefs om zijn ontslag.

Mitterrand gaat eigenlijk pas door de bocht na zijn bezoeken aan Kiev en Oost-Berlijn (december). ""Zoals hij zelf herhaaldelijk heeft gezegd is hij niet bang voor de Duitse eenheid. Aan de andere kant wijst hij voortdurend op grote hindernissen die nog moeten worden genomen. Onze Franse vrienden hebben het moeilijk met Duitsland', schrijft Teltschik. Steeds vaker zal Parijs zich opwerpen als belangenbehartiger van Polen aangaande de onaantastbaarheid van de Oder-Neissegrens en Kohl manen om duidelijk en snel wat te doen aan de zorgen daarover in Warschau.

Dat doet Kohl niet. Teltschik legt in veel bewonderende notities uit waarom hij dat niet doet (constitutioneel-juridische en binnenlandse-politieke redenen). De ironie wil dat de Poolse minister Skubisjewski uiteindelijk in de zomer van 1990 in Parijs uitgelegd krijgt, en aanvaardt, dat hij nog een paar maanden moet wachten omdat alleen een soeverein en verenigd Duitsland daaromtrent volkenrechtelijk bindende verdragen kan sluiten. De eenwording is dan ook zó dichtbij dat Kohl in een gesprek in zijn kanselarij de CSU, de rechtervleugel van de CDU en de leiders van verdrevenenorganisaties eenvoudig voor het blok kan zetten: Duitse eenheid mèt een verdrag met Polen over de onherroepelijkheid van de Oder-Neissegrens of géén Duitse eenheid, wat wilt u? Dat verdrag en zijn ratificatie zijn inmiddels een feit.

Waar de internationale zandlopers gaandeweg steeds voller raken ten gunste van de Duitse eenwording, en eenheidskanselier Kohl daarvan steeds meer de eerste begunstigde is (met zeven gewonnen verkiezingen in 1990), raken de Sovjet-Unie en Gorbatsjov almaar pijnlijker in het moeras.

Kredieten en coöperatie als katalysator staat er dan ook boven het vijfde hoofdstuk, dat op 13 mei begint. Steeds vaker komen verzoeken om geld, het zou gevaarlijk zijn voor de wereld als de Sovjet-Unie ineenstort, ""Hulp voor de Sovjet-Unie is daarom hulp voor iedereen', klinkt het. Geen aparte status voor Duitsland, géén Sonderweg, klinkt het uit Bonn terug (25 mei).

Soms ook moet Kohl uit telefonades of gesprekken onder vier ogen begrijpen dat harde toespraken van Gorbatsjov en Sjevardnadze aan het adres van Bonn in feite vooral zijn bedoeld voor conservatieven op de Moskouse tribune. Voorbeeld: Sjevardnadze houdt zo'n toespraak, in een ministersvergadering van het Warschaupact, en komt achteraf de collega's Horn (Hongarije), Skubisjewski (Polen) en Dienstbier (Tsjechoslowakije) achter de hand bedanken voor hun openlijke kritiek.

CONSTANTEN

Het wil in de herinneringen van adviseurs van beroemde personen nog wel eens voorkomen dat zij zichzelf, of hun aandeel in de beschreven gebeurtenissen, wat groter of voordeliger willen laten uitkomen. Aan dat gevaar, aan egotripperij, is Teltschik in zijn dagverhalen behoorlijk ontsnapt. Juist daardoor houdt zijn "inside'-boek, al analyseert het niet en al is het geschreven uit een vaste en toegewijde verhouding tot Helmut Kohl, voortdurend een nuchtere vaart.

Een aantal constanten vallen in die 329 dagen op. Met elke verdere stap in de richting van de Duitse eenwording wil Kohl, liefst samen met Parijs, óók een versnelling van het Europese integratieproces. Dat was zo in Dublin (eind '89), Rome (eind '90) en het is ook vandaag nog zo (Maastricht).

De kanselier waardeerde onafgebroken elke beweging in het eenwordingsproces ook op haar elektorale waarde. Maar hij was op géén moment bereid om in ruil voor Duitse eenheid af te zien van het Navo-lidmaatschap of daarop veel te laten afdingen. Een "half' lidmaatschap, een lidmaatschap van zowel Navo als Warschaupact of een vergezicht op een alles overkoepelende Europese veiligheidsstructuur waaronder ook de Navo zou kunnen verdwijnen, en waarvoor Genscher af en toe wel wat leek te voelen, alles wat Moskou op dat stuk opperde heeft de kanselier steeds afgewezen.

Tenslotte, juli '90, zegt zelfs Gorbatsjov hem dat Duitslands plaats in de Navo voor de stabiliteit in Europa toch wel het beste is.

Toen ik net secretaris-generaal was, heb ik de fout gemaakt het drinken van wodka te willen verbieden, zei Gorbatsjov op 16 juli 1990 in het Noordkaukasische Archiz lacherig tegen Kohl En hij kwam met een Witz: ""Er staat een zeer lange rij voor een staatswinkel waar nog legaal wodka kan worden gekocht. De mensen zijn woedend en één van hen roept dat dit allemaal de schuld is van die Gorbatsjov, die eigenlijk een kopje kleiner zou moeten worden gemaakt. Doe dat dan, joelen de omstanders, en de man begeeft zich naar het Kremlin. Kort daarna keert hij terug. Is het gelukt?, wordt hem gevraagd. Nee, zegt hij, de rij voor het Kremlin was nog veel langer.'