De roekeloze helden van Alma Ata; Na 70 jaar onverschilligheid gaat de Sovjetburger winst maken

Het is nog even wennen tussen de Sovjet-Unie en het kapitalisme. Menigeen begrijpt niets van de nieuwe economische orde, maar iedereen verwacht er wonderen van. Directeuren van geprivatiseerde ondernemingen beloven winst, en voor de werknemers die nu ook kleine aandeelhouders zijn, betekent winst vooral de garantie van een beter huis. Over de grootverdieners van Kazachstan, en de mensen die dat gaan worden.

Karl Marx beschreef in dwingende stijl de onvermijdelijke ineenstorting van het kapitalisme: ""Die Stunde des kapitalistischen Privatseigentums schlägt. Die Expropriateurs werden expropriiert''. Zeventig jaar lang hebben de Sovjetburgers op school en universiteit ingegoten gekregen dat tengevolge van de ""objectieve economische wet van de ontwikkeling der kapitalistische maatschappij'' (Grondslagen van het marxisme-leninisme, Moskou 1962) de kapitalistische maatschappij automatisch moest omslaan in een socialistische.

Volgens een verrassende en tot nu toe onbekende wetmatigheid is het omgekeerde gebeurd. Het socialisme verkruimelde en het kan de sovjetburgers, na 70 jaar cultivering van hun rigide verwachtingspatroon, niet kwalijk worden genomen dat ze deze onverwachte wending op hun eigen wijze verwerken. Een mooi voorbeeld hiervan geeft een arbeidster in een meubelfabriek in Alma Ata, diep in Centraal-Azië. De fabriek is een paar maanden geleden aan het personeel verkocht door de Kazachstaanse regering en gevraagd naar de winstverwachtingen antwoordt ze: ""Ik denk dat mijn aandelen dit jaar al 20 procent opleveren en volgend jaar 30 procent. Dat heeft de directeur-generaal zelf gezegd''. In het kapitalistische Westen begint, als de directeur zoiets rondvertelt, de twijfel aan de winstverwachtingen pas goed te knagen.

Het woord winst, zo blijkt uit allerlei gesprekken, betekent voor de werknemers die aandelen in hun bedrijf hebben gekocht vaak niet anders dan extra loon. Ze spreken erover als een automatische incasso, over risico's denkt niemand. En dat de winst weleens door de gierende inflatie teniet gedaan kan worden begrijpen maar weinigen. Voor hoger geplaatst personeel heeft het begrip zelfs een egoïstische bijsmaak. Feliza Manchedjanova (49), directrice personeel bij een aantal plasticfabrieken, reageert terstond op de vraag of ze, als haar bedrijf geprivatiseerd is, een deel van de winst zal gebruiken voor salarisverhoging van het management. ""Nee, dat zou ik nooit kunnen doen. Voor mezelf?'' Ze kijkt me onderzoekend aan, want een mens uit het Westen staat tegenwoordig voor waardevolle inzichten, die alom aangehangen worden. ""Maar misschien is dat voor ons wel het moeilijkste, vrij te zijn van ideologie'', voegt ze er relativerend aan toe.

Ook in Rusland gold de leer dat de economie berust op de produktie van waren. Nu heeft een waar twee waarden, een gebruikswaarde en een ruilwaarde. In de Sovjet-hierarchie stond de gebruikswaarde moreel hoger dan de ruilwaarde, want school achter de ruilwaarde niet juist de uitbuiting van de arbeiders. Ook die ethiek maakte deel uit van 70 jaar verplichte leerstof. Ruilwaarde uitdrukken in roebels is daarom een nieuwe worsteling in het ontluikende Russische kapitalisme. Soms verwordt het tot een bijna kinderlijk monopoliespel op de gloednieuwe beurzen in het land.

Management en werknemers tobben met nieuwe begrippen en nieuwe economische verhoudingen. En slechts een enkeling begrijpt de portee van eigendom, aandeel, beurs, rente. Een hoogleraar misschien, of de slimme handelaar die zich een BMW of Mercedes kan permitteren en die vol wantrouwen wordt nagestaard door mevrouw Manchedjanova en vele andere eerzame burgers.

Fantasierijke variatie

Bij tientallen tegelijk worden Sovjet-bedrijven geprivatiseerd in een wanhopige race om eindelijk het kapitalisme te installeren en daar zo snel mogelijk de vruchten van te plukken. Wettelijk mogen alleen de werknemers bij een privatisering aandelen in hun bedrijf kopen. Maar binnen dit thema wordt per bedrijf en per republiek fantasierijk gevarieerd. Dertig procent van de aandelen van de Vereniging van Plasticverwerking (5 fabrieken, 2700 mensen) in Alma Ata, de uit blokken opgetrokken hoofdstad van Kazachstan, doet de staat kosteloos van de hand. Een geraffineerd systeem van arbeidsprestatie en arbeidsverleden bepaalt voor iedere werknemer hoeveel hij mag kopen. Minimum en maximum worden nog vastgesteld, evenals de verkoopprijs. Met het ministerie van de republiek en onafhankelijke experts wordt daar bijna dagelijks over vergaderd.

De textielfabriek "De vijftigste verjaardag van de Oktoberrevolutie' (3 fabrieken, 8000 mensen), ook gevestigd in Alma Ata, wordt per 1 januari door de staat voor 51 procent aan het personeel verkocht. Hier geen gratis tranches van 30 procent. Plaatsvervangend hoofdingenieur Adolf Jefimov vertelt, onder het toeziend oog van Gorbatsjov, dat de prijs vermoedelijk 200 miljoen roebel zal zijn (de roebel is moeilijk om te rekenen in guldens, de officiële koers voor buitenlandse transacties is 1 gulden, de officiële toeristenkoers bedraagt 2 cent). Aandelen mogen gekocht worden vanaf 500 en tot 20.000 roebel, door iedereen. Ieder aandeel levert één stem. Dit in tegenstelling tot de meubelfabriek Merej (1700 mensen), die op 21 augustus jl. voor 23 miljoen roebel aan het personeel verkocht werd, en waar iedere aandeelhouder, ongeacht de dikte van zijn portefeuille, één stem heeft. One man, one vote. In dit bedrijf hoeft dit jaar slechts 4,6 miljoen roebel afgelost te worden. De rest mag over 10 jaar betaald worden. Buitenstaanders mogen wel kopen, maar moeten 30 procent meer betalen.

Boris Abramovitsj Giller heeft zijn zaakjes origineel aangepakt. Na overleg met zijn mede-aandeelhouders liet hij dit jaar de drukkerij-uitgeverij Caravan failliet gaan. Hij heeft de boedel opgekocht, zijn werknemers houden het recht op aandelenkoop en als blijk van waardering voor hun medewerking krijgen ze nu het dubbele salaris.

De ideoloog van deze coöperatieve bedrijfsvorm en landelijk voorzitter van de vereniging van coöperaties is Vladimir Tichonov. Op zijn Moskouse kantoor, dat grondig verbouwd en in de verf gezet wordt, noemt hij de nieuwe privé-ondernemers in Rusland ""roekeloze helden, als je alle tegenwerking, corruptie, afpersing en intimidatie optelt''. Toch zijn er in drie jaar tijd al 300.000 coöperaties opgericht, waarin 6.5 miljoen mensen werk hebben gevonden. Samen zorgen ze voor een omzet van 110 miljard roebel, volgens Tichonovs cijfers 11 tot 12 procent van het BNP. In driekwart van de gevallen zijn de aandelen van coöperatieve bedrijven in handen van het personeel. Een kwart heeft maar één of een zeer klein aantal aandeelhouders: gewone privé-bedrijven dus in westerse zin. Naast de coöperaties werken nog duizenden privé-bedrijfjes (winkels bijv.), conglomeraten, verenigingen en aandelenbedrijven in de Sovjet-Unie, die niemand ooit heeft geteld.

Betere woning

De campagne bij de textielfabriek "De vijftigste verjaardag van de Oktoberrevolutie' voor aandelenkoop door het personeel is inmiddels op gang gekomen. Hoewel straks op de aandeelhoudersvergadering iedereen zal weten wie hoeveel aandelen bezit, weigert directeur Jefimov te vertellen hoeveel hij er zal kopen. ""Ieder klooster heeft zijn eigen regels'', wimpelt hij verdere druk af. Hij mag van het statuut tot 20.000 roebel gaan. Vera (32), cheffin in de lawaaiige fabriek waar jaarlijks 132 miljoen meter goedkope katoenstof wordt geweven, geverfd en geknipt: ""Ik heb gekocht voor 500 roebel en ik wil nog wel meer aandelen. Ik ben van plan hier te blijven en een chef moet het voorbeeld geven. De mensen kijken wat ik doe, ze stellen veel vragen en de eerste is steevast of ik koop of niet?''

Ai Mohammed (30) werkt nog maar een jaar bij het katoenbedrijf. Hij mag niet kopen en is ontevreden en opstandig: ""Ik kan me niet voorstellen dat ik er ooit geld voor zou hebben, ik krijg 300 roebel per maand en mijn vrouw kan met de kinderen thuis niet werken. Ik ben niet een persoon die geld zal hebben”. De 27-jarige cheffin Goelnara ziet veel in aandelenbezit. “Ik heb al voor 1500 roebel gekocht en koop nog meer, met geld van mijn moeder. We zullen zeker 20 procent winst maken, dat heeft de directeur beloofd. Dan kan ik misschien een betere woning krijgen.” Goelnara woont nu in één kamer voor 8 roebel per maand en deelt de keuken en het sanitair met 4 andere werkneemsters.

Aanvankelijk liepen de werknemers van de meubelfabriek Merej nauwelijks warm voor het co-bezitterschap. Uit arren moede besloot de directie aan het bezit van minimaal één aandeel het recht van aanschaf van een wandmeubel voor 3.000 roebel (de officiële prijs in de staatswinkel) te verbinden. Prompt meldden zich 900 calculerende werknemers die aandelen wilden kopen. De vraag naar kasten is in de hele Unie onverzadigbaar. Op de zwarte markt doet een kast al gauw meer dan 6.000 roebel.

Merej heeft nu een paar maanden ervaring met privé-eigendom. Bedrijfsleider Akim zegt: ""Het eerste opvallende resultaat is dat er veel en veel minder gestolen wordt. Vroeger verdwenen gereedschap, planken en onderdelen als je je maar even omdraaide. Het spul was toch van de staat, dus van niemand of iedereen. Verder wordt er natuurlijk aanzienlijk harder gewerkt''.

Knikkebollen

Hoewel vele bedrijven hun eerste ervaringen met het alledaagse kapitalisme achter de rug hebben is tijd in Kazachstan, dat 75 maal zo groot is als Nederland, nog altijd tijd en nog lang geen geld. Met engelengeduld beantwoorden bedrijfsdirecteuren, chefs verkoop en arbeiders vragen over werk, winst, privatisering, produktiviteit enz. enz. Gastvrij tonen ze hun fabrieken, kantoren en kantines en hopen soms op nuttige wenken en zelfs aantrekkelijke exportorders. Opvallend ontspannen is Boris Abramovitsj Giller, de trotse president-directeur van Caravan, vorig jaar nog een drukkerij-uitgeverij, nu een holding. Hij heeft net een nieuwe beurskrant op de markt gezet, ABC, en schetst de contouren van een Maxwelliaans imperium in wording. Op grote afstand zitten vijf werknemers van Giller braaf te luisteren. De hoofdredacteur van ABC zit te knikkebollen, niemand behalve de baas spreekt tijdens het onderhoud dat twee uur duurt. De mores van de voorbije partijhiërarchie bepalen in dit gebouw, ondanks de nieuwe dynamiek, nog altijd de gedragscodes. En tijd telt dan niet.

Zelfs een man als Michael Sergevitsj Khyrin heeft een zee van tijd. Twee evidente statussymbolen sieren zijn mond: blinkende gouden tanden en een Camel-sigaret. Khyrin leidt een conglomeraat van fabrieken en handelsfirma's in Alma Ata. In politieke kringen van de hoofdstad en ook door Giller wordt hij aangeduid als een weinig scrupuleuze ex-communist, die met steun en in naam van de Kazachstaanse regering, greep op de ontluikende economische initiatieven probeert te krijgen. Een aanwijzing in die richting vormt de brief die hij laat lezen, waarin de regering van president Nazerbajev hem machtigt met de Amerikaanse autofabrikant Chrysler te onderhandelen over de bouw van een fabriek voor jeeps en bestelbusjes. Khyrin ontvangt nog traditioneel: hij zetelt achter een immens gepolitoerd bureau, terwijl de gasten mogen aanschuiven aan een klein laag tafeltje dat er dwars op staat. Daar kunnen ze noteren welke fraaie voorstellen vanachter het bureau neerdwarrelen.

Khyrin leidt de Kazachstaanse afdeling van de Vereniging van coöperaties (6.000 leden) maar is zelf ook de spin in een snel groeiend web van eigen bedrijven. Hij neemt à titre personel, maar ook namens zijn vereniging, die pas twee maanden geleden werd opgericht, aandelen in tal van oude en nieuwe bedrijven: marmergroeves, steenkool, champignons, injectienaalden, een apotheek, koelkasten, handel. Ondanks zijn vermeende relaties met de oude structuren, zoals de oude partij- en staatsbureaucratie wordt aangeduid, ondervindt Khyrin veel tegenwerking van deze kant. ""Het ministerie van gezondheid was vierkant tegen een fabriek voor plastic injectienaalden. Daarom wezen ze ons een terrein in de steppe toe, temidden van een aantal smerige chemische bedrijven, ver van Alma Ata en de ziekenhuizen. We hebben een jaar lang onderhandeld en tenslotte kregen we een oude gevangenis aangeboden. We hebben die maar gekocht, we kweken er nu champignons en maken er shampoo.''

Tenslotte kreeg Khyrin de gewenste grond voor zijn injectienaaldenfabriek. Hoe blijft schemerig. ""Je wordt gedwongen samen te werken met de overheid. Het is onmogelijk grond, energie en grondstoffen te kopen. Het is een idiote chaos. Smeergeld? Ja, dat helpt natuurlijk ook. Betaalt u niets dan krijgt u ook niets. En brieven aan de president schrijven, dat helpt ook''.

Fermer

Hoe doornig het pad naar het nieuwe vrije ondernemerschap in de Sovjet-Unie is merkt ook Asken Bechtenov (50). Hij is een van de eerste boeren die met een stukje grond uit de sovchoze Droezjba, Vriendschap, mocht treden. De sovchoze ligt zo'n 60 kilometer ten noorden van Alma Ata. Staand op zijn geprivatiseerde in deze winsterse tijd kale grond, waarop een half afgebouwd huisje staat, legt hij uit wat er nodig was om aangesloten te worden op het elektriciteitsnet. ""Voor de vergunning zelf moest ik tegen alle regels 800 roebel per kilowatt neertellen. Ik heb 30 KW nodig, dus reken maar uit. Ik heb toen president Nazerbajev een brief geschreven en prompt kreeg ik mijn kabel gratis en voor een kilowatt gebruik betaal ik nu 4 kopeken (omgerekend 0,20 cent).'' Hij voegt er aan toe dat vooral het middenkader probeert de privatisering te frustreren. ""De top doet zijn best.''

Als ik hem als krestjanin (boer) betitel reageert Asken Bechtenov verontwaardigd: ""Ik ben een fermer, dat wil zeggen een vrij man die geen dictaten van boven krijgt''. Fermer is een vrij nieuw woord in het Russisch dat afgeleid is van farmer. Met 32 koeien, die hij van de sovchoze had gekocht, startte Bechtenov vorig jaar zijn bedrijf, enthousiast over de nieuwe perspectieven en de verworven vrijheid. De sovchoze moet zijn melk aan de staatswinkel leveren voor 50 kopeken, maar op de vrije markt van Alma Ata brengt een liter melk 3 roebel op. Voor de vrije jongens een mooi perspectief, zes maal zoveel geld. ""Ik wist de produktie van 12 naar 24 liter per dag te verhogen, maar ik heb de koeien toch weer moeten verkopen.'' De reden blijkt simpel. Veevoeder is niet op de vrije markt te koop en kan alleen betrokken worden van de sovchoze, maar dan wel in ruil voor de melkproduktie. Het sinistere dwangsysteem werkt nog op volle kracht. Melk heb ik overigens tijdens een verblijf van twee weken nergens te koop gezien, niet in de staatswinkel en niet op de vrije markt, niet in de grote steden en niet op het platteland. Fermer Bechtenov heeft nu 830 schapen besteld en een leveringscontract met een wolfabriek gesloten. ""Ik geef niet op, ik ga door, nu voel ik me nog minder dan u, maar als u over twee jaar hier terugkomt, dan zij we gelijk''. Hij slaat op zijn broekzakken, op dikke stapels denkbeeldige bankbiljetten.

Onbekwame bureaucraten proberen nog altijd met onbegrijpelijke regels de economische activiteit vorm te geven. Toch kan de nieuwe ondernemer met smeergeld, intelligentie of een combinatie van beide, de bureaucraat te slim af zijn.

Alimzhanov Isakhan is een jonge doctor in de computerwetenschappen en op de zolder van de Academie van Wetenschappen in de Kazachstaanse hoofdstad heeft hij ruimte gehuurd voor zijn nieuwe bedrijfje. ""Eerst assembleerden we hier personal computers, die we invoerden uit Singapore, maar omdat de regel zegt dat assemblage geen eigen produktie is moesten we 60 procent belasting betalen. Daar konden we het niet voor doen. Nu maken we hier netwerken voor computers en daarvan hadden de belastingambtenaren nog nooit gehoord. Ze begrepen er absoluut niets van en ondanks het feit dat zowel de hardware als software van de netwerken uit Singapore worden geïmporteerd hebben we ze kunnen overtuigen dat dit pure locale produktie is.''

Nu betaalt Kaz-fer Impex Ltd, zoals het bedrijfje van Isakhan en zijn 20 medewerkers heet, 35 procent belasting. Wel is een kwart van het personeel permanent in Moskou gestationeerd. De jonge directeur lacht wat ontwijkend op de vraag waarom. ""Dat is ons geheim. In Moskou proberen we de bureaucratische problemen rond de invoer van elektronica op te lossen.'' In welke richting je die problemen moet zoeken laat zich raden: regels en mensen die regels bewaken. Giller, de krantemagnaat in spe, kent deze wereld van bureaucraten. ""Je hebt 3 soorten ambtenaren in de Unie: zij die niets doen en hun salaris toucheren, zij die iets doen voor steekpenningen en zij die iets doen en geen steekpenningen vragen. De laatste soort is zeldzaam''.

Vakmensen

Mevrouw Feliza Manchedjanova van de Vereniging van Plasticverwerking in Alma Ata werkt vanaf 1 januari in een geprivatiseerde coöperatie. ""In anderhalf jaar hebben we zo'n 400 mensen zien overstappen naar privé-ondernemingen, die driemaal zoveel betalen als wij. En zij waren onze beste vakmensen.''

Waar geen monopolies zijn werken blijkbaar toch rudimentaire wetten van concurrentie, maar de waarheid draait in de Sovjet-Unie na een kwartier doorvragen vaak net weer een slag. Zo blijken de weggelopen mensen in de woningen van de oude werkgever te blijven wonen, immers geen wet in het oude communistische rijk had rekening gehouden met het veranderen van baas. Zo zwaar viel het overstappen dus ook niet.

De Vereniging heeft inmiddels een tegengezet gedaan: de salarissen werden verdubbeld, 1000 roebel per maand. De totale loonsom mocht echter niet omhoog, dus restte maar één oplossing, het aantal arbeiders moest omlaag. ""Ik zit hier 25 jaar en heb nog nooit zo'n moeilijke tijd gehad, eerlijk niet, ik heb 3 kilo verloren en nachten niet geslapen. Maar het moest, ik heb 150 mensen ontslagen'' aldus de directeur personeelszaken. Ze geeft toe dat het ontslag niet in de produktiecijfers te merken is.

Winst lijkt in deze overgangseconomie van schaars aanbod en onuitputtelijke vraag inderdaad zeker. Maar dat daarvoor ook een gegarandeerde aanvoer van grondstoffen een vereiste is dringt maar langzaam door tot de directies, gewend als ze waren aan de eenvoud van planmatige toelevering en produktie. Directeur Jefimov van de katoencombinatie: ""We moeten voor volgend jaar zelf onze behoefte aan katoen en kleurstoffen, aan smeerolie en onderdelen voor onze machines plannen. De kleurstoffen zijn gelukkig al uit Armenië aangekomen, katoen kopen we wel in Kazachstan, maar reserve-onderdelen zijn een groot probleem''. De meubelfabriek Merej, die al sinds 1930 bestaat, heeft net 3 maanden stil gelegen door gebrek aan houtsplinters voor meubelplaten. Continu zijn er 30 mensen op pad in de gehele Unie, op zoek naar hout en andere grondstoffen.

In de planeconomie was alles overzichtelijk, de staat gaf opdracht tot de fabricage van 60.000 boekenkasten en garandeerde de aanvoer van grondstoffen, die uit vele republieken betrokken moesten worden. Nog steeds plaatst de overheid orders en belooft grondstoffen. Vladimir Shkrygunov, belast met de (toekomstige) export en buitenlandse relaties van Merej: ""Drie weken geleden kregen we per post een staatscontract voor 60 procent van onze voorziene produktie in 1992, gisteren kregen we een brief dat het niet doorging. We weten niet meer wat waar is''. Chaos en onzekerheid, die ook veroorzaakt wordt door de nationalistische tendenzen binnen de republieken. Kazachstan verbiedt levensmiddelen uit te voeren, Rusland op zijn beurt houdt de houtproduktie voor zichzelf. De vrije markt werkt als intentie, maar vrije concurrentieverhoudingen bestaan nog niet.

De toeleveranties worden vaak in ruilhandel geregeld. Bij gebrek aan roebels betaalt de Vereniging van Plasticverwerking in verlengsnoeren, speelgoed, thermosfles sen. Merej vergoedt zijn hout of lijm met kasten. De injectienaaldenfabriek koopt energie tegen spuiten. Een directeur van een dierenvoedselbedrijf kan plotseling opgescheept zitten met een partij bontjassen, waarvan hij niet weet aan wie hij ze kan slijten.

Carrière op de beurs

De rarigheden van dit primitieve ontluikende kapitalisme moet de nieuwe beurs in Alma Ata, nog maar 5 maanden oud, gehuisvest in een glazen gebouw zonder ruimte voor kantoren, zien recht te breien. ""Economische soevereiniteit is het welzijn van de republiek'' staat in twee talen aan de ingang van het beursterrein, waarvoor de aanschaf van een toegangsbewijs vereist is. Juri Koerbatov (40), een half jaar geleden nog directeur van een sportschool, heeft een razendsnelle carrière op de beurs gemaakt. Omdat hij de hoogste omzet haalde is hij nu directeur van de firma A-Broker en 8 brokers. Broker is net als makler (makelaar), fermer, businessman en joint-venture een veel gebruikt nieuw woord in de Russische taal. ""Drie dagen per week is er beurs,'' zegt Koerbatov, ""de andere dagen stuur ik mijn brokers de straat op, om bij bedrijven te horen of er nog handel is.'' Vindt de broker bijvoorbeeld een voorraadje graafmachines bij een klant dan probeert hij met de eigenaar een prijs af te spreken waartegen de partij verkocht moet worden. Eventuele winst wordt fifty-fifty gedeeld. ""Zeker, het komt voor dat een broker de waarde te laag of te hoog schat. Maar ook dat hetzelfde artikel op een andere beurs in Alma Ata voor 5.000 roebel en hier voor 50.000 wordt aangeboden. Als we dat weten proberen we als de bliksem daar te kopen en hier te verkopen.''

We praten in het tumult van de Algemene beurs. Alma Ata kent 2 algemene beurzen, verder beurzen voor landbouw, onroerend goed, aandelen en know how. Een grondstoffenbeurs is in oprichting. In Moskou draaien 25 beurzen en de totale Unie telt er 500. Het systeem werkt kinderlijk eenvoudig en vraagt een zee van tijd. De beursmeester leest de lijst met goederen voor en als een koper interesse voor een artikel heeft neemt hij plaats achter één van de vele micorfoons in de zaal en vraagt of de broker van de partij goederen zich bekend wil maken. De beursmeester herhaalt dat verzoek en de broker meldt zich achter een andere microfoon. Hij geeft uitleg over zijn aangeboden partij goederen, bijvoorbeeld de exacte inhoud van 10.000 flesjes shampoo of hij nodigt de kooplustige uit te komen kijken naar de Wolga die aangeboden wordt. Als het aangebodene niet aanwezig is, bijvoorbeeld een grote tweedehands maaimachine, dan laat hij bijvoorbeeld een gebruiksaanwijzing zien.

Is de koper geïnteresseerd dan vraagt hij veiling aan en meestal krijgt hij zijn partij voor zijn prijs. Een enkele keer wordt er meegeboden door iemand anders. Deze embryonale beursvorm noodt, zo te zien, tot handigheden en misbruik. Maar Koerbatow bezweert dat de brokersethiek heilig is. ""We moeten onze naam nog opbouwen en we kunnen dus niet allerlei kunstjes gaan flikken.'' Maar de glanzendkale beurscommissaris van de Commissie Ethische zaken, Wasili Isatschenko (41), vertelt dat juist die ochtend een broker voorlopig geschorst is, omdat hij zijn klanten niet op tijd betaald heeft. ""Hij wordt pas weer toegelaten als hij iedereen betaald heeft, zijn verontschuldigingen heeft aangeboden en de andere brokers toestemming heeft gevraagd om weer mee te mogen handelen.'' Isatschenko denkt zelf bestand te zijn tegen de verleidingen van al te handig zaken doen met bijvoorbeeld voorkennis op verschillende beurzen. ""Ik heb mijn scholing in de illegale handel al achter de rug. Ik verdien nu uitstekend.'' Ook Koerbatov acht zich dankzij zijn salaris immuun voor onoirbaar handelen. ""Een jaar geleden verdiende ik 200 roebel per maand, nu heb ik 20.000.''

De beurs is het beste bewijs dat het kapitalisme in de Sovjet-Unie snel oprukt. De omzet in Alma Ata, bij de start in juli, was 1,7 miljoen roebel. Een brokerplaats kon je toen kopen voor 100.000 roebel. Nu, 5 maanden later, draait de beurs maandelijks gemiddeld 40 miljoen en kost een brokersplaats al 500.000 roebel. Oktober was een recordmaand, met 60 miljoen roebel. Koerbatov: ""Dit beroep is nodig omdat de betrekkingen op economisch gebied totaal verstoord zijn. We leren hier het prijssysteem begrijpen, hoewel er nog maar weinig mensen zijn die werkelijk de waarde van allerlei goederen weten te beoordelen. Maar u ziet: het werkt, hoe onbeholpen ook, er wordt verkocht en gekocht ''.