IJsberg groter dan Cyprus is op weg naar Zuid-Afrika

Een gigantische ijsberg met een omvang van zo'n honderd bij vijfentachtig kilometer - groter dan het eiland Cyprus - is in de Antarctische wateren op drift geraakt. Met een snelheid van ongeveer vijf kilometer per dag drijft het gevaarte uit de Weddell-zee in noordoostelijke richting. Het overigens schaarse scheepvaartverkeer in de regio is deze week gewaarschuwd voor het obstakel dat de naam Atlantic-24 heeft gekregen: de 24ste ijsberg van formaat die van de ijskap is losgebroken.

Voor de Noorse hoogleraar Olev Orheim van het Norwegian Polar Research Institute in Oslo zijn het spannende tijden. Al vijftien jaar lang heeft hij een dagtaak aan het inventariseren van ijsbergen, hij is dé deskundige op dit terrein, maar wat er nu gebeurt heeft hij zelden meegemaakt. “De ijsberg is ongewoon groot hoewel niet geheel uniek, gelet op het exemplaar dat in 1967 losbrak en negen jaar later goeddeels oploste. Maar deze ijsberg lijkt nog een flinke reis te gaan maken. De vraag is nu of die ten noorden of ten zuiden van de zuidelijke Orkney-eilanden zal passeren. Hij gaat in ieder geval de kant van Zuid-Afrika op”, voorspelt Orheim.

De ijsberg is het grootste restant van een exemplaar dat in 1986 losbrak van het Filchnerijsplateau. De oorspronkelijke ijsberg was 210 bij 90 kilometer en bestond volgens Orheim uit een hoeveelheid bevroren water voldoende om de hele wereldbevolking een jaar lang van drinkwater te voorzien. De wind zal voorlopig bepalen hoe ver noordelijk de ijsklomp zal geraken. De stroming is in dit gebied altijd oostelijk en dat verandert pas in noordelijke richting aan de Afrikaanse kant.

In die contreien ontstaat er ook daadwerkelijk gevaar voor het scheepvaartverkeer. “In het Antarctische gebied varen alleen tegen ijsschotsen versterkte schepen. Steeds meer brokken van de ijsberg zullen evenwel losraken en die kunnen 's nachts door de radar nauwelijks worden opgemerkt”, zegt Orheim.

De Noorse ijsbergdeskundige noemt het opvallend dat de laatste jaren steeds meer ijs afkalft van het Antarctische continent. Permanent drijven er in dit gebied zo'n 200.000 ijsbergen maar het worden er steeds meer. Wetenschappelijk harde conclusies durft Orheim niet te trekken omdat gegevens nog maar betrekkelijk recent worden verzameld. Maar het zou de wetenschapper niet verbazen als de mondiale temperatuurstijging hier de oorzaak van is.

De reis van de verschrikkelijke ijsberg blaast ook de discussie nieuw leven in over de vraag of het mogelijk is ijsbergen te slepen naar gebieden waar een ernstig tekort is aan water. Orheim heeft een paar jaar geleden een door Saoedi-Arabië gefinancierd onderzoek verricht naar de vraag of het technisch mogelijk en economisch haalbaar is om een flinke berg ijs naar het Midden-Oosten te transporteren. De conclusie was negatief. “In de buurt van de evenaar, waar de temperatuur van het zeewater omstreeks 27 graden celsius bedraagt, zou het ding goeddeels smelten”, verwacht Orheim.

De Noorse professor is er evenwel van overtuigd dat het zeer goed mogelijk is een ijsberg te slepen naar West-Australië. Naar Perth bijvoorbeeld waar eveens een tekort aan water is. “De transportkosten zouden dan lager zijn dan de waarde van het water”, zegt Orheim.

De zwervende ijsberg is overigens niet geheel kaal. Op het gevaarte bevinden zich twee en mogelijk zelfs drie onderzoekstations. In ieder geval is de in 1955 gebouwde Argentijnse basis Belgrano mee op reis. Het station werd in 1980 al verlaten omdat het min of meer bezweek onder de druk van het ijs. Ook bevind zich op de ijsberg het onderkomen van de inmiddels 83-jarige Sir Vivian Fuchs. Deze Brit wist in 1958 in 99 dagen de afstand van 3.472 kilometer af te leggen waarmee hij de eerste mens was die het Antarctische continent overstak. Het mogelijk derde station op de berg is het Sovjet-zomerstation Druznaya dat de onderzoekers begin 1987 niet meer konden vinden en zich toen al op een drijvende ijsberg bleek te bevinden.

“Fascinerend, zeer fascinerend”, noemt Orheim de reis van de A-24. Hij wijst erop dat ook veel Zuidpooldieren op de ijsberg meereizen. Zeehonden en pinguïns liften mee met de drijvende gevaartes. Orheim acht het zelfs niet uitgesloten dat straks de Antarctische Adélie-pinguïns opduiken bij de kust van Zuid-Afrika.

    • Marcel Haenen