Poolse produktie van Haydn is te oubollig

Voorstelling: Il Mondo della Luna van J. Haydn door de Staatsopera van Poznan en het Collegium Europae o.l.v. Wieland Kuyken. Decor en kostuums: Marina Harington; regie: Robert Skolmowski. Gezien: 3-12 Schouwburg Rotterdam. Herhalingen: 4-12 Rotterdam; 6-12 Stadschouwburg Utrecht; 7-12 RAI Amsterdam; 8-12 AT&T Danstheater Den Haag; 10-12 Schouwburg Eindhoven; 11-12 Orpheus Apeldoorn; 12-12 Schouwburg Heerlen; 13-12 Schouwburg Groningen.

De Staatsopera uit de Poolse stad Poznan reist de komende dagen ons land af met Il Mondo della Luna (De wereld van de maan), een opera met een vrolijk libretto van Carlo Goldoni uit 1777 van Joseph Haydn. De tuinvoorstellingen van de Zomeropera in Hilversum zijn al jarenlang een Haydnfestival, maar verder worden opera's van de vader van het Weense klassicisme spaarzaam opgevoerd: de voorstelling van Il Mondo della Luna in het Holland Festival 1959 onder leiding van Carlo Maria Giulini was de eerste van de originele versie sinds de wereldpremière, een van de muzikale opluisteringen van de bruiloft van de zoon van Haydns werkgever vorst Esterhazy.

Helaas is deze Poolse produktie geen pleidooi voor Haydn als operacomponist. Het onterechte clichébeeld van de brave Pappa Haydn wordt nog eens flink uitvergroot in een gezapig voortkabbelende voorstelling met een enkel bedaagd al te keurig grapje maar zonder een vonk van flitsende spiritualiteit. De kluchtige verwikkelingen rond Buonafede, die wordt beetgenomen als hij door een sterrekijker naar de maan kijkt terwijl hem daar zijn wensdroom van de gehoorzame vrouw wordt voorgespiegeld, maken van alle personages de voorouders van de gevangenisdirecteur Falcke die in Strauss' Fledermaus zingt dat hij óók best gezellig kan zijn.

Het decor houdt het midden tussen de late Rembrandt en de vroege Anton Pieck - op zich een juiste datering voor een naar authenticiteit strevende uitvoering - en het karakter van de voorstelling met die slome recitatieven is al even oubollig als de wereld vroeger misschien inderdaad wel was. Maar historiserende slap geregisseerde oude koek betekent niet automatisch een aanvaardbare operaproduktie voor een hedendaags publiek en ik was gisteravond in Rotterdam lang niet de enige die het voor slechts de helft kon aanzien. Het Collegium Europae doet onder leiding van Wieland Kuyken in aria's en tussenspelen zeker zijn best, maar de vocale kwaliteiten van de meeste zangers variëren slechts van matig tot dubieus.

Astronomische onzin als een overlangs gehalveerde sterrenkijker en het kijken naar de maan door beroete glaasjes, is van alles nog het minst erge.