Belgische troepen in Zare cynisch over hun missie

LUBUMBASHI-KINSHASA, 26 OKT. De spanning tussen de negenhonderd Belgische commando's en het Zaïrese leger neemt snel toe. Bij de plunderingen door Zaïrese soldaten eerder deze week in de zuidelijke stad Lubumbashi schoten de Belgische soldaten ten minste één Zaïrese militair dood die op hen had gevuurd. In de hoofdstad Kinshasa neemt de ergernis onder de Belgische commando's toe. Zij worden regelmatig op straat gefouilleerd door hun Zaïrese collega's, tot hun grote woede, zij voelen zich hierdoor vernederd.

De Belgische soldaten willen actie. “Kijk, wat wij willen is actie, hoe dan ook”, verwoordt commandant Johnny Lahon in Kinshasa de gevoelens van zijn kameraden. “Nu doen we niets, we vervelen ons.” Tot hun verdriet en dat van de buitenlanders en vele Zaïrezen, mogen zij alleen in actie komen tegen plunderaars wanneer buitenlanders in gevaar komen. Een groot deel van de commando's uit zich uiterst cynisch over de beschermende rol die zij spelen in de Zaïrese orgie van geweld. “Dat de Zaïrezen willen dat we blijven, dát kan me niets schelen”, zegt Johnny Lahon ronduit. En de Belgische burgers? “Zij konden snel rijk worden in Zaïre, maar ze kenden de risico's.”

Vooral de jongeren bij deze commandotroepen tonen veelal geen enkel respect voor de Zaïrese bevolking. “Die zwartjes schieten altijd een meter naast hun doel”, zegt een kaalgeschoren soldaat spottend over de Zaïrese militairen in het bijzijn van een Zaïrees. Een wijzere collega zegt dat dergelijke opmerkingen niet al te serieus moeten worden genomen. “U moet het ze niet kwalijk nemen als ze over zwartjes praten, of rascistische grappen maken. De jongeren kennen het buitenland niet en ze tonen zich teleurgesteld over het gebrek aan actie.”

Een Belgische soldaat van middelbare leeftijd in Lubumbashi heeft zich tijdens een korte rustpauze eventjes stilletjes afgescheiden van een groepje luidruchtige collega's. Hij leest een boek in groot formaat en harde kaft met de titel "Hoe de democratieën ten einde komen'. Hij twijfelt over zijn missie. “Ik voel me hier soms net een huurling”, merkt hij op. “Het Westen kan niet doorgaan met het redden van blanken in Afrika. We kunnen niet steeds weer hun bezittingen en hun levens komen redden. De blanken hebben Mobutu jarenlang gesteund. Mobutu en de blanken, zij zijn allen schuldig aan de huidige misère in Zaïre.”

Wanneer het konvooi met blanke vluchtelingen vertrekt van Lubumbashi naar Zambia, hangt er een zwaar geladen sfeer in de Afrikaanse woonwijken. Een bron van werk en inkomsten voor tienduizenden Zaïrezen verdwijnt. De gehele Belgische en Libanese middenstand stapt immers op. Er bestaat een mengeling van woede en verdriet. Ergens roept iemand: “Gaan jullie maar naar Zuid-Afrika!” En een ander: “Een mooie nieuwe Mercedes neem je daar mee.”

Pag.4:

Geen medelijden met de blanken

De verhouding tussen blank en zwart in Zaïre doet veel meer dan in andere Afrikaanse landen denken aan de koloniale tijd. Op de verzamelplaats voor blanke vluchtelingen in Lubumbashi vallen regelmatig uiterst stuitende opmerkingen. “Maak maar zoveel mogelijk van die zwarte apen af als mogelijk is”, adviseert een Libanees een Belgische soldaat. Een Libanese zakenman had uit angst voor zijn Zaïrese personeel hen in een kooi opgesloten toen de Belgische troepen hem thuis kwamen ophalen.

Een blanke geestelijke met jarenlange ervaring in Afrika moet er lang over nadenken alvorens hij het durft te zeggen. “Heel, heel diep in mijn hart heb ik geen medelijden met de blanken die nu moeten vertrekken”, vertelt hij. Velen van hen hebben altijd geweigerd de Zaïrezen als hun medemensen, als hun gelijken te erkennen. Ze willen alleen maar rijk worden. Nu moeten ze de rekening betalen.”

Eén ding is duidelijk: aan de sterke positie van de buitenlanders in Zaïre komt voorlopig een einde. Het zal nooit meer hetzelfde zijn. En daarmee is de noodzaak van Belgische troepen om in te grijpen in de voormalige kolonie ook sterk afgenomen.

Foto: De Belgische koning Boudewijn en koningin Fabiola begroetten gisteren in een militair hospitaal uit Zaïre teruggekeerde vluchtelingen. (Foto EPA)