PVP 91

HET IS DRUK in het sociaal-democratische vergadercircuit. De PvdA'er die tegenwoordig een beetje bij wil blijven moet èn de Rode-Hoedbijeenkomsten van de gewezen partijvoorzitter Van der Louw aflopen, én de studieconferenties van de officiële vernieuwingscommissie onder leiding van professor Wolfson bezoeken én ook nog de progressieve beweging van het voormalige Tweede-Kamerlid Schaefer in de gaten houden. En dan te bedenken dat de commissie-Van Kemenade nog maar enkele maanden geleden constateerde dat er te veel werd vergaderd in de Partij van de Arbeid.

Maar het is dan ook een cruciale periode voor de partij. Wat dat betreft was de bijeenkomst in de Rode Hoed onder auspiciën van Van der Louw een uiterst interessante. Van alles was er in de voormalige kerk verzameld: gelovigen, afvalligen en reformisten. Niet alleen onder het gehoor, maar ook op de kansel. Stuk voor stuk waren de officiële sprekers lid van de PvdA, maar hoe verschillend was hun verhaal.

ONDER DIT gesternte heeft het partijbestuur - een dag voor de Rode-Hoedbijeenkomst - besloten het onderzoek naar de mogelijkheid van progressieve samenwerking nieuw leven in te blazen. In eerste instantie wordt daarbij gedacht aan een door de wetenschappelijke bureaus uit te voeren vergelijkend warenonderzoek naar de verschillen en overeenkomsten in de partijprogramma's van PvdA, D66 en Groen Links. Nu verschijnen er tegenwoordig rondom verkiezingen altijd kloeke boekwerken met programvergelijkingen, de wetenschappelijke bureaus kunnen zich dus heel wat werk besparen. Bovendien, de PvdA is druk bezig haar programma te herschrijven - waar dient de commissie Wolfson anders toe? - en dat maakt een programvergelijking extra gecompliceerd.

Het gepraat over progressieve samenwerking doet, zeker als dat van PvdA-zijde komt, nogal geforceerd aan. Het gebeurt niet uit overtuiging, maar uit een soort overlevingsstrategie. De PvdA zal nu eerst zelf eens moeten kiezen welke kant zij op wil. Als die keuze eenmaal is gemaakt, en als die enigszins overeenkomt met de contouren zoals die vorige maand op het PvdA-congres door PvdA-leider Kok werden geschetst, dan valt in elk geval Groen Links af. Tenzij dit samenwerkingsverband van CPN, PSP en PPR ook opeens zijn heil in het toch al zo volle midden van de Nederlandse politiek gaat zoeken, maar dat is vooralsnog niet te verwachten.

BLIJFT OVER D66. Het is alleszins begrijpelijk dat van die kant de animo om te praten over samenwerking met de PvdA uitermate gering is. Allereerst is er nog het "oud zeer' uit het begin van de jaren zeventig toen de PvdA de vorming van een progressieve volkspartij op het laatste moment afblies. Maar ook in het zeer recente verleden, ten tijde van de kabinetsformatie van 1989, was de PvdA niet te beroerd om de Democraten te slachtofferen. Nu de PvdA in de peilingen gehalveerd is en D66 bijna verdrievoudigd, moet het gesprek over samenwerking worden heropend. Kamerlid Vos bracht de absurditeit van het idee gisteren tijdens de Rode-Hoedbijeenkomst het beste onder woorden door te zeggen dat wie ruzie heeft met zijn vrouw dat toch ook niet gaat oplossen door een andere vrouw te zoeken. Dat Van der Louw al een naam heeft voor een nieuwe formatie, Partij van Sociaal-Democraten, moet de eventuele fusiepartners te denken geven.

De Partij van de Arbeid heeft een probleem, D66 heeft dat zeker niet en Groen Links (nog) niet. Het ligt voor de hand dat de PvdA eerst intern orde op zaken stelt.