Begrafenis slachtoffers ETA eindigt in taalstrijd

MADRID, 25 OKT. De begrafenis van twee politiemannen die woensdag in het Noordspaanse San Sebastian door de ETA waren vermoord, is gisteren uitgelopen op een rel over de taal waarin de mis moest worden opgedragen. Toen de priester enige worden in het euskerra - de eigen taal van Baskenland - wilde spreken, gilde een vrouw: “Wij zijn Spanjaarden!” en verliet de kerk, gevolgd door familieleden en collega's van de vermoorde agenten. Voor de deur van het kerkgebouw zette een politiekapel het Spaanse volkslied in.

De twee slachtoffers waren niet in Baskenland geboren, maar deden er al meer dan tien jaar dienst. Zij werden woensdagavond met nekschoten afgemaakt door twee gemaskerde jongeren, toen zij aan het eten waren in een café. Het was de eerste aanslag van dit type in San Sebastian sinds augustus, toen speciale eenheden van de politie het plaatselijke ETA-commando arresteerden. Daarbij kwamen drie terroristen om het leven.

Plaatselijke autoriteiten moesten gisteren toegeven dat ETA in de grensstreek met Frankrijk kennelijk toch nog niet geheel is uitgeschakeld. De Spaanse justitie heeft in verband hiermee Parijs gevraagd om meer politiemensen in Frankrijk te stationeren. Spanje vraagt al jaren om nauwere samenwerking bij het bestrijden van de ETA, maar de Fransen zijn hierin tot dusver tamelijk terughoudend omdat gevreesd wordt voor onrust in Frans Baskenland. Niettemin staat de gevraagde samenwerking vandaag op de agenda van de gesprekken die premier Gonzalez en president Mitterrand voeren in Madrid in het kader van de halfjaarlijkse ontmoetingen tussen de regeringen van beide landen.