Haaien uit Frankrijk

Studio Naço t-m 28 dec bij Galerie Binnen, Keizersgracht 82, Amsterdam. Di t-m za 12-18u. Inl 020-6259603.

In 1985 richtten de Fransman Alain Renk (28) en de in Argentinië geboren Marcel Joulia Lagares (32) in Parijs Studio Naço op. Door gespierde ontwerpen werd Naço al snel een van de spraakmakende namen van Frans design, en een geduchte concurrent voor Philippe Starck. “Studio Naço,” schreef een designtijdschrift, “is de hongerige haai in de lauwe zee van het bourgeois Franse design.”

De beeldspraak is voor een deel ontleend aan Naço's karakteristieke vormen, een combinatie van stroomlijning à la jaren dertig en organische, zelfs dierlijke vormen - vaak inderdaad vileine vinnen. Twee van hun bekendste lampen bij voorbeeld zijn de hoogglanzende Manta de wandarmatuur Haai.

Galerie Binnen in Amsterdam laat nu voor de tweede keer werk zien van deze studio, waartoe inmiddels ook de Amerikaanse Denise Conrady behoort. De eerste tentoonstelling (1988), met voorwerpen geïnspireerd op de ruimtevaart en het planetenstelsel, was voor het Nederlandse bedrijf Lumiance aanleiding Naço te vragen om spots te ontwerpen. Het heeft lang geduurd, maar het resultaat, inclusief ontwerptekeningen en modellen, is nu te zien: de fraaie Xeno-serie van drie spots uitgevoerd in hooggepolijst aluminium.

Van meet af aan is het Studio Naço voor de wind gegaan. In 1987 wonnen ze de eerste prijs op de tentoonstelling Objet 2000 de eerste prijs van het Franse ministerie van cultuur met Vega, bestek in rozehout en zilver. Hun meubels en lampen worden al gefabriceerd in Frankrijk, Italië, Spanje, Japan, en nu ook in Nederland. Op uitnodiging van de vooraanstaande Japanse ontwerper Shiro Kuramata hield Naço deze zomer een overzichtstentoonstelling in Tokio, waaruit een samenwerking met de Japanse belichtingsfabrikant Yamagiwa is voortgevloeid. Tot de lopende opdrachten behoren een telefoon voor een Frans bedrijf, een bedrijfsgebouw van vierduizend vierkante meter vlakbij het vliegveld Charles de Gaulle en een geheel nieuw interieur van een huis in Parijs dat in de jaren twintig werd ontworpen door de architect Robert Mallet-Stevens.

De expositie in Galerie Binnen bestaat echter voor ruim de helft uit een collectie, Pour de vrai geheten, die op een geheel andere manier tot stand is gekomen. Hiervoor hebben Renk en Joulia samengewerkt met ambachtslieden, vaak al hoogbejaard, die in de bewerking van traditionele materialen als hout, koper, glas en zilver zijn gespecialiseerd. Zij worden geëerd met een portrettengalerij. “Wij kunnen veel van hen leren,” vertelde Joulia op de opening, “maar andersom ook! Zij hebben veel kennis en ervaring, maar zijn vaak rigide in hun werkwijze. Als wij ze met onze ontwerpen confronteerden, zeiden ze vaak in eerste instantie: dat kan niet. Waarop wij zeiden: waarom niet? Je voert dan in feite dezelfde strijd als een industrieel ontwerper - alleen zijn de ambachtslieden soms nóg taaier.”

Zoals al het werk van Naço lijken ook de objecten in de Pour de vrai-collectie spontaan, maar niet toevallig. Op een porseleinen theeservies na bestaat de collectie uit unica: een prachtige schaal van zilver en hout; een object van felgekleurd glas gevat in een standaard van zilver; kleine glazen kommen met tussen het glas gevat, een zilveren laag als glinsterende belletjes kwik. Zullen ontwerpen uit deze serie in produktie worden genomen? Renk haalt zijn schouders op: “Eerlijk gezegd interesseert ons dat niet zo. We willen vooral de vrijheid houden om te doen waar we zelf zin in hebben.”

Een van de eerste ontwerpen van Naço was de radio Bianca M., een parmantig hoorntje van aluminium dat op twee vinnen steunt. Hetzelfde geldt voor hun assymetrische calculator met inklapbare dislay. “Beide waren een groot succes, terwijl ze in eerste instantie louter als experimenten voor onszelf waren bedoeld. Wij dachten terug aan de tijd toen iedereen om de radio heen zat en ernaar keek, toen de radio niet onzichtbaar was. De meeste radio's en rekenmachines bestaan voor negentig procent uit technologie en slechts tien procent uit emotie. Bij ons is dat andersom.”