Carolina en Mozart

Op 5 december 1791 overleed de 35-jarige Wolfgang Amadeus Mozart. Of het bericht van zijn vroege dood aan het stadhouderlijk hof te Den Haag indruk maakte weten we niet. De muzikale prinses Carolina van Oranje, vorstin van Nassau Weilburg die Mozart in 1765 naar ons land haalde, was al in 1787 gestorven. Haar broer stadhouder Willem V had wel andere dingen aan zijn hoofd: hij stond zwaar onder druk van de patriotten. Dat zich in het Koninklijk Huisarchief geen brief bevindt waarin een Oranje op het overlijdensbericht reageert, is niet vreemd. Maar het is wel raadselachtig dat in de omvangrijke correspondentie tussen prinses Carolina en haar vijf jaar jongere broer Willem V de naam van Mozart niet voorkomt.

En dat terwijl de prinses bezeten was van muziek en ze Mozart minimaal zestien keer hoorde spelen. Ze had de muzikale begaafdheid geërfd van haar moeder, prinses Anna van Hannover, een van de beste leerlingen van Händel.

Carolina moet een prachtige zangstem hebben gehad. De musicus en dichter Christian F. D. Schubart prees die stem en betreurde het dat ze om "psychische Gründe' op latere leeftijd niet meer zong. In vrijwel elke brief vertelt Carolina haar broer dan ook iets over een concert, een komische opera, een ballet of nieuwe bladmuziek. Maar uitgerekend in de periodes voor, tijdens en na de bezoeken van Mozart schreef ze hem niets. En toch had de prinses heel wat moeite moeten doen om Leopold Mozart zover te krijgen dat hij in de nazomer van 1765 met zijn vrouw en beide wonderkinderen naar Holland reisde. De Mozarts die aan het hof van Carolina's oom, koning George III van Engeland, vertoefden, hadden er al een tournee van drie jaar op zitten. Ze wilden zo snel als de voertuigen van toen het toelieten terugkeren naar Salzburg. De gezant van Carolina had Leopold al "vielmahls' verzocht naar Den Haag te komen, maar vader Mozart weigerde.

Meestal wordt aangenomen dat hij pas voor de aandrang van de gezant zwichtte toen hij hoorde dat Carolina zwanger was. Toch kan de zwangerschap niet de doorslag hebben gegeven. Carolina's leven vormde - net als bij andere vrouwen van haar tijd - een lange aaneenschakeling van zwangerschappen, miskramen, bevallingen en begrafenissen. Waar de zakelijke Leopold Mozart wel voor door de knieën ging was "die Proposition'. Prinses Carolina heeft hem een goed honorarium geboden.

Haar ongedwongen brieven aan Willem V, haar broer, vormen naarmate de zomer van 1765 nadert, steeds spannender lectuur. In juni, toen de Mozarts nog in Londen concerteerden, is het volgens Carolina in Den Haag heet en saai. Ze reist via Soestdijk naar Het Loo en verheugt zich onderweg op de muziekuitvoering die haar daar wacht. En er is inderdaad een "nouvelle chanteuse' uit Parijs, die net zo mooi zingt als ze eruitziet. Ook schrijft ze over een "nouvelle comique'.

Het wordt juli. Tegen het eind van de maand verlaten de Mozarts Londen. Op 10 juli vertelt Carolina dat het nieuwe orgel voor het eerst is bespeeld en op 11 juli verzucht ze: “Ik weet niks aardigs meer, mon cher frère”. Nog steeds geen bericht over haar pogingen om de beroemde familie Mozart naar Den Haag te laten komen. Wel belooft ze haar broer een klarinettiste te sturen en een "petit symphonie'. Haar muzikale commentaren gaan door tot 31 augustus 1765. Ze deelt mee dat ze Tom Jones heeft gelezen. Dan eindigt de correspondentie abrupt. Nog geen twee weken later geeft de 9-jarige Mozart voor Carolina zijn eerste concert. Pas op 31 mei 1766, ruim een maand na het afscheid van de familie Mozart, wordt haar briefwisseling met Willem V voortgezet. Carolina komt daarin nergens terug op het verblijf van de Mozarts in ons land, dat zeven maanden duurde.

De nu 10-jarige Wolfgang schrijft haar uit Salzburg nog wel een brief. Het is aandoenlijk te lezen hoe hij de prinses dankt, omdat ze hem met zijn "schwache Talente' het genot schonk "die Sanftheit' van haar stem op het klavier te mogen begeleiden. Hij bedankt haar ook omdat ze zijn leven heeft gered. En terecht: als Carolina niet tijdig haar bekwame lijfarts naar de twee doodzieke kinderen had gestuurd, waren Wolfgang en zijn zusje in Den Haag aan buiktyfus overleden. De kleine componist had het blijkbaar goed gehad bij de Oranjes: “Mein empfindsames Herz wird auf ewig dort verbunden sein”. In Carolina's brieven aan haar broer vinden we geen woord over de aria die hij voor haar componeerde ("conservati fedele' - KV 23) noch over zijn variaties op de air "Willem van Nassau'. Het was echter niet de laatste keer dat Mozart voor de prinses optrad.

Elf jaar later, eind 1777, bevond de toen 22-jarige Mozart zich in Mannheim en besloot hij de prinses van Oranje, verblijvend in Kirchheim Bolanden, weer te bezoeken. Nieuwsgierig willen we lezen wat ze haar broer in 1777 over dat tweede bezoek schreef. Maar ook nu wacht ons een teleurstelling: op haar brief van 5 mei 1777 volgt een lang stilzwijgen. Pas op 16 mei 1778, als Mozart al in Parijs is, wordt de briefwisseling voortgezet. En ook daarin komt Carolina niet terug op Mozarts bezoek. De componist heeft zijn verblijf aan haar hof in een brief aan zijn vader wel uitvoerig beschreven. We weten dat hij wel twaalf keer voor haar speelde en dat zijn begeleidster Aoïsia von Weber, de sopraan die jaren later zijn schoonzuster zou worden, dertien keer voor Carolina zong. Mozart bespeelde ook het orgel en droeg vier symfonieën aan de vorstin op. Is het toeval dat de briefwisseling van Carolina hier opnieuw een hiaat vertoont? Of mogen we veronderstellen dat een onbekend muziekliefhebber in de negentiende eeuw een greep heeft gedaan in het archief van ons vorstenhuis? In die tijd werd er nog niet al te streng op gelet.

Het was koningin Emma die in de jaren negentig het prijzenswaardige initiatief nam tot de bouw van het Koninklijk Huisarchief bij Paleis Noordeinde. Ze liet er alle archiefstukken die op zolders van verschillende paleizen verspreid lagen, bijeenbrengen. Op de eerste inventarislijst komen de "verdwenen' brieven van prinses Carolina niet voor. De prinses heeft haar geheim meegenomen in de grafkelder van de Van Nassau Walburgs in de kerk te Kirchheim Bolanden. Daar rust ze. Vlak onder het orgel dat Mozart in januari 1778 voor haar bespeelde. Haar commentaar op zijn virtuoze spel blijft ons onthouden.