Het universiteitsboek als slaapmiddel

Zijn universiteiten en hun bewoners saai? Het wordt vaak beweerd in romans maar het is niet waar. In de bundel De Universiteit in Opspraak zijn zes lezingen over de universiteitsroman verzameld. Volgens Battus was dat geen goed idee. “Staan er geen interessante dingen in dit boek? Absoluut wel. Maar ik reken het niet tot mijn taak om die krenten er voor u uit te zeven.”

De universiteit in opspraak. Redactie Annie van den Oever. Uitg. de Prom, Baarn 1991. ƒ 35,-

Het is niet waar dat een universiteit tot taak heeft om de aardigste dingen in het leven te transformeren tot monumenten van saaiheid en pedanterie. Het is niet waar dat professoren er zich op toeleggen om interessante zaken te bederven door er moeizame artikelen, verstopt door voetnoten en citaten, over te schrijven. Het is niet waar dat studenten in een paar jaar van hun gezond verstand beroofd worden.

Ik herhaal: dat is allemaal niet waar. Maar het is wel een kranig vooroordeel. Het duikt op in boeken die over het universitaire leven geschreven worden. In Engeland en Amerika is de university novel een soort op zich geworden.

Aan de Groningse Universiteit leek het ze een goed idee om daar zes lezingen over te laten houden. En toen die lezingen gehouden waren, lag het idee voor de hand om ze, voorafgegaan door een inleiding, in een boek uit te geven. Het is gebeurd, en nu moet ik er een recensie over schrijven.

Laat ik het maar direct zeggen: het was geen goed idee. Of: het idee is niet goed uitgevoerd. Ik lees heel wat saaie academische verzamelbundels, maar dit is zonder enige twijfel de saaiste en slapste academische verzamelbundel die ik ooit gelezen heb.

Een boek over telefoonboeken is geen telefoonboek, al kan de uitgever het voor de grap die vorm geven. Een boek over grafschiften heb ik wel eens gezien in de vorm van een grafsteen. Een boek over pulpliteratuur zou je een omslag kunnen geven zodat het even op een pulpromannetje lijkt. Maar dat is allemaal niets bij wat hier bereikt wordt: een boek over universiteitsboeken dat perfect de vorm heeft van het universiteitsboek dat, volgens de vooroordelen, de professoren moeten schrijven en de studenten moeten lezen.

Op het omslag lijkt een voorzichtige poging tot bedrog te zijn gepleegd. Want onder de titel De Universiteit in opspraak, titel die nergens op slaat want de universiteit is alleen maar het toneel van de universiteitsromans, staan de namen van: Bellow, Hermans, McCarthy, Scott Fitzgerald, Jarrell, Barth, Bradbury, Lodge, Byatt, Tsjechov, Solzjenicyn, Nabokov, Bitov, Voskuil, Walser.

Zou er werkelijk één boekwinkelbezoeker denken dat hij fijn een verzameling verhalen van deze auteurs koopt? Dan zal die ongelukkige boekenkoper in razernij ontsteken, als hij al niet in de eerste bladzijden van de inleiding door de slaap overmand is. Want de zes stukken worden helaas voorafgegaan door een voorwoord van zestig pagina's die je elke zin om verder te lezen ontneemt. Je gaat bij het lezen op andere dingen letten. Zo kun je op een enkele bladzij tien keer lezen "de aandacht van X gaat uit naar' of "X gaat op in'. Uit naar, in op, uit naar, in op, dat wiegelied moet iedereen in slaap deinen.

Belangrijk

Omdat ik deze recensie moest maken ben ik stug doorgegaan. Er komen drie stukken over de Engelse universiteitsroman. Daarna komen er drie stukken over de universiteitsroman in de Russische, de Duitse en de Nederlandse literatuur. Het is misschien handig als ik uit elk van die drie de belangrijkste passage even overschrijf.

Joost van Baak zegt over de Russische academische roman: “Er is niet veel, en er is nog minder over geschreven.” Nu, als er niet veel Russische universiteitsromans zijn, dan lijkt het me logisch dat er nog minder over geschreven is.

Walter Schönau zegt over de Duitse academische roman: “Het genre "universiteitsroman', zoals zich dat in de Engelse en Amerikaanse literatuur heeft ontwikkeld, bestaat in de Duitstalige literatuur niet.” Dat is tenminste informatie waar je wat aan hebt.

G.J. Dorleijn zegt over de Nederlandse academische roman: “Echte romans waarin het universitaire leven centraal staat, vindt men in de negentiende eeuw in Nederland niet of nauwelijks. In de twintigste eeuw verandert er weinig aan die situatie.”

En dan te bedenken dat ergens in de inleiding de aandacht uitging naar, of ingegaan werd op, het feit dat in de Franse literatuur geen universiteitsromans bestaan. Waarom deze beperking? Waarom niet geleerde Turken, Bengalen, Venezolanen, Volapükkers en Friezen naar Groningen gehaald, om daar een lezing te houden over het feit dat in de Turkse, Bengaalse, Venezolaanse, Volapükse en Friese literatuur de universiteitsroman schittert door afwezigheid?

Staan er geen interessante dingen in dit boek? Absoluut wel. Maar ik reken het niet tot mijn taak om die krenten er voor u uit te zeven. Ik heb me al uiterst verdienstelijk gemaakt door elke bladzij van het boek te bestaren.

De redactrice heeft behalve haar omvangsvolle voorwoord ook nog twee supplementen bij het boek gevoegd. Eén over de vrouwen op de universiteit en één over de gastdocenten. Die stukken zijn rampen. Al in het voorwoord hebben we gelezen dat de redactrice het boek Possession van A.S. Byatt had gelezen. Maar dat boek moet in de twee supplementen ook nog eens twee keer uitgebreid behandeld worden. Ook valt hier een pagina op, waar het hele verhaal van Lolita wordt naverteld. Nu is dat een boek dat in veel genres valt in te delen, maar ik had er nooit aan gedacht dat iemand zo gek zou zijn om het als een universiteitsroman op te vatten.

Kellendonk

Een hilarische bijdrage tot de geschiedenis van de Amerikaanse universiteitsroman lijkt mij deze opmerking: “Een opvallend afwezige - gezien het feit dat hij anglist was en aan verschillende Amerikaanse en Nederlandse universiteiten doceerde - is de universiteit in Kellendonks verslag van zijn verblijf in de Verenigde Staten.” Kellendonk is een van de tientallen schrijvers die om geld te verdienen in een betrekking die je veel tijd tot schrijven geeft, een jaartje gastdocent, in de Nederlandse literatuur, was in Amerika.

Wat is het leukste Nederlandse boek over studenten? Dat is De Autocraten door Rutger van Zeijst uit 1963. Wat is het leukste Nederlandse boek over professoren? Dat is Twee minuten stilte door Karel van het Reve uit 1959. Ze staan niet in het lijstje Nederlandse universiteitsromans. Wel staan daarin de volgende vier vermeldingen:

Klikspaan: see also Kneppelhout

Kneppelhout: see also Klikspaan

Naeff: see also Vaan

Vaan: see also Naeff

De lezer die tot pagina 209 zijn ogen heeft opengehouden, wordt hier dus in een eeuwige opzoekcyclus gestuurd. Willem Frederik Hermans viel terecht over dat onzinnige see also in een verder totaal Nederlandse tekst. In een ingezonden brief, vorige week in dit Cultureel Supplement, schrijft de redactrice daarop: “De verklaring is eenvoudig: samenvatting en bibliografie worden ook in het buitenland geraadpleegd. (-) Onder invloed van de internationalisering van het universitaire onderwijs en onderzoek is het een zich snel verbreidende goede gewoonte om niet alleen een "summary' in het Engels op te nemen maar ook de bibliografie voor raadpleging door anderstaligen toegankelijk te maken.”

Dat het gewraakte see also hier alleen vier keer was gebruikt om pseudoniemen en echte namen aan elkaar te koppelen, wordt verzwegen. Maar het gekste is: in het boek is geen summary, noch in het Nederlands noch in het Engels, te vinden. De redactrice was vergeten wat er in haar eigen boek stond. Mij verbaast dat niets. Het idee dat dit boek ook in enige andere taal vertaald zou kunnen worden!!

    • Battus