Nijpend tekort aan personeel in verpleeghuizen; "Ik hoor de zusters altijd rennen'

HELMOND, 29 OKT. “Je hoort aan de gehaaste loop of het een zuster is.” Ze is 70 jaar en tijdelijk bewoonster van het verpleeghuis Keyserinnedael in Helmond voor psychogeriatrische en somatische patiënten. Ze is er om aan te sterken na tweeëntwintig weken in het ziekenhuis wegens darmkanker en een verlamming; daarna gaat ze "gelukkig' weer naar huis. “Het personeel doet echt zijn uiterste best, maar ik heb in de vijf weken dat ik hier ben wel in de gaten gekregen dat het overbelast is. Ik hoor altijd rennen en nog eens rennen.”

Haar medebewoonster van 69 jaar, die door suikerziekte beide benen mist en zegt met plaatsing in het tehuis "levenslang' te hebben gekregen: “Je moet lang wachten voordat ze je op het toilet helpen of met het drinken komen. We weten ook wel dat het niet anders kan, maar sommige mensen kunnen dat begrip niet opbrengen. De een roept al weer om de zuster als de ander nog niet geholpen is. Dat moet zenuwslopend zijn.”

De situatie in de meeste van de 330 verpleeghuizen in ons land wordt nijpend genoemd. Directeur L. Kammers van het verpleeghuis Elisabeth in Goirle: “De toestand is onverantwoord. Aan sociale begeleiding komen we nauwelijks toe. Het dagprogramma bestaat in wezen uit niet meer dan uit bed halen, wassen en aankleden, dat om zeven uur begint en vaak tot elf uur duurt, daarna ontbijten, vrijwel direct daarop het middageten, de toiletrondes en dan is het zeven uur en gaan de eersten al weer naar bed waar men tot tien uur mee bezig is. De keren dat er echt tijd is om met ze naar buiten te gaan zijn sporadisch.”

Het Goirlese verpleeghuis komt 5 tot 10 procent personeel te kort. “En dan zitten we nog in een redelijk gunstige situatie in het zuiden van Nederland”, aldus Kammers. “We hadden al lang moeten zijn begonnen met de uitbreiding van onze capaciteit met 150 bedden, maar we zijn nog altijd niet verder dan de verklaringsfase, wat wil zeggen dat de overheid vindt dat die 150 bedden er moeten komen. Dat komt omdat de adviserende instanties er wat lang over doen, als u mij dat understatement toestaat. Voor elke oprisping heb je toestemming nodig. Als er nu geen maand meer verloren gaat kunnen we in 1994 gaan bouwen, maar dat betekent wel dat tot die tijd 150 mensen niet geholpen kunnen worden en dat de bouwprijs door indexering ettelijke miljoenen hoger uitvalt”, aldus Kammers.

Voorzitter dr. J.S.G. van den Bosch van de adviescommissie ouderenbeleid in Noord-Brabant en directeur van de Stichting verpleeghuizen gewest Helmond, waaronder ook het tehuis Keyserinnedael valt: “In Brabant kan gesproken worden van een noodsituatie. In geen andere provincie is het tekort aan capaciteit zo groot: 25 procent tegen landelijk 4 procent. Van de toezeggingen aan bedden in Brabant voor de periode 1987-1990 is nog maar 10 procent gerealiseerd. De overheid kan wel zeggen dat die 3.550 bedden er snel zullen komen, maar door de procedures zitten we al in 1995 of 1996 voor ze er echt zijn. Bovendien is nog maar de vraag of ze er sowieso komen, want in de stelselherziening volgens het plan van staatssecretaris Simons krijgen we straks de verzekeraar als partner aan tafel en die kan weer heel andere criteria aanleggen.” Een woordvoerder van WVC: “Je kunt inderdaad niks beloven. Je kunt alleen maar hopen dat de lijn die we met die 3.550 bedden hebben uitgezet, wordt gevolgd.”

Keyserinnedael in Helmond. Het gebouw staat er sinds 1987. In een volière in een van de hallen kwetteren vrolijk bonte vogeltjes. In de zaal voor fysiotherapie probeert op de onderste trede van een wandrek een man, die een hersenbloeding heeft gehad, weer de ene voet voor de andere te zetten, waarbij hij en zijn begeleidster eindeloos geduld aan de dag leggen.

Er zijn 120 bewoners, de jongste 57 en de oudste 92 jaar, en 80 personeelsleden. Er zijn twee afdelingen voor somatisch zieken en - daarvan nadrukkelijk gescheiden - twee voor psychogeriatrische patiënten. Daar heerst het stereotiepe beeld. Terwijl de televisie hard aanstaat, zitten drie mannen, het hoofd geknakt op de borst, te slapen. Elders hoort men een gekerm dat niets menselijks meer heeft.

Op de begane grond is een gemeenschappelijke ontvangstruimte. Daar komen de familieleden op bezoek. Daar kan men een kop koffie of een biertje krijgen. In een hoekje spelen twee kinderen met Lego. In een stand wordt aandacht besteed aan het project "tilvaardigheid'. Veel verzorgenden hebben last van rug- en nekklachten.

Het ziekteverzuim in het Helmondse tehuis is 11 procent, wat hoog is en ongeveer overeenkomt met het landelijk gemiddelde. Deze maandagochtend meldden vier verzorgenden zich ziek. Verzorgster A. Aarts: “Dat heeft wel degelijk met de werkdruk te maken. Mensen gaan snel door hun rug. Als ik 's avonds thuis kom heb ik nergens meer zin in.”

Het beroep van verzorgende in een verpleeghuis zou niet bijzonder in trek zijn. De salariëring, zegt men, laat te wensen over. Een pas gediplomeerde krijgt per maand 2.328 gulden bruto (exclusief de toeslagen voor onregelmatig werken). In Helmond hebben ze de grootste moeite om de leerlingengroepen vol te krijgen. Er kunnen er 25 in een groep, maar soms komt men niet verder dan 10 à 15. Vanaf zestien jaar kan men solliciteren, maar, zo is in een ander verpleeghuis te horen, “dat zijn kinderen, voor wie het een veel te zware uitdaging is om met demente mensen om te gaan.”

“Dat het beroep niet in trek is”, zegt sub-hoofd H. Claessens in Helmond, “heeft wel degelijk te maken met de relatie tussen werkdruk en betaling. Simons heeft ook een grote werkdruk, maar die heeft er ook het salaris naar.”

De "zorgzwaarte' - de gezamenlijke hulpbehoefte van de patiënten - liep tussen 1976 en 1986 op met 30 procent, terwijl het aantal personeelsleden in diezelfde periode met slechts 14 procent toenam. Binnenkort komen er recentere cijfers, maar Van den Bosch van de Helmondse stichting zegt dat op basis van zijn ervaring het gat alleen nog maar groter is geworden. De wachtlijsten worden - ook in tijd - steeds langer. Voor de vier bij de Helmondse stichting aangesloten verpleeghuizen staan 45 demente mensen op de urgente wachtlijst, nog eens 45 uit "voorzorg' en 41 somatisch zieken, van wie er 30 al langdurig in een ziekenhuis liggen. Bij de demente mensen is de wachttijd opgelopen van een half naar 1 jaar; bij de somatische patiënten van 14 dagen naar 3 maanden.

“We zijn”, zegt Van den Bosch, “met de basiszorg in de marges terechtgekomen. Gelukkig komen er steeds meer vrijwilligers en familieleden, die voor een beetje franje zorgen. Maar dat maakt van een verpleeghuis nog geen lustoord, waar je nou eens lekker verwend en vertroeteld wordt.”

“De politiek steekt gewoon de kop in het zand. Men onderschat schromelijk wat er in de komende jaren door verdergaande vergrijzing aan zorg voor ouderen op ons afkomt. Den Haag heeft er alles aan gedaan om met mooie sausjes toch bezuinigingen door te voeren. Het baart me grote zorg dat we door de stelselherziening van Simons met de verzekeraars moeten gaan bepalen waar de prioriteiten gelegd zullen worden. WVC kan wel zeggen dat de zorg voor chronische patienten wordt uitgebreid, maar is de sector wel zo interessant voor de verzekeraars? Gaat het hier immers niet - net als bij zwakzinnige en psychiatrische patiënten - om een zwakke en heel gemakkelijk af te schepen groep?”

    • Max Paumen