Het ordenen van de kosmos aan een kleine keukentafel

De legpuzzel heeft zijn come-back gemaakt. Nederland kent sinds kort twee puzzel-o-theken, allebei "Het stukje' geheten, de laatst overgebleven puzzelclub van Nederland zag haar ledental voor het eerst in tien jaar stijgen en vorig jaar verdubbelde de omzet van speelgoedfabrikant Jumbo.

In totaal werden er in Nederland 1,15 miljoen legpuzzels verkocht, ter waarde van ruim dertien miljoen gulden. Voor de fabrikanten een onverwachte opleving van de bezigheid, die nog het meest weg heeft van Sisyfusarbeid.

Jumbo heeft een onderzoek naar die plotseling toenemende behoefte laten uitvoeren. Puzzelaars zijn conscientieus. De antwoorden op de vragen “Wanneer, hoe vaak en welke puzzels legt u?” werden per omgaande aan de frabrikant teruggestuurd. Met talloze suggesties voor nieuwe afbeeldingen, voor uitschuifbare systemen zodat een puzzel ook in de trein kan worden gelegd, met verzoeken tot andere lijm- en kartonsoorten en met de dringende vraag of er ook eens aandacht aan éénpersoonsspelletjes kan worden besteed. Een twintigjarige vrouw uit Nijmegen vroeg beleefd om de exacte werktekening van het eendje Guusje, die op een kinderpuzzel voorkomt, om de gewenste tatoeage op haar arm zo getrouw mogelijk uit te kunnen voeren.

Verder bleek dat herfst en winter de uitverkoren legseizoenen zijn, dat de leeftijd van de frequente puzzelaar variëert van twintig tot tachtig jaar en dat de puzzels van duizend en vijftienhonderd stukjes de voorkeur hebben in verband met het ruimteprobleem dat alle puzzelaars hebben. Hun kosmos wordt meestal geordend aan een (te) kleine keukentafel.

Geert Bekkering, een naar eigen zeggen "wetenschappelijk misvormd' bioloog, is geïnteresseerd in de herkomst van de puzzel. “Ik wil bewijzen dat het een Nederlandse vinding is”, zegt hij. Onlangs bepleitte hij bij Jumbo het organiseren van een nationaal kampioenschap Puzzelleggen naar Amerikaans voorbeeld. Daar staat men op gymschoenen aan tafeltjes records puzzelleggen te breken. Volgens Bekkering is puzzelen een trend en bestaat er een enorme behoefte aan deze sport. Hij bezit een unieke collectie van meer dan duizend puzzels, de meeste van vóór 1940. De moderne legpuzzel is hem een doorn in het oog.

Het kamp der puzzelaars is in twee groepen verdeeld. De moderne puzzel kent uniforme stukjes, die "interlocking' zijn, in elkaar grijpen. Dat is juist waar de "ouderwetse' groep van gruwt. Voor hen hoort geen puzzelstukje hetzelfde te zijn, er hoort geen voorbeeld van de afbeelding bij te zitten en de grootste pret beleven ze aan een contourpuzzel. Deze zijn op kleur uitgesneden, zodat niet duidelijk is waar dat gedeelte hoort te liggen vóór de rest ook af is. “Die zijn afschuwelijk gemeen”, giechelt Bekkering. De liefhebber van de moderne legpuzzel legt een voorkeur aan de dag voor landschappen met een suikerzoet kasteel, kunstzinnige tekeningen of een "comic'. De puzzels met de humoristische striptekeningen van Joost van Haasteren zijn niet aan te slepen, verklaart Jumbo. Deze maand komt de grootste comic-puzzel met vijfduizend stukjes van Van Haasteren uit.

De plaatjes waar het andere kamp het mee doet, veelal van vóór 1950, bieden vaak een blik op het leven van de gegoede burgers uit het begin van deze eeuw. Voor de Eerste en ook voor de Tweede Wereldoorlog woedde er een puzzelrage onder de High Society, een epidemie die zich tot Engeland en Amerika uitspreidde. Het gewone volk nam het vermaak al spoedig over. The jig of the week zorgde voor een wekelijkse wedloop op de sigarenhandels, waar ze voor een paar cent te koop waren.

Tegenwoordig zijn puzzels duur, reden waarom er een levendige ruilhandel is ontstaan. Op rommelmarkten wordt naarstig gezocht naar onbekende exemplaren. Als thuis blijkt dat de puzzel niet compleet is, krijgt de fabrikant vaak een briefje met het vriendelijke verzoek de ontbrekende stukjes aan te vullen. De meesten sturen dan een nieuwe puzzel, wat bijvoorbeeld ook gebeurt als een ontroostbare puzzelaar meldt dat de kat zich tegoed heeft gedaan aan een stukje.

Bij mankementen kunnen fans van de ouderwetse puzzels terecht bij Hans van Marle, ontwerper van constructiespeelgoed en volgens eigen zeggen de enige puzzelrestaurateur in Nederland (ad ƒ 3,50 per stukje). Hij heeft zich bovendien verdiept in de verborgen kracht van een puzzel. “Mijn conclusie is dat elk mens het gevoel nodig heeft dat hij uit een warboel een geheel kan maken. Dat eerste geluksmoment wordt in de vroegste jeugd ingevuld door de educatieve puzzel”, doceert Van Marle, voormalig leraar aan een Montessorischool. “Ieder kind begrijpt zelf dat het klopt. Dat hoeft de juf niet te vertellen. Een correct gelegde puzzel betekent dat je greep krijgt op de materie. Men is op zoek naar die gelukkige, nostalgische momenten.” Hij schrikt enigszins van zijn eigen pathos: “Maar dat denk ik echt.”

De eigenaresse van de puzzel-o-theek "Het stukje' uit het Oosten ziet legpuzzelen vooral als ontspanning. “Ik heb een hekel aan spelregels. Vooral van de overheid. Als ze weer eens komen zeuren, dan trek ik de stekker van de telefoon eruit, zet de Mattheus Passion op tien en ga ik een tweeduizender leggen.”

Op haar boerderij in Noordoost-Groningen zaagt Mijntje Nijkamp puzzels uit triplexplaten, die ze beplakt heeft met kalenderplaten, afgedankte reclameposters of een mooie foto. 's Avonds bij de televisie vijlt ze alle stukjes met de hand bij. Nijkamp: “Ik krijg het steeds drukker. Ik heb de tijd mee, denk ik. Het is milieuvriendelijk, handwerk, noem maar op. Ach kind, het is nostalgie ten top.” Behalve wat puzzels voor "licht-commerciële doeleinden' runt Nijkamp met haar business de laatst overgebleven puzzelclub van Nederland. In een eigengemaakt zakje met eigengemaakt koordje stuurt ze haar handgezaagde en gelakte werkjes zonder voorbeeld (“want anders is het te makkelijk”) naar haar ongeveer vierhonderd abonnees. Haar leden hebben, al naar gelang het abonnement, gemiddeld vier weken de tijd om een puzzel te leggen. Dan moeten ze het pakketje compleet doorsturen aan de volgende die op het bijgevoegde rouleerlijstje staat. De laatstgelegde puzzel mogen ze houden. “Mijn klanten wonen met name in het Gooi, Wassenaar en Aerdenhout. En ik heb een fanatieke groep in het zuiden. Het klinkt misschien gek”, verontschuldigt Nijkamp zich, “maar de meesten zijn van adel of behoren tot de intelligentsia, zoals artsen, professoren en predikanten.” Wel de oude garde, want Nijkamp schat dat bijna al haar leden de vijfenzestig zijn gepasseerd. In de zomer heeft de puzzelzaagster het niet zo druk, omdat haar klanten dan in de tuin werken. “Ik vervul ook een sociale functie. De gesprekken zijn kostelijk hoor. Ik heb gemerkt dat puzzelaars hele filosofische mensen zijn.” Soms moet ze een teruggestuurde puzzel zelf leggen om een ontbrekend stukje bij te maken. “Man, man, dan maak ik ze toch wel erg moeilijk”, verzucht ze uit de grond van haar hart. “Ik kan die dingen niet meer zien.”