Werknemers ABP vrezen plannen met Rodamco

ROTTERDAM, 29 OKT. Onder de werknemers van de onroerend-goedafdeling van het Algemeen Burgerlijk Pensioenfonds (ABP) te Heerlen bestaat grote zorg over de plannen tot samenwerking met Rodamco. Deze plannen werden op 11 oktober aan de pers gepresenteerd.

Volgens bronnen binnen het ABP is een en ander opgezet door ABP's president-directeur, mr. drs. M.A.K. Snijders, en hoofddirecteur prof.dr. J.H.W. Goslings, belast met beleggingen, zonder de betrokken werknemers er in te kennen.

Vanmiddag is op het hoofdkantoor in Heerlen een bijeenkomst gehouden om het betrokken ABP-personeel in te lichten. Het ABP wil met Rodamco samenwerken op het gebied van buitenlands onroerend goed. De ABP-werknemers vrezen echter dat Rodamco op termijn ook het binnenlands onroerend goed van het ABP zal beheren. Daarbij zou het pensioenfonds dan tegen Rodamco zeggen: geef ons een bepaald rendement en verder geen zorgen.

Onder de werknemers van het ABP wordt er op gewezen dat Goslings bij zijn vorige werkgever, Centraal Beheer, een soortgelijke kostenbesparing heeft doorgevoerd en dat het beheer van de effectenportefeuille ook al deels in externe handen is gegeven.

Het ABP heeft moeite met het vinden van goede onroerend-goedbeleggingen. De investeringsmogelijkheden in commercieel onroerend goed in Nederland waren in 1990 beperkt en worden ook in 1991 niet groot geacht, zo schreef het fonds in het laatste jaarverslag.

Het ABP heeft nu 7 procent van zijn belegd vermogen van 157,5 miljard gulden gestoken in onroerend goed. Van deze 11,5 miljard is ongeveer een miljard belegd in het buitenland. Het ABP wil de totale onroerend-goedbeleggingen opvoeren tot 15 procent van het vermogen. Om dit doel te bereiken moet het ABP voor 13 miljard gulden onroerend goed kopen. Dat zal vooral in het buitenland moeten gebeuren. Maar zelfs in het buitenland zijn zulke grote bedragen moeilijk rechtstreeks te investeren. Daarom richt het ABP zich nu vooral op het kopen van aandelen in onroerend-goedfondsen (die onder de intrinsieke waarde noteren) in plaats van op het direct kopen van onroerend goed. Vorig jaar belegde het ABP voor 600 miljoen gulden in die aandelen van onroerend-goedfondsen.

Rodamco volgde in het verleden een soortgelijk beleid en gebruikte de via de Amsterdamse beurs aangetrokken gelden vooral om aandelen te kopen in buitenlandse onroerend-goedfondsen. Sinds Rodamco op 24 september vorig jaar dichtging, ontvangt het fonds via de beurs echter geen nieuwe middelen meer om te beleggen. Heel Rodamco heeft nu een vermogen van bijna 7 miljard, ofwel half wat het ABP nieuw wil beleggen in onroerend goed. Het onroerend-goedfonds wordt geleid door de voormalige commissaris van de koningin in Limburg, dr. J. Kremers.

Eerder dit jaar waren er geruchten op de beurs dat het ABP een bod zou doen op alle uitstaande aandelen van Rodamco, die ongeveer 20 procent onder de in het jaarverslag genoteerde boekwaarde noteren.