Een kachel die zal smelten; Nieuw academisme in Provinciaal Museum Hasselt

Voor de avantgardist in de moderne beeldende kunst ligt er nog een weg open: terugkeren naar burgerlijke kunst. Hij moet dan alleen op een of andere manier laten blijken dat zijn werk niet helemaal serieus is. De expositie "Gedachten Gangen' toont werk van veertien "burgerlijke' schilders, fotografen en beeldhouwers. “Bijna alles is even harmonieus en plezierig, maar altijd is er een dubbele bodem.”

'Gedachten Gangen'. 14 beeldende kunstenaars uit België, Duitsland en Nederland. Provinciaal Museum, Zuivelmarkt 33, Hasselt, België. T-m 31 dec. Di-za 10-12 en 13-17 u, zo 14-17 u. Maandag gesloten. Van 18 jan. tot 1 maart 1992 in het Rijksmuseum Twente te Enschede.

De tentoonstelling "Gedachten Gangen' in het Provinciaal Museum te Hasselt opent met een serie kleine schilderijen van Dirk de Vos. Het zijn impressies, in een min of meer realistische stijl, van landschappen en gebouwen. Het doek "Belvedere' bij voorbeeld toont een klassicistisch-barok paleis met op de voorgrond een ronde vijver in een streng symmetrisch aangelegde, parkachtige tuin. "Panorama' richt de blik over een met sculpturen gedecoreerde balustrade heen naar een witte wolkenlucht. En op een smal, hoog doek (100 bij 40 cm) getiteld "Spijlen' zien we dwars door de spijlen van een hek een krullerige rococolantaarnpaal.

De Vos, een 48-jarige Belg, maakt tamelijk banale, saaie salonschilderijen. Hoewel: hij schildert zijn panorama's vanuit vreemde gezichtshoeken. Van onderaf, zodat de vijver het zicht op het paleis beneemt en een kerktoren gevaarlijk achterover helt. Of van opzij, zodat alle lijnen schuin lopen. Niet alleen de gezichtshoek, ook de begrenzing van het beeld is vreemd. Eigenlijk is er geen begrenzing: de taferelen zijn willekeurige uitsneden uit een groter geheel. Zo is op het schilderij met de balustrade een sculptuur van een ruiter op een steigerend paard, helemaal rechts in het vlak, slechts voor de helft te zien - precies zoals dat vaak op foto's gebeurt. De Vos schildert de werkelijkheid zoals die gezien wordt door de camera. Daarom ook is het schilderij "Panorama' gekromd, om het effect van de groothoeklens na te bootsen. Hij schildert gefotografeerde beelden. Hieraan ontleent zijn werk het licht vervreemdende effect. Schilderijen zijn immers nooit willekeurige uitsneden uit een groter geheel.

Op deze manier maakt De Vos duidelijk dat hij geen "echte' salonschilderkunst maakt: hij acteert het schilderen naar de werkelijkheid. Dit acteren, het net doen alsof, typeert de tentoonstelling Gedachten Gangen en geeft daarmee een treffend beeld van de kunst van onze tijd.

Universeel

Decennialang streefde de avantgardistische kunstenaar ernaar de grenzen van de kunst te verleggen, rusteloos op zoek naar uitdrukkingsmogelijkheden en naar de universele beeldende taal. Hoe die er precies uit moest zien wist hij niet, en op het moment dat hij, meestal samen met enkele gelijkgestemden, een ontdekking deed kondigde zich alweer de volgende avantgarde aan. Maar wat de avantgardist niet wilde wist hij wel: de kunst mocht niet traditioneel en voorál niet burgerlijk zijn. Het kleinburgerlijke milieu was de vijand van de ware kunst.

Inmiddels heeft de burger alles leren accepteren. Meer dan dat, elke nieuwe kunstuiting wordt met geestdrift binnengehaald. Eén weg ligt nu misschien nog open voor de avantgardist: terugkeren naar een burgerlijk soort kunst, kunst die zelfbevestigend is en wil behagen, salonschilderkunst bijvoorbeeld, maar in de wetenschap dat hij, de kunstenaar, dit doet uit onmacht. Hij moet dus op de een of andere manier laten blijken dat zijn werk, dat voortkomt uit een nederlaag, niet serieus is. Hij doet dit door de kunst te acteren. Een dubbel acteren, zou je kunnen zeggen.

Zo is het gesteld met de tentoonstelling Gedachten Gangen, die bestaat uit werk van veertien schilders, fotografen en beeldhouwers uit België, Nederland en Duitsland. Hier worden geen werkelijke ontdekkingen geëxposeerd, hier staan de bezoeker geen grote verrassingen te wachten. Er is veel schoonheid voor het oog. De kunstobjecten zitten goed en intelligent in elkaar, de tentoonstelling is weloverwogen ingericht. Kortom, niets wringt hier en bijna alles is even harmonieus en plezierig. Maar altijd is er de dubbele bodem van het doen-alsof, van het naspelen. Gedachten Gangen toont het nieuwe academisme in de kunst.

De uitzondering is Daan van Golden, die dan ook tot een oudere generatie behoort dan zijn mede-exposanten. Voor hem is de schoonheid een ernstige zaak. Wat dit betreft blijft hij de flower-powercultuur van dertig jaar geleden trouw. Die schoonheid is bij Van Golden tegenwoordig vooral gesitueerd in een beschutte wereld van vader (de fotograaf) en dochter (de dansende nimf). Deze broze foto's zijn de laatste tijd zó vaak geëxposeerd dat het gevaar van over-exposure niet denkbeeldig is.

Midden in de hal op de begane grond staat een vitrine van de Brusselse Ann Veronica Janssens (35). Het is een ouderwetse, ambachtelijk vervaardigde houten vitrine. Er ligt niets in, want het gaat om de vitrine zelf, zoals de goede verstaander zal begrijpen. Het werk is een reactie op de de grote glazen pui van het museum, een typisch voorbeeld van de lichte architectuur uit de jaren vijftig.

Paraffine

Jan van de Pavert (31) keert steeds terug naar een door hem geliefd materiaal, paraffine. Vaak maakte hij afgietsels van onderdelen van gebouwen, drempels bijvoorbeeld of kozijnen, wat resulteerde in intrigerende architectonisch aandoende maar ondefinieerbare beelden. Deze keer heeft hij een afgietsel van een kachel gemaakt: een transparante, koele kachel die zal smelten zodra hij warmte uit moet stralen. De leegte, de negatieve vorm, speelt ook een rol bij de "Boekenkast' die Van de Pavert in Hasselt exposeert. Deze kast is een dubbele houten wand met een flauwe bocht erin. Aan de smalle zijde zit een deur, net breed genoeg voor het hoofd van degene die wil zien wat de "kast' bevat. Daarbinnen ontvouwt zich een prachtig schouwspel. Door middel van spiegels (ook de "boekenplanken' zijn van spiegelglas) breidt de ruimte zich onbegrensd, maar licht gekromd, naar alle zijden uit. Een kathedraal van glas in een nauwe sleuf.

In zijn recente schilderijen heeft Roy Villevoye (31) het raster, de arhitectonische ordening van de ruimte, steeds verder losgelaten. Hiermee zijn ze ijler en etherischer geworden. De verf die "vooraan' (bovenop) dik en pasteus is opgebracht verdwijnt daarachter diffuus in de verte. De suggestie van ruimte ontstaat zodoende door het kleurgebruik. Ook de stopverf, die op het doek wordt vastgehouden door aluminium profielen, heeft een ruimtelijke werking. Het effect is landschappelijk, in de diepte, doordat vocht is uitgevloeid over het doek, en tegelijkertijd komt het materiaal naar voren, als heuveltjes opgehoopt op de aluminium toonbankjes. De kleurkeuze van Villevoye is trouwens verrassend Duchampiaans. Het zijn "ready made' kleurencombinaties, ontleend aan bijvoorbeeld een dermatologische make up-set of aan een staalkaart van militaire camouflagekleuren.

Prachtig zijn de foto's van zowel Axel Hütte (40) als Liliane Vertessen (39). Ze vertegenwoordigen zo'n beetje twee uitersten van een spectrum. Hütte, deelnemer aan de komende Documenta, maakt uiterst gedetailleerde architectuurfoto's. Hoewel Hütte veel aandacht besteedt aan de weergave van de textuur van beton, steen gaat het niet zozeer om het gebouw zelf, maar om de ruimte tussen de delen. Deze fotografische composities zijn daarmee ongemeen plastisch. Terwijl de Vos geschilderde fotografie maakt, zo behoren de foto's van Hütte bijna tot het gebied van de sculptuur.

Vertessen tenslotte acteert zichzelf. Als "Lila Lola' poseert zij met zonnebril en stola voor lila bloeiende rododendrons. In "Sly Look' werpt zij een inderdaad ongehoord sluwe blik naar de beschouwer. Om het hoofd draagt zij een slang met opengesperde bek en scherpe tong. Terwijl bij Hütte alles berekend is en gedistantieerd, tonen de foto's van Vertessen een broeierige, schilderachtige wereld vol van erotiek en nauwelijks bedwongen agressie.

    • Janneke Wesseling