Hongkong en Vietnam eens over vluchtelingen

HONGKONG, 29 OKT. Groot-Brittannië, Hongkong en Vietnam hebben vandaag overeenstemming bereikt over de repatriëring, vrijwillig of gedwongen, van alle Vietnamese immigranten die in detentie-centra in Hongkong verblijven, uitgezonderd een groep van 5.000 mensen die de status van politiek vluchteling hebben gekregen.

Een overeenkomst daartoe is vandaag door de Britse ambassadeur in Hanoi en de Vietnamese regering getekend. Begin deze maand ging Hanoi al in principe akkoord. De minister van interne veiligheid van Hongkong, Alistair Asprey, maakte vanmiddag bekend dat Vietnam definitief instemt met het terugnemen van naar schatting 60.000 van zijn onderdanen in Hongkong. De eerste categorie die zal worden gerepatrieerd bestaat uit de zogenaamde "double backers'. Dit zijn ruim 200 Vietnamezen die sinds 1989 onder het "Comprehensive Plan of Action', dat de tweede internationale conferentie over Indochinese vluchtelingen in juni 1989 aannam, vrijwillig naar Vietnam terugkeerden, maar opnieuw naar Hongkong kwamen in de hoop meer geld te krijgen. Deze groep zal de komende weken op transport naar Hanoi worden gesteld.

De tweede categorie repatrianten zijn de nieuw aangekomenen, die binnen drie dagen na aankomst zullen worden "gescreend' of zij de status van politiek vluchteling krijgen. Indien niet, dan zullen zij hangende hun beroep tegen de selectie-procedure binnen zes weken naar Vietnam teruggevlogen worden.

Asprey meldde dat er voor het eerst in jaren al een week geen nieuwe bootvluchtelingen zijn aangekomen. De derde en grootste categorie, het overgrote deel van de 60.000 Vietnamezen in de kampen, zullen voorzover zij gescreend zijn in het kader van een "programma van ordelijk vertrek' naar Vietnam terugkeren. Getracht zal worden hen te overreden, maar in geval van niet-medewerking zal dwang worden gebruikt.

Asprey zei dat sinds het begin van de screening in 1988 21.000 mensen zijn afgewezen en dat er 11.000 vrijwillig naar Vietnam zijn teruggekeerd. Hij schatte dat voltooiing van de screening en het ordelijk vertrek-programma minimaal twee, maar wellicht drie jaar zal duren.

Tot vorige maand verklaarde de regering in Hanoi dat zij niet aan onvrijwillige repatriëring kon meewerken, deels uit respect voor de rechten van die mensen, deels omdat het aan faciliteiten en financiële middelen voor de hervestiging ontbrak. De ondertekening van het vredesverdrag in Cambodja, vorige week en de verbeterde vooruitzichten voor normalisering van de betrekkingen met de Verenigde Staten die daarop volgde en een grootscheeps hulpprogramma van de EG zijn factoren die de Vietnamese regering over de drempel hebben geholpen.

Het EG-programma voorziet in leningen aan Vietnamese repatrianten om bedrijfjes op te richten en verder in kleine infrastructuurprojecten met name in die gebieden waar de meeste bootvluchtelingen vandaan kwamen.

    • Willem van Kemenade