Kamervragen van D66 na schorsing van onderwijzeres

DEN HAAG, 22 OKT. De schorsing van een samenwonende lerares door het bestuur van de protestants-christelijke basisschool Willem van Oranje in Woudenberg is mogelijk in strijd met de wet.

Dat stelt de D66-fractie in de Tweede Kamer in schriftelijke vragen aan minister Ritzen (onderwijs) en staatssecretaris Ter Veld (sociale zaken) over de affaire. De lerares werd door de school geschorst omdat zij “ongehuwd samenwoont” en dat is, meent het bestuur, “in strijd met de levenswijze die hoort bij de christelijke grondslag van de school”. De D66-Kamerleden Groenman en Nuis wijzen daarbij op een bepaling uit het Burgerlijk Wetboek waarin staat dat de werkgever bij het aangaan of beëindigen van een arbeidsovereenkomst geen onderscheid mag maken tussen gehuwden en ongehuwden. De onderwijzeres, die al veertien jaar aan de school is verbonden, zegt de beginselen van de school te onderschrijven.