Valse tradities

Over het moderne leven luidt de standaardklacht dat er geen rituelen en tradities meer bestaan. Niemand kent nog een volksdansje, tenzij hij op een speciaal clubje is geweest; niemand begraaft nog na geboorte van een kind de moederkoek in een hoekje van erf of tuin; niemand kent meer oude kinderversjes uit z'n hoofd. Dit mag waar zijn, maar allerlei andere tradities zitten geweldig in de lift.

Het huwelijk is bijvoorbeeld een gebeurtenis waar meer en meer werk van gemaakt wordt. Wat ik aan trouwerijen meegemaakt heb, speelde zich af in het tijdsbestek van een dag: stadhuis, receptie, eten, feest. Tenzij het een direct familielid betrof, want dan kwam er een paar weken voor de bewuste datum een generale repetitie voor het diner bij. Nu schijn je niet meer te kunnen trouwen zonder dat daar een bachelorsparty aan vooraf gaat. Zelfs als de toekomstige echtgenoten zeggen dat ze daar geen zin in hebben, worden ze nog overvallen en ontvoerd (de man door zijn beste vrienden, de vrouw door haar vriendinnen) om "voor het laatst een avondje ouderwets uit te spatten'.

Het irritante van deze herlevende traditie is dat het nergens op slaat: de bruiloft vormt al lang geen cesuur meer tussen vrijheid zonder seks en gebondenheid met seks. Mensen die trouwen wonen vaak al samen of hebben in ieder geval een lat-relatie.

Getrouwd zijn betekent niet dat je nooit meer een avondje op stap kunt met vrienden of vriendinnen. Een bachelorsparty houden is hypocriet en gênant, omdat de repressieve bodem, waarop het fenomeen ooit floreerde, verdwenen is. De viering dient alleen maar als slap excuus om zich lam te zuipen, maar daar heeft niemand nog een excuus voor nodig.

Kerstmis is een andere traditie die bloeit als nooit tevoren. Reerug, kersthymnes, rendieren, kerstkaarten, er is allemaal niets mis mee, ik begrijp alleen niet waarom er ook nog cadeautjes bij moeten, als we toch al Sinterklaas hebben en de gewone verjaardagen en vader-, moeder- en secretaressedag (met alle materiële blijken van waardering die horen bij het in acht nemen van deze feestdagen).

In het noorden vieren ze steeds meer carnaval, maar het is natuurlijk niet het echte carnaval van beneden de rivieren, het is gewoon drinken met te harde, verkeerde muziek op de achtergrond. Er zit iets aanstellerigs in het omhelzen van nieuwe tradities of het weer nieuw leven inblazen van rituelen die al bijna waren verdwenen. Twintig jaar geleden leidde het ontgroenen bijvoorbeeld een zieltogend bestaan. Het idee dat je je allerlei verachtelijks moet laten welgevallen om lid van een bekakte club te worden! Maar het corps is weer volop in de running en aankomende studenten staan te popelen om zich een paar weken op voet van gelijkheid te laten vernederen. Het volgend jaar kunnen ze zelf hun slag slaan.

Er is helemaal geen gebrek aan rituelen en tradities in Nederland, er deugt iets niet aan de inhoud. Vroeger zaten mensen uit gewoonte in de kerk op zondag, nu bezoeken ze devoot een museum. Religie of esthetiek, wat maakt het uit, het zijn allebei vormen van geestelijke verheffing, zou je zeggen. Maar er is wel degelijk verschil. Naar het museum ga je om jezelf op verantwoorde wijze een plezier te doen (de overheid spoort de burgers daar ook voortdurend toe aan) of omdat kunst in is. Naar de kerk ging je, omdat er niets anders opzat. Dat is ook het wezen van een traditie: er wordt een baby geboren en het kraambezoek krijgt beschuit met muisjes aangeboden. Er valt niet aan te ontkomen. De mensen die nooit een voet in de kerk zetten behalve als ze trouwen, omdat ze dat toch "echter' vinden, of als ze hun kind laten dopen (voor alle zekerheid) of op kerstavond, omdat er dan zo mooi gezongen wordt, denken dat ze een traditie in ere houden, maar ze parasiteren erop.

In de braderietraditie is koninginnedag het hoogtepunt met veel vette multiculturele snacks en bier in plastic bekers. Het is wel leuk, maar toch ook een beetje vals. Waarom? Omdat het grootste gedeelte van de feestvierders zich een paar dagen later niets gelegen laat liggen aan de twee minuten silte op 4 mei, laat staan dat men weet wat er op 2 november aan de hand is. Voor narigheid of desnoods reflectie gelden geen tradities meer. Dat plaatst de overdaad aan leukigheid in een vals licht.

    • Beatrijs Ritsema