Chirurg wordt waanzinnig

Intensive Care. Regie: Dorna X. van Rouveroy. Met: Nada van Nie, Koen Wauters, Dick van den Toorn, Michiel Hess, George Kennedy. In 20 theaters.

Een Nederlands filmmaker kan zo verknocht zijn aan een Amerikaans filmgenre dat hij of zij een poging wil doen om de grote voorbeelden na te volgen. Dat loopt zelden goed af, maar rolt er een geslaagde film uit zo'n onderneming dan is dat doordat de betreffende cineast zich afwendde van imitatie ten gunste van een persoonlijke invalshoek. Dick Maas is er een voorbeeld van: zijn op Amerikaanse conventies geïnspireerde film De lift was een meer dan acceptabele horrorfilm. Maar De lift was in de allereerste plaats dermate Nederlands van toon en humor dat geen Amerikaan ooit zoiets had kunnen maken.

Intensive Care, de eersteling van Dorna de Rouveroy, is zo'n film die een gemiddeld professionele Amerikaanse specialist in het horror-genre tot een goed einde had gebracht. Weinig bijzonders, maar goed genoeg voor de liefhebber van het genre. In handen van Rouveroy ontaardde de film in een misse tiener-komedie met horror-franje. Ze werkte de griezelfilm-trucjes op zijn best clichématig uit en deed haar werk zo onkundig dat we, wanneer we in haar film een bekend beeld uit The Shining herkennen, eerder aan roof denken dan aan een respectvol citaat.

Inherent aan het horror-genre is een volstrekt onwaarschijnlijke inhoud en de kunst is zo'n film desondanks te laten meeslepen. Het verhaal van Intensive Care (op het thema chirurg wordt waanzinnig en slachter) is zo ongeloofwaardig als maar kan, alleen, Rouveroy's regie verandert daar niets aan. Ook het script (van Hans Heijnen) helpt haar niet. Het ontbeert een krachtige structuur, het put zich slechts uit in een gewankel, wanhopig en zonder succes, tussen een ironisch botte en ronduit ordinaire toon.

Ook verder is werkelijk alles aan deze film onbeholpen. De gore is nooit opwindend of origineel en door de gebrekkige timing van regie en montage al helemaal niet schokkend. De personages zijn zo wezenloos opgezet dat ze geen van allen (zelfs de serie-moordenaar niet) werkelijk sympathiek of antipathiek worden. Aan authentieke sfeer ontbreekt het compleet: uit de slottitels blijkt dat er van de film ook een Engels nagesynchroniseerde versie zal komen (voor de Amerikaanse videomarkt?). Dat heeft in de aankleding geleid tot een schipperen tussen een Nederlands en een Amerikaans decor, met een troebel rommeltje in Niemandsland als resultaat.

En dan de acteurs. Nada van Nie (1967) en Koen Wauters (1968) flutteren rond als miraculeus vroeg oud geworden zeventienjarigen, vergeefs hengelend naar krachtige aanwijzingen over wat ze nu eigenlijk staan te doen. Hun Nemesis kreeg gestalte van de Amerikaanse acteur George Kennedy. Met Intensive Care maakt hij zijn debuut in een Nederlandse speelfilm, maar reden voor trots geeft zijn medewerking niet. Hij zegt zijn zinnetjes, hij loopt zijn loopjes. Professioneel en weinig spectaculair. Zo'n tien minuten na aanvang van de film krijgt zijn personage een ongeluk. Als het ontwaakt is het veranderd in een monster (een soort hond op zijn achterpoten). Wie Kennedy daarin herkent beschikt over een grenzeloze fantasie.

    • Joyce Roodnat