Vier Felixen voor de film Toto le Héro

BABELSBERG, 2 DEC. Felix is weer thuis. Het door Markus Lüpertz ontworpen Felix-beeldje, dat functioneert als Europees broertje van de Oscar, is gisteravond voor de vierde keer uitgereikt voor de beste Europese filmprestaties van het afgelopen jaar. De lokatie was, na teleurstellende gala-avonden in Parijs en Glasgow opnieuw Berlijn, de stad waar het idee van de Europese filmprijzen geboren werd. Of om precies te zijn: een half uur rijden van het stadscentrum, in Babelsberg, in het studiocomplex waar FritzLang Metropolis opnam en Marlene Dietrich Der blaue Engel. En waar na de teloorgang van de UFA de Oostduitse filmindustrie onder de naam DEFA haar hoofdvestiging had. In de buitenwijken van Potsdam leiden de studiohallen, die tot de grootste van Europa behoren, nu een kwijnend bestaan, wachtend op de investeerder die ze omtovert in een nieuw produktiecentrum of een film-attractiepark.

In ieder geval werd er gisteravond nieuwe geschiedenis geschreven, tijdens een wervelende, professionele en soms door de historische connotaties ontroerende show. Aan het eind van de plechtigheid werd de grote hal officieel omgedoopt in de Marlene Dietrichhalle. De meeste Felixen sleepte verrassend de Belgische film Toto le Héro in de wacht. Het debuut van Jaco van Dormael werd vier keer bekroond: voor het scenario, het camerawerk, hoofdrolspeler Michel Bouquet en als beste "jonge' Europese film. De prijs voor de beste film ging naar de Britse, oorspronkelijk voor televisie gemaakte film Riff-Raf van Ken Loach.

De nominaties in de categorie beste film waren dit jaar weinig voor de hand liggend. Weliswaar won de eveneens genomineerde Franse inzending Le petit Criminel van Jacques Doillon nog de actriceprijs voor de jeugdige Clotilde Courau, maar algemeen werden de "jonge', dat wil zeggen eerste of tweede films, hoger gewaardeerd. Ultra' van Ricky Tognazzi won twee Felixen, voor de montage en bijrolacteur Ricky Memphis en het Europese kassucces Delicatessen werd bekroond voor de ontwerpen van kostuums en decors.

Een aantal belangrijke Europese films van het afgelopen jaar, bij voorbeeld van Greenaway, Von Trier, Bertolucci, Szabo en Wenders, werd niet eens ingezonden voor de prijzenregen. Deels heeft dit te maken met de procedure in de voorronde, waarbij nationale comité's per land een film, een jonge film en een documentaire kunnen inzenden. Die gang van zaken leidt tot omissies, onder andere omdat de nationale selecteurs de neiging hebben internationale coprodukties, die in Europa steeds meer gemaakt worden, over het hoofd te zien.

Tijdens het Berlijns Filmweekeinde vond een langzaam tot een traditie uitgroeiende reünie plaats van een groot aantal vooraanstaande Europese filmmakers, acteurs, scenaristen en andere vakmensen, verenigd in de organiserende instantie, de European Cinema Society. Bij deze gelegenheid besloot het gezelschap zijn naam te veranderen in Europese Film Academie, met een knipoog naar de Amerikaanse Academy of Motion Picture Arts and Sciences. Het aantal leden zal binnenkort uitgebreid worden van ruim 50 naar 100, zodat ook het eerste Nederlandse lid wel eens zijn opwachting zou kunnen gaan maken. Voor die eer staat vermoedelijk Fons Rademakers kandidaat.