Een vergroot eigen risico

De politiek, ook de internationale, houdt van dynamische begrippen. Toen president Kennedy na zijn verkiezing in 1960 Latijns Amerika wilde wapenen tegen de verleidingen van Castro-Cuba bedacht hij de Alliance for Progress. Het Latijnse zuiden zou niet langer als de achtertuin van de Noordamerikanen worden behandeld maar als een volwaardige partner bij het gezamenlijke streven naar vooruitgang. Het ging, zoals dikwijls, meer om het etiket dan om de inhoud, maar het was dan ook een aantrekkelijk etiket.

Voor het tijdperk van na de Koude Oorlog koos de regering-Bush als doelstelling het vestigen van een nieuwe wereldorde. Een dergelijk begrip kan veel betekenen. In de eerste plaats registreert het de gewijzigde verhouding tussen het Westen, de Verenigde Staten voorop, en de Sovjet-Unie. Gezien de desintegratie van deze laatste mogendheid is het gebruik van het woord "orde' misschien misplaatst, maar het onderstreept dat zelfs de fictie van een coherent handelende Sovjet-Unie voor de internationale verhoudingen al waardevol wordt geacht. Met de Unieregering in Moskou wordt overeengekomen dat de militaire arsenalen zullen worden gedecimeerd, diezelfde Unieregering herstelt de diplomatieke betrekkingen met Israel en tegelijkertijd is die regering bezig haar greep op de gebeurtenissen in de Unie zelf volledig te verliezen.

De nieuwe wereldorde werd vorig jaar als remedie van toepassing verklaard op de doorbreking van de bestaande orde door de Iraakse verovering van Koeweit. Washington riep de lidstaten van de Verenigde Naties bij die gelegenheid in naam van de te vestigen nieuwe wereldorde op om deze agressie ongedaan te maken. Een simpel plan tot herstel van de oude toestand, waartoe het Handvest van de VN zondermeer machtigt, was publicitair niet aantrekkelijk genoeg. Een reusachtige krachtsinspanning was noodzakelijk en die kon slechts worden gevraagd voor iets geheel nieuws. De nieuwe wereldorde verbond de snelle veranderingen in de verhouding tussen Oost en West met de nieuw te scheppen toestand in het Midden-Oosten. Moskou kon onder die omstandigheden uiteindelijk niet anders meer doen dan zijn fiat geven aan een afstraffing van één van zijn partners bij de jarenlange ondermijning van de Westerse posities in het Midden-Oosten.

De term nieuwe wereldorde dwong tot meer dan het verdrijven van Irak uit Koeweit. En dat was ook de bedoeling. De Amerikaanse machtsontplooiing in de oorlog tegen Irak sloot een tijdperk af, het tijdperk van hoge budgetten voor defensie, van zoveel mogelijk kanonnen en zoveel mogelijk boter tegen de prijs van het aangaan van grote schulden, het tijdperk van Amerika's alomtegenwoordigheid als garantie voor het evenwicht met de Sovjet-Unie niet alleen, maar ook van allerhande regionale en lokale evenwichten verspreid over nagenoeg de gehele wereld.

De Verenigde Staten beogen een soort "vietnamisering' van de wereld. Vietnamisering was destijds het concept van de regering-Nixon voor de Amerikaanse terugtrekking uit Indochina. De oorlog tegen de communisten werd ingevolge dat concept meer en meer overgedragen aan de strijdkrachten van de Republiek Vietnam. De vergelijking is in zoverre ongelukkig dat de strategie van de vietnamisering uitliep op een volledige nederlaag voor Zuid-Vietnam en daarmee voor de politiek van Washington. Maar zij kan toch Amerika's pogingen verbeelden om op diverse locaties "natuurlijke' evenwichten te doen ontstaan die zichzelf in stand houden, hooguit met behulp van een duwtje hier en een vermaning daar en op afstand gegeven.

In het Midden-Oosten bijvoorbeeld verandert daardoor de functie van Israel in de Amerikaanse politiek. Tientallen jaren lang was dit land het sterkste anker voor de Amerikaanse aanwezigheid in de regio. Maar de gebeurtenissen in de Golf brachten hierin verandering. Bij het herstel van de soevereiniteit van het emiraat Koeweit vormde Israel een extra belasting, een complicatie. De militaire kracht van het land was op grond van psychologische en politieke gronden onbruikbaar; wel probeerde het regime van Saddam Hussein de Israelische factor te benutten als wig in het Arabische anti-Saddam-front. Washington liet zich er dan ook van overtuigen dat er perspectief moest worden geboden op een regeling met Israel wilde dat front bijeen gehouden kunnen worden.

Bij herhaling heeft de regering-Bush duidelijk gemaakt dat de operaties in Koeweit en Irak eenmalig waren. De latere militaire hulpactie voor de Koerden ondernam Washington met grote tegenzin. Na de nederlaag van Irak zijn de geallieerde eenheden zo snel teruggetrokken dat Saddam het zich nu al weer kan veroorloven met inspectieteams van de Verenigde Naties kat en muis te spelen. Hoe een nieuw, in zekere zin autonoom evenwicht in het Midden-Oosten er uit zal zien, blijft duister, maar voor de Amerikanen staat vast dat er zoiets moet komen. De manier waarop afgelopen week Israel aan de onderhandelingstafel op de Madrileense vredesconferentie werd gezet, laat geen twijfel bestaan. Hier is geen sprake meer van een bondgenoot die moet worden ontzien, maar van een partij die zich moet schikken naar nieuwe omstandigheden.

Zo zullen een ernstig verzwakt Iran, een ontmanteld Irak, een verwoest Koeweit, een gelouterd Saoedi-Arabië, een hulpbehoevend Jordanië, een vereenzaamd Syrië, een gedisciplineerd Israel en een afhankelijk Egypte in de nieuwe wereldorde van Bush worden ingepast. Israel is in zo'n constellatie de militair sterkste en tegelijkertijd de politiek zwakste partij, want niet of nauwelijks geaccepteerd - wat er ook aan diplomatieke teksten aan de vredesconferentie zal en kan worden ontlokt. Het land zal anders dan Saigon niet in de steek worden gelaten, maar zijn rol zal een geheel andere zijn dan in de afgelopen vijfentwintig jaar.

Wat de nieuwe wereldorde voor Europa in petto heeft, kan enigszins worden afgeleid uit de loop der gebeurtenissen in Joegoslavië, Oost-Europa en de Sovjet-Unie. Amerika biedt, samen met de Bondsrepubliek, het gehele gebied tussen San Francisco en Vladivostok een nieuw samenwerkingsverband aan. Maar het laat open hoe dit verband er uit zal zien en wat zijn eigen positie daarin zal zijn. Met als onmiddellijk resultaat dat het over de zware crises die het oude continent teisteren opvallend weinig te melden heeft. Dat is overigens een omstandigheid waarnaar velen in Europa jarenlang hebben verlangd. Maar nu het dan eindelijk zo ver is, blijkt de richting die moet worden ingeslagen niet voor iedereen even duidelijk. Het is wel wennen met die nieuwe verantwoordelijkheden.

De nieuwe wereldorde ziet er dus niet uit als een commandosysteem dat zich voelbaar maakt tot in de details van het dagelijkse politieke leven. Het suggereert eerder een "natuurlijke' toestand, gevestigd op een fundament van algemene afspraken, waarin voorziene en onvoorziene ontwikkelingen met behulp van een ruim opgezette regie in brede banen worden geleid. Geweld is daarin niet te vermijden - dat bewijst het experiment met de nieuwe wereldorde nu al. Bij de verzekering die daartegen nog steeds kan worden afgesloten, geldt een opmerkelijk vergroot eigen risico.

    • J.H. Sampiemon