Kwartaalwinst Akzo iets lager, beurs positief

ROTTERDAM, 31 OKT. De nettowinst van Akzo is in het derde kwartaal van dit jaar uitgekomen op 162 miljoen gulden. Dat is 2,5 procent minder dan in hetzelfde kwartaal vorig jaar.

De winst per aandeel komt daardoor uit op 3,51 gulden, tegenover 3,73 gulden vorig jaar. De winst per aandeel over de eerste negen maanden van dit jaar bedraagt 11,84 gulden (12,90 vorig jaar). Het chemieconcern keert net als vorig jaar een interimdividend uit van 1,50 gulden.

De beurs ontving de Akzo's jongste kwartaalcijfers positief. Na een slot van 121 gulden gisteren opende het fonds op 122,60, en noteerde rond het middaguur 1,40 gulden hoger.

De kwartaalomzet van Akzo kwam met 4,12 miljard gulden nagenoeg uit op het niveau van vorig jaar. Het bedrijfsresultaat lag met 280 miljoen gulden een fractie onder dat van vorig jaar (287 miljoen).

Dr. S. Bergsma, lid van de groepsraad van Akzo, handhaafde de voorspelling dat Akzo's nettowinst, exclusief buitengewone baten en lasten, slechts beperkt zal achterblijven bij vorig jaar (729 miljoen gulden). Met de meevallende jongste kwartaalresultaten zal Akzo “die projectie makkelijker kunnen halen”, aldus Bergsma. Hij zei geen duidelijke aanwijzigen te hebben van een herstel in de markt.

DSM, Nederlands tweede chemieconcern, presenteerde gisteren beduidend slechtere kwartaalcijfers. De kwartaalwinst daalde met 38 procent, het bedrijfsresultaat met 50 procent en de omzet met 7 procent. Het aandeel leverde gisteren 1,10 gulden in op 99,40.

Hoewel Akzo en DSM zich beide beklagen over de matige ontwikkeling van de economie, zijn de gevolgen hiervan voor DSM ernstiger, omdat dit concern relatief sterk afhankelijk is van conjunctuurgevoelige basischemicaliën. Het meer gediversificeerde Akzo kampt weliswaar ook met zwakke sectoren (vezels en zout- en basischemie), maar vindt compensatie in de afzet van chemicaliën voor zeer specifieke toepassingen en in farmaceutica.

De chemische industrie, toeleverancier van nagenoeg alle bedrijfssectoren, geldt als een spiegel van de economische ontwikkelingen. Bij een periode van hoogconjunctuur groeit de chemie doorgaans sterker dan het gemiddelde, en een economische terugval treft de chemie vaak harder. Sinds het topjaar 1989 is de groei in de chemie aanzienlijk afgenomen, vooral door de recessie in landen als de Verenigde Staten, Groot-Brittannië en Frankrijk. Akzo merkt dit bijvoorbeeld door de ingezakte auto- en huizenmarkt. Het concern verkoopt minder rubberchemicaliën en garens aan de bandenindustrie, terwijl ook de afzet van verf in de bouw en de auto-industrie tegenvalt.

Op vezels na leverden alle produktgroepen in het jongste kwartaal een hogere bijdrage aan het bedrijfsresultaat. Tegenover hogere verkoopprijzen en gunstiger valutakoersen stonden een vermindering van omzet door afstoting van "deelbelangen', waaronder de verliesgevende Spaanse vezelfabriek La Seda, en een per saldo lagere afzet.

De Europese chemie verwachtte voor 1991 al een daling van de produktiegroei tot 1,5 procent als gevolg van de vertraagde groei van de wereldhandel. De omzet in de Nederlandse chemie nam vorig jaar al af met 1 miljard gulden tot 46,5 miljard.