DE KAT DIE NOOIT BUITEN KWAM

Wanneer zijn de tafels en stoelen voor het laatst buiten geweest? Misschien wel kort geleden toen er een feest was in de tuin en zelfs de oudste stoel van zolder werd gehaald. Maar als je op een bovenverdieping woont komen de meubels nauwelijks in beweging. Hoogstens worden ze nog eens van de ene naar de andere kamer gesleept. Want op die nieuwe plek lijkt het altijd of ze er anders uitzien.

Soms is een kat net zo'n meubelstuk. Als hij slaapt op de bank heeft hij iets van een kussen met oortjes dat nooit meer zal bewegen. Maar als je even de andere kant opkijkt is hij al weer verdwenen, op weg naar het kattenluik, de openstaande balkondeuren of de dakgoot.

Deze kat moet vandaag van de bank naar de kelder zijn geslopen om daar een rat te vangen, zo levendig ziet hij eruit. En toch is hij een van de oudste katten ter wereld. Hij werd geboren op 22 juni 1862. De Engelse tekenaar Edward Lear gaf hem aan de ouders van een meisje dat op dezelfde dag ter wereld was gekomen.

Ze heette Ruth Decie. Toen ze groot genoeg was kreeg zij de kat. Ook later bleef ze in het landhuis van haar ouders wonen. Zij zorgde zo goed voor het dier dat ze hem ongeschonden aan haar kinderen kon geven. Familieleden stierven, maar hij bleef in leven, al kwam hij nooit buiten de muren van het huis waar hij was geboren. Het was of hij geen raam, luik of deur kon vinden.

Drie jaar geleden zag hij eindelijk de buitenlucht. Hij zat dezelfde rat nu al zo lang zo mooi achterna dat hij in een boek terechtkwam en ook nog in een krant. Daar ligt hij bij je op tafel, de kat van Ruth die eerst nooit buiten kwam, maar nu ook in jouw huis een rat vangt.