Saravakos vindt het terecht dat Oranje naar Zweden gaat; "Voetballer van mijn niveau bepaalt niet zelf waar hij speelt'; Nukkige Griekse vedette gelooft niet in wonderen

BRUSSEL, 2 DEC. De rimpels in het voorhoofd van Dimitri Saravakos lijken niet eens gespeeld wanneer hij opmerkt dat hij zich niet precies kan herinneren wanneer en tegen welk land hij zijn debuut heeft gemaakt in het Griekse nationale voetbalelftal. Het moet ergens begin jaren tachtig zijn geweest. Wel weet Saravakos na enige hersengymnastiek te vertellen dat hij 20 doelpunten heeft gemaakt in 72 interlands. De enigszins gezette Griek, die voor een topaanvaller een geringe lengte (1.74 meter) heeft, is daarmee na zijn beroemde voorganger bij Panathinaikos en het Griekse elftal, Nikos Anastopoulos, die acht wedstrijden meer in het nationale tricot gespeeld heeft, de speler met de meeste interlands achter zijn naam.

Tijdens het Europese kampioenschap in Zweden volgend jaar zou Saravakos hem in theorie voorbij kunnen streven. Maar dat zal wel wat later gebeuren gezien het lakonieke commentaar van de absolute vedette van het Griekse voetbal, die opmerkt: “Als we met 1-0 winnen van Nederland dan is het in theorie altijd nog mogelijk dat we ons plaatsen voor het EK. Maar dat zou gewoon een wonder zijn wanneer dit gebeurt. Een overwinning tegen Nederland, daarna een monsterscore op Malta; normaal gesproken is dat uitgesloten voor dit Griekse elftal. We zijn een emotioneel volk. Daarom vindt iedereen het doodnormaal dat we de poule winnen. Maar de realiteit is natuurlijk anders. Iedere kwalificatieronde wordt Griekenland wel ingedeeld in een poule waarin het moet opboksen tegen één, twee landen die sterker zijn. Dat is nu ook gebeurd. Dat Nederland waarschijnlijk naar Zweden gaat is terecht. Het is het beste elftal in onze groep.”

Saravakos mag weliswaar niet als een willig causeur bekend staan, voor zijn doen zit de aanvaller aan de vooravond van het Europa-Cupduel van zijn club Panathinaikos tegen Anderlecht in het sjieke hotel President in Brussel op zijn praatstoel. Het levert verwonderde blikken op. Zelfs van de directeur-generaal van de club Manos Mavrokoukoulaikis, die weliswaar zijn zegen geeft aan een vraaggesprek, maar daarvoor niet bij de vedette wenst te bemiddelen. Hij kent de nukken van de gemanierde Saravakos, die er zelfs in een voetbal verdwaasd land als Griekenland, waar trainerscontracten niets waard blijken, als geen ander in slaagt de media te mijden. Er is in al die jaren eigenlijk maar één echt diepte-interview met hem verschenen. Hij werd toen zelfs op zijn jacht in de haven van Piraeus gefotografeerd. Voor de rest vindt Saravakos dat hij het met de bal aan de voet in het veld moet bewijzen. Hij zegt niet goed te weten wat hij het publiek eigenlijk zou moeten vertellen.

Zijn beschermde status wordt duidelijk in het veld waar hij tegen Anderlecht met een enkele sporadische actie bewijst dat zijn capaciteiten meer voetbalvernuft herbergen dan dat van zijn meeste teamgenoten bij elkaar. De Nederlander Graeme Rutjes, voorstopper bij Anderlecht: “Die Saravakos is een heel bijzondere speler. Naast z'n traptechniek is vooral zijn inzicht me opgevallen. Hij blijft vrij lopen, positie kiezen en ziet precies waar het spel zich gaat evolueren.”

Dat er ook bij Panathinaikos en het Griekse elftal niet aan zijn gezag wordt getornd blijkt zelfs tijdens de lunch, waar voornamelijk de internationals van Panathinaikos bij hem aan tafel mogen zitten. Trainer Basil Daniil neemt alle zaken met hem door. Daarvoor was Saravakos de beste maatjes met Gunder Bengtsson, de Zweed die vervolgens zo jammerlijk mislukte bij Feyenoord. Saravakos: “Bengtsson kon vertrekken omdat we met 6-1 van Dinamo Boekarest verloren. Het elftal was helemaal nergens die wedstrijd, maar de Griekse pers vond dat Bengtsson voor een overwinning had moeten zorgen. Het sloeg allemaal nergens op. Maar in zo'n geval krijgt de trainer van de voorzitter zijn geld en kan hij vertrekken.”

Saravakos is de oogappel van voorzitter Georghe Vardinogiannis, een reder (Mobil Oil) die in Athene het aanzien geniet van een Niarchos of Onassis. De 30-jarige multi-miljonair Saravakos, die deze week in het huwelijk treedt, kon het zich daardoor permitteren om aanbiedingen uit Italië van Torino en Fiorentina achteloos naast zich neer te leggen. Zelf zegt hij daarover: “De voorzitter heeft gezegd dat hij me niet wil zien voetballen bij een andere club. En de voorzitter is de baas. Je kunt als Griekse speler van mijn niveau ook niet zo maar zelf bepalen waar je wilt spelen. Je bent als Griekse voetballer hoe dan ook vijf jaar aan een club gebonden. Daar staat natuurlijk wel een behoorlijke financiële compensatie tegenover. Ik ben in 1984 bij Panathinaikos terecht gekomen. Daarvoor speelde ik bij Panionios.”

Zowel in de wedstrijden tegen Frem Reykjavik als IFK Göteborg, waartegen hij twee keer scoorde, legde Saravakos de basis voor de kwartfinale-plaats van Panathinaikos in de Europa Cup. In het Griekse nationale elftal was zijn belangrijkste wapenfeit dat hij vorig jaar vijf keer raak schoot tegen Egypte, dat op het WK in Italië Nederland en Van Basten cs nog in de grootste problemen had gebracht (1-1) in Palermo. Ook Jerry de Jong, die tegen Saravakos zijn debuut maakte in Oranje, en Hans van Breukelen zullen zich hem nog goed herinneren. Tijdens het EK-kwalificatieduel in maart '87 in Rotterdam (1-1) maakte hij het enige doelpunt voor de Grieken door snel een vrije trap te benutten. De totaal wanordelijke Nederlandse verdediging, Van Breukelen voorop, had het nakijken.

Toen ging Nederland en niet Griekenland uiteindelijk naar het EK. Een logisch gevolg van het klasseverschil tussen beide teams meent Saravakos, die ontkent dat de wedstrijd van woensdag speciaal naar Thessaloniki (35.000 toeschouwers) is verplaatst omdat de Griekse toeschouwers daar nog lichter ontvlambaar zijn dan elders. Drie jaar geleden stuurde Griekenland uit protest zelfs het Olympische elftal naar Rhodos om Oranje te bestrijden, toen Nederland na het bomincident in Rotterdam tegen Cyprus van de UEFA alsnog de kans had gekregen de wedstrijd over te spelen en niet werd gediskwalificeerd.

“Wat gebeurd is is gebeurd”, zegt Saravakos. “Wat heeft het voor zin om naar het verleden te kijken. Ik weet dat er veel gespeculeerd wordt over de wedstrijd tegen Nederland. Misschien was dat nog enigszins gegrond geweest wanneer we nog een reële kans op de eindronden hadden gehad. Maar die is er in mijn ogen niet. We zullen alleen proberen Nederland zo goed en waardig mogelijk partij te bieden. Thessaloniki was gewoon weer eens aan de beurt om van de Griekse bond een belangrijke wedstrijd te krijgen.”

In Portugal verbaasde de Nederlandse hulptrainer Dick Advokaat zich er anderhalve week geleden over dat Griekenland zelfs na een 1-0 achterstand, wat in feite het einde voor de kansen op de eindronden in Zweden betekende, zo defensief bleef spelen. Een kwestie van onmacht, die aangeeft dat de Grieken zeker niet in staat zullen zijn het doelsaldo van Nederland in de poule (+13 tegen Griekenland +4) nog in te lopen? Saravakos: “Laten we die wedstrijd maar snel vergeten. De verwachtingen waren enorm hoog gespannen, maar tijdens de wedstrijd lukte niets. Het liep op een enorme teleurstelling uit. Misschien was de druk te groot. Wat wil je ook in een land waar sommige clubs erin slagen om drie keer in één seizoen van trainer te verwisselen. Dat is wel wat veel, vind je ook niet?”, besluit hij zijn verhaal met licht ironische ondertoon.