In de catacomben van de eredivisie riekt het naar geronnen angstzweet

DOETINCHEM, 2 DEC. In de catacomben van de eredivisie is het donker en dreigend. Het riekt er naar beschimmelde ambities, vervlogen hoop en geronnen angstzweet. Hier zwoegen de voetbalslaven die met kracht en inzet moeten compenseren wat ze aan talent en techniek ontberen. Alsof het om hun leven gaat.

En degenen die er het ergst aan toe zijn, dat zijn de keepers. Elke tegentreffer snijdt niet alleen door hun goal maar ook door hun ziel. Zoveel tegengoals al deze competitie. Zoveel nederlagen. Keepers zijn per definitie eenzaam. Maar keepers uit de catacomben zijn de eenzaamste.

Voor het duel van de machtelozen afgelopen zaterdag tussen de twee laagst geplaatsten in de eredivisie, tussen De Graafschap en VVV, had de Venlose doelman John Roox in 15 wedstrijden al 33 doelpunten moeten incasseren. Zijn Doetinchemse collega John Olyslager had zich in 16 wedstrijden al 30 keer laten passeren. Zeven punten hadden allebei de clubs gehaald. VVV had één keer een zege geboekt, De Graafschap twee maal.

Dat zijn geen cijfers waar een rechtgeaarde doelman zich tevreden mee kan stellen. Gemiddeld twee doelpunten tegen per wedstrijd, heeft John Roox becijferd. “Dat is wel heel erg veel, hè. Als dat zo doorgaat, zijn het er 68 aan het eind van het seizoen.”

John Olyslager denkt met afgrijzen terug aan het begin van de competitie toen er geen houden meer aan leek. Dan had hij nog geen bal gehad en dan stond De Graafschap al met 1-0 achter. Enkele wedstrijden op een rij. Dat heeft aan hem geknaagd. Nu gaat het weer beter.

Roox en Olyslager zeggen dat hun clubs allebei hebben gekampt met aanpassingsproblemen bij de overstap van de eerste naar de eredivisie. In de eerste divisie was De Graafschap vorig jaar de onbetwiste heerser. De ploeg trok fris en vrij ten strijde, verloor twee van 38 wedstrijden en kreeg maar 34 doelpunten tegen. De gloriedagen van een keeper.

VVV eindigde vorig jaar als derde en plaatste zich via de nacompetitie voor de eredivisie. “Vorig jaar keken de tegenstanders tegen ons op”, herinnert John Roox zich met genoegen. “Tegenwoordig is het andersom.”

Argeloos begon zowel VVV als De Graafschap de competitie in de eredivisie met dezelfde speelstijl die hen in de eerste divisie zoveel succes had opgeleverd. Dat kwam hen duur te staan. Roox kreeg in de eerste drie wedstrijden meteen al veertien goals tegen. Olyslager werd zes keer gepasseerd in de uitwedstrijd tegen SVV Dordrecht. “Misschien hebben we in het begin van de competitie teveel risico genomen. Misschien hebben we ons zelf overschat.”

Via nederlaag na nederlaag werden de clubs met de neus op de harde werkelijkheid gedrukt. De realiteit dat de toppers van de eerste divisie te licht zijn voor de eredivisie. Dat Achterhoekse topscorers van vorig seizoen, Peter Hofstede en Jurrie Koolhof, op het hoogste niveau niet meer dan dolende spitsen zijn. Dat het jonge, snelle team uit Venlo voor het grote werk slagkracht en ervaring mist.

Van armoe begonnen de moeizaam scorende clubs zich op de verdediging te richten. "Spelen op de nul' was het motto. Vooral niet verliezen. Maar ook die strategie bracht geen verlichting. “Als je met de kont in de goal begint te spelen, ga je op het einde toch vaak de boot in. Wat heb je daar dan aan?”, schetst John Roox het dilemma. En John Olyslager: “Als je je teveel op de defensie richt, zet je jezelf onder druk. Je voetbalt steeds minder.”

Zo blijven VVV en De Graafschap zwalken tussen voetbal en anti-voetbal om het vege lijf te redden. Het aantal tegengoals per wedstrijd is in vergelijking met het begin van de competitie sterk verminderd. Maar wat koop je daarvoor zolang je blijft verliezen? Wat kopen de keepers ervoor als ze de sterren van de hemel spelen? “Een keeper wordt toch altijd beoordeeld op de ballen die erin gaan. Niet op de ballen die hij stopt”, weet John Roox. En John Olyslager: “Tevredenheid over je eigen prestaties wordt altijd overschaduwd door de kater van een nederlaag.”

De beide keepers konden zaterdagavond in Doetinchem content zijn over de eigen verrichtingen. In het duel van de verkramping en de middelmaat waren zij twee van de weinigen die uitkwamen boven de goede bedoelingen. John Olyslager redde zijn ploeg door een schot van VVV-er Geert Braem met zijn benen te keren. John Roox verwerkte een droge knal van Jurrie Koolhof op spectaculaire wijze tot corner. Maar de Limburgse doelman was kansloos toen Edwin de Wijs de bal na een dubbele carambole gelukkig voor de voeten kreeg: 1-0.

Dank zij die overwinning heeft De Graafschap weer aansluiting gekregen met de rest van de staartgroep. Terwijl VVV desolaat achterop hinkt. Voor Olyslager zaterdagavond reden om weer eens goed feest te vieren. Terwijl Roox zijn kruis in stilte droeg. In de kelder van de eredivisie blijft het donker en dreigend.