Tarieven bij openbaar vervoer stijgen wellicht met nog eens 6 procent

DEN HAAG, 28 OKT. Mogelijk al medio volgend jaar gaan de tarieven van het stad- en streekvervoer met nog eens 6 procent extra omhoog. Deze stijging komt dan op de tariefverhoging van gemiddeld 6 procent die per 1 januari ingaat en die ook voor de trein geldt. Ook midden 1993 dreigt een extra tariefstijging voor stad- en streekvervoer van 6 procent boven de 6 procent die al voor dat jaar is aangekondigd en in 1994 een stijging van eerst 6 procent en later dat jaar nog eens 3 procent.

Dit blijkt uit het antwoord van minister Maij-Weggen (verkeer) op vragen van de Tweede Kamer over haar begroting voor het komend jaar. Tweede-Kamerleden van de regeringsfracties CDA en PvdA kondigden gisteren in een reactie verzet tegen extra tariefstijgingen aan.

Deze maatregelen zijn nog een gevolg van de Tussenbalans, de meerjarenbezuiniging die het kabinet dit jaar presenteerde. Het openbaar vervoer staat daarin aangeslagen voor een bezuiniging van 420 miljoen gulden. Aanvankelijk dreigde de minister dit jaar de tariefstijgingen de komende jaren steeds op 12 procent te stellen. Later besloot het kabinet dit jaar (per 1 september) in het stads- en streekvervoer een tussentijdse tariefverhoging van 3 procent door te voeren en de stijgingen voor 1992 in het openbaar vervoer op gemiddeld 6 procent te bepalen. Hetzelfde gold minimaal voor de jaren 1993 en 1994. Door dat besluit kwam de minister nog 102 miljoen gulden tekort; zij kondigde aan dat dit bedrag of door efficiency-maatregelen of door nieuwe tariefstijgingen in 1993 en 1994 moest worden opgebracht.

Hoewel zij in haar begroting op de derde dinsdag van september ook nog het jaar 1993 als datum voor een eventuele extra tariefstijging noemde, is er in antwoord op de Kamervragen nu sprake van medio 1992. Een woordvoerster van de minister kon vanochtend hiervan de reden niet verklaren. Wel sluit de minister nog steeds niet uit, zo blijkt uit haar antwoorden, dat de extra tariefverhogingen (gedeeltelijk) achterwege blijven, als door kostenbesparingen de openbaar-vervoerbedrijven de benodigde 102 miljoen op andere wijze op tafel weten te leggen.

Woordvoerders van het stad- en streekvervoer zeiden vanochtend echter niet te verwachten dat de bedrijven daartoe in staat zullen zijn. Overigens loopt bij de steden met een eigen vervoersbedrijf op dit moment een efficiency-onderzoek van McKinsey dat daarover meer duidelijkheid moet bieden. Het streekvervoer heeft een reeks van maatregelen in het vooruitzicht gesteld om aan eerdere bezuinigingsmaatregelen te voldoen, waaronder het beperken van busritten in de spits en het schrappen van onrendabele diensten in de avonduren. De afzonderlijke streekvervoerders moeten deze maatregelen naar eigen inzicht in hun regio doorvoeren.