Spektakel omlijst CD-I offensief

NEW YORK, 17 OKT. Michael Marks stond gisteren ruim een half uur in Sixth Avenue Electronics, een winkel in Manhattan, te luisteren naar de demonstratie van een Philips-vertegenwoordiger. De uitleg betrof de CD-I speler, een apparaat dat Philips gisteren met veel spectakel in Amerika heeft gelanceerd.

De 34-jarige beheerder van kantoorgebouwen was naar binnen met een programma over golf, maar hij bleef plakken en keek nu aandachtig naar het Sesam Straat-spel, de museumrondleiding en de klassieke-muziek collectie.

Zijn twee zoontjes van acht en tien jaar oud hebben drie Nintendo-videospellen, maar zijn vrouw vindt dat de kinderen meer stichtelijke programma's moeten bekijken. “Dit is veel educatiever,” zei hij. “Misschien geeft dit de kinderen het gevoel dat ze iets doen, in plaats van alleen maar spelletjes te spelen.”

Marks vond de prijs van de CD-I speler - 799 dollar zonder BTW - geen bezwaar. “Ik heb nu ook al 800 dollar uitgegeven aan Nintendo.” De CD-I-plaatjes zijn goedkoper dan Nintendo-software.

Is het dan toch mogelijk? Jarenlang werd Philips door vakjournalisten en andere commentatoren voor gek verklaard, omdat niemand behoefte zou hebben aan dit produkt. Maar ziet - hier is een onvervalste, levende Consument en die zegt waarachtig dat hij het ding waarschijnlijk wil kopen.

Pag 14:

Philips' optimisme kan twijfel over interactieve CD niet wegnemen

“Wij hebben de beslissende fase bereikt van een onderneming die zes jaar geleden is begonnen”, zei Philips-topman J. Timmer gisteren in New York bij de presentatie van de CD-I.

Op de CD-I-speler kunnen gewone compact discs worden afgespeeld, maar ook interactieve CD's, van hetzelfde formaat, waarop tekst en beeld zijn opgeslagen. Dat wordt via een televisietoestel “uitgezonden.” De kijker kan met behulp van de afstandbediening bepalen wat hij wil zien. Digitale schijfjes hebben enkele voordelen ten opzichte van gewone videobanden. Allereerst kan de gebruiker sneller de informatie bereiken die hij wil hebben. Bovendien kunnen de digitale schijfjes veel meer informatie bevatten. Een encyclopedie op één schijfje is in de maak. Bovendien kan die ruimte worden benut om bij iedere instructie verschillende opties te bieden. Dat maakt het mogelijk dat de kijker de richting van het “programma” bepaalt. Deze “interactiviteit” is volgens Philips het onderscheidende talent van CD-I, de deur tot ongekende mogelijkheden.

Michael Marks is in zijn eentje niet maatgevend voor het hele Amerikaanse koperspubliek, en wie weet krijgen de sceptische stuurlui aan wal toch nog gelijk. Maar Marks past precies in het plaatje dat de marketing-afdeling van Philips heeft opgesteld van de potentiële koper van de CD-I: tweeverdieners, redelijk inkomen, kinderen, schuldgevoel over de opvoeding. Ruim tweederde zal voor de CD-I vallen, denken de marketingmensen van Philips.

Toch blijven de twijfels bestaan. De belangrijkste bezwaren tegen CD-I zijn bekend: de speler is duur, er zijn te weinig programma's, de ongeveer 31 bestaande programma's zijn interessant maar geen van alle spectaculair of onmisbaar. En wie weet hoe lang het gaat duren voordat er meer op de markt komen? Philips zegt dat er eind volgend jaar 150 titels zullen zijn, maar ze zeiden vier jaar geleden ook dat CD-I binnen twee jaar beschikbaar zou zijn, mopperen buitenstaanders.

“Ik zie persoonlijk niet veel dat ik zou kopen,” zegt Gary Arlen, die zijn eigen multimedia-researchfirma heeft bij Washington en vader is van een teenager.

En de belangrijkste vraag, die als een onweerswolk boven het hele concept hangt: heeft überhaupt wel iemand behoefte aan interactieve televisie? Wil de gemiddelde Amerikaan - of Nederlander, of Japanner - niet liever apathisch op de bank liggen en de TV het werk laten doen?

“Er is veel voor nodig om de kijker van de televisie weg te plukken,” zegt Andrew Lippman van het Media Lab, een onderzoeksproject aan het Massachusetts Institute for Technology.

Zelfs als de kijker meer van zijn toestel wil, bestaan er voor CD-I concurrenten die potentieel meer variëteit bieden: Minitel-achtige diensten, kabelsystemen met 150 kanalen (nu al in verschillende steden in de VS), en interactieve kabel-TV.

“Er zal een enorme opvoedingscampagne moeten worden gevoerd,” zei David Lachenbruch, journalist van het vakblad TV Digest, na afloop van de perspresentatie.

Niet bekend

Programmering is de sleutel tot het succes, beaamde ook Timmer. Voor CD's was al een bestaande hoeveelheid software: de miljoenen langspeelplaten met muziek. Software voor CD-I moet nieuw worden ontwikkeld. Schrijvers van programma's verdienen hun investering terug aan royalties, en hopen dus op een “hit”. Als er maar een paar miljoen spelers worden verkocht, is de klantenkring te klein om getalenteerde schrijvers te inspireren.

Daarom heeft Philips de prijs van de speler laten zakken, van 1400 dollar richtprijs afgelopen zomer tot 1000 dollar nu. En Philips heeft zelf de ontwikkeling van software ter hand moeten nemen. Drie dochters ontwikkelen nu software: Philips Interactive Media America, Europa en Japan. In de VS zijn maar dertien onafhankelijke schrijvers.

Timmer hield gisteren de software schrijvers een worst voor de neus door ze erop te wijzen dat de CD-I niet gebonden is aan landelijke televisiesystemen: “De beste titels zullen internationaal aanslaan, (...) en er zal op een gegeven moment een wereldhitlijst ontstaan.”

Philips heeft op dit moment weinig concurrentie. De enige andere CD-I machine op de markt in de VS is van Commodore. Het apparaat wordt door vakjournalisten omschreven als minder goed dan dat van Philips. Bovendien heeft Commodore een geheel andere standaard dan Philips, en vrijwel geen bondgenoten.

Sony, Kodak en Matsushita hebben de standaard van Philips geaccepteerd, en Philips heeft contracten met Time-Life, de Smithsonian museums, ABC sports, CTW (producent van Sesame Street) en Rand McNally (uitgever van autokaarten) die hun produkten in licentie aan CD-I programmeerders zullen geven.

Sony laat op dit moment een prototype aan journalisten zien, maar heeft nog geen aanstalten gemaakt het apparaat op de markt te brengen; Panasonic (Matsushita) evenmin. Laten de Japanners Philips de kastanjes uit het vuur halen, en slaan ze na de recessie toe? Helemaal niet, zegt Gaston Bastiaens, leider Interactive Media Systems van Philips: we hebben de Japanners juist verrast door ze vóór te zijn.

Er zijn andere toepassingen van zogenoemde multimedia - het samenvoegen van beeld, geluid en tekst: IBM maakt al jaren software voor het onderwijs, het leger gebruikt CD's om de reparatiegidsen van tanks en vliegtuigen op te slaan omdat de boeken te omvangrijk zijn geworden. Maar Philips is één van de weinigen die zich in de consumentenmarkt begeeft.

Dat is de moeilijkste markt, omdat degeen die uit eigen zak betaalt voor een dubbeltje op de eerste rang wil zitten. De audio-CD gaf in ruil voor een forse investering een duidelijk rendement: geluidskwaliteit die onvergelijkelijk beter was dan die van de LP, plus de belofte van duurzaamheid.

CD-I heeft nog steeds niet duidelijk gemaakt waarin het zich onderscheidt. De software die gisteren werd gedemonstreerd was niet overtuigend. De beelden waren stilstaand, en sommige programma's waren niet meer dan een gewone CD met een diaprojectie op de televisie. Dat is een deprimerende ervaring, gezien het feit dat software schrijvers zes jaar de tijd hebben gehad om over creatieve toepassingen van CD-I na te denken.

“Je kunt CD-I niet beschrijven”, zei Timmer gisteren. “Ik leef nu al zes jaar met het produkt, ik heb het steeds geprobeerd uit te leggen, en heb me altijd hulpeloos gevoeld.”

Daarom legt Philips de nadruk op demonstraties in winkels. De afgelopen maanden zijn 2500 mensen getraind die in het land demonstraties zullen geven. Apparaten worden geplaatst in 750 Tandy-winkels en 250 winkels van ketens als Montgomery Ward, Sears, Circuit City, Silo en Dillards.

Voorlopig zal de CD-I speler alleen te koop zijn in tien steden: New York, Los Angeles, San Francisco, Seattle, Boston, Chicago, Houston, Dallas, Philadelphia en Washington-Baltimore.

Verder heeft Philips voor de komende 14 maanden 25 miljoen dollar uitgetrokken voor reclame in lokale kranten en lokale televisiestations, oftewel gemiddeld 180.000 dollar per markt per maand.

Gisteren stonden in de Wall Street Journal, de New York Times en enkele lokale kranten paginagrote advertenties. In enkele winkels in de stad was de speler te koop, voor 864 dollar, een onmiddellijke korting van 20 procent op de richtprijs van 1083 dollar.

De presentatie - in het historische Ed Sullivan theater waar de Beatles in de jaren zestig hun Amerikaanse debuut beleefden - was ook naar Amerikaanse maatstaven indrukwekkend. Timmer werd bijgestaan door Amerikaanse televisiesterren als Dick Cavett en Dick Clark, rockmuzikant Chubby Checker en golfer John Daly.

CD-I zal over een paar maanden worden geïntroduceerd in Japan, en volgend jaar in Europa.