Mijlpaal

De levensduur van een kind neemt gemiddeld achttien jaar in beslag en lijkt op de totale levensduur van een individu (gemiddeld 75 jaar). In allebei de ontwikkelingsbogen is er sprake van een geleidelijke vooruitgang met een piek ongeveer op twee derde van de cyclus. Voor een individu gaat het leven na het vijftigste levensjaar bergafwaarts. Ook al zal hij of zij nog zulke prestaties leveren of genoegens beleven, het is een gegeven dat de dood dichterbij is dan de geboorte. Een kind ziet zichzelf vanzelfsprekend niet als iemand die bezig is een cyclus van 18 jaar te doorlopen. Voorzover het daar een gedachte aan wijdt, staat het ergens aan het begin van die grote cyclus van 75 jaar, en is het zelfs de vraag of de dood wel in het scenario voorkomt.

Het zijn de ouders die de 18-jaars-cyclus in hun hoofd hebben en daar ook op reageren in overeenstemming met de impliciete regels van opkomst, bloei en ondergang. Tot het twaalfde jaar wordt elke mijlpaal in de ontwikkeling met gejuich begroet: Kijk, hij kan lopen! ze is zindelijk! ze kan fietsen! hij kan lezen! je kunt hem om een boodschap sturen!

Na het twaalfde jaar is die vreugde er nog steeds wel, maar hij wordt getemperd met een druppeltje bitterheid. De eerste menstruatie van een dochter is reden voor felicitaties met het bereiken van een nieuwe fase, maar tegelijk zal de moeder herinnerd worden aan haar eigen naderende overgangsjaren. De vader beseft dat het niet lang meer zal duren of hij zal zijn onaantastbare positie als grootste liefde van zijn dochter moeten afstaan aan de een of andere puber. Voor jongens ligt het punt van hormonale omslag iets later, maar het verstrekken van scheerbenodigdheden of het luisteren naar brekende stemmen gaat onder andere met weemoed gepaard, stel ik me voor.

Er zijn verschillende manieren om met de neergangsfase van het kind om te gaan. De impulsieve reactie is, geloof ik, doen alsof er niets aan de hand is: biologische ontwikkeling oké, maar volwassenheid is iets anders, waar meer voor nodig is. Ik verdenk de meeste ouders, inclusief mezelf, ervan dat ze nooit van hun levensdagen ten volle ervan overtuigd kunnen raken dat hun kinderen evenveel recht hebben zichzelf volwassen te noemen als zij. Daar is de ouder-kindverhouding te primair en te diepsnijdend voor. Kinderen denken daar anders over, met als gevolg de gebruikelijke strijd over rechten en vrijheden tijdens de tienerjaren - en later in het leven nog wat aanvaringen, zij het dat het ergste dan wel achter de rug is, omdat ouders zich althans pro forma wel neerleggen bij het feit dat de kinderen een eigen leven leiden.

Wat ik niet begrijp is dat steeds meer ouders van middelbare scholieren hun kinderen de seksuele vrijheid toestaan die tot voor kort was voorbehouden aan degenen die ook in andere opzichten voor zichzelf konden zorgen. In Amerika, maar ook in Nederland, is het niet ongebruikelijk dat vijftien- of zestienjarigen hun vriendjes of vriendinnetjes bij zich laten overnachten - en dan niet op de bank in de huiskamer. Ik hoor de argumenten pro: “ze doen het toch, en dan kunnen ze het beter met een vertrouwd iemand thuis doen, dan lopen ze minder kans op aids”, “op zo'n manier kunnen we er nog een oogje op houden”, “ik houd niet van dat stiekeme gedoe in portieken of de achterbank van auto's.”

Ik heb alle argumenten gehoord, zowel van mensen persoonlijk als in artikelen over het fenomeen, maar ik word er niet door aangesproken, vooral, denk ik, omdat het van die verdedigende argumenten zijn. Er is niemand die er enthousiast over is, niemand die het leuk vindt dat zijn vijftienjarige dochter de pil slikt (als ze het al doet en het niet vergeet), niemand die blij is dat hun zoon van zeventien een leven leidt als helft van een middelbaar echtpaar (hangen voor de tv en daarna bijtijds met z'n tweeën onder zeil).

De reden dat ik zelf moeite heb met het idee van openlijk seksueel actieve tieners is niet zozeer bekommernis met hun welbevinden, al denk ik wel dat een vijftienjarige zijn tijd beter kan besteden met huiswerk maken, op het sportveld rondhangen of bokkig op zijn kamer liggen te dagdromen. Het is dan ook niet een kwestie van "wel of niet eraan toe zijn'. Nog maar een paar generaties geleden werden kinderen vanaf jonge leeftijd volop ingeschakeld in de strijd om het bestaan. Of een twaalfjarige nu wel toe was aan hard werken in de fabriek was geen punt van overweging.

Wat me er in tegenstaat is de eenzijdigheid waarmee bepaalde rechten van volwassenen worden opgeëist, terwijl aan de bijbehorende plichten wordt voorbijgegaan: wel seksuele vrijheid in de tienerslaapkamer, maar geen verantwoordelijkheid voor het betalen van belasting of de hypotheek, geen bijdrage aan het gezinsinkomen. En wie wast de vuile lakens en zorgt dat er iets te ontbijten valt? Moeder natuurlijk. Het hele idee dat er iemand in je huis te gast is voor een nacht, die je niet zelf hebt uitgenodigd, lijkt me onverdraaglijk. Dan kun je beter meteen een hotel beginnen of kamers gaan verhuren. Het maakt intussen wel degelijk verschil uit of er sprake is van iemand die blijft logeren vanwege, laten we zeggen het missen van de laatste tram, of iemand die blijft slapen voor de seks.

Het bestaan van meer dan één seksuele relatie per huishouden werkt destabiliserend. Zelfs eentje is schijnbaar al te veel, getuige de niet uit het hoofd te praten gedachte onder kinderen dat hun ouders het in ieder geval niet meer doen. Het is onaangenaam getuige te moeten zijn van andermans seksuele activiteit. Er zijn ontmoetingen in de badkamer, of bij de ijskast, met iemand die je als ouder misschien best wilt begroeten, maar niet op die plek of op dat uur. Er zijn geluiden die je geacht wordt niet te horen. Logés die als stel een weekendje bij vrienden of familie doorbrengen houden zich dan ook meestal in, ook al hoeft dat niet eens.

Dat tieners met seks experimenteren beseffen ouders wel, ze zijn tenslotte ook niet gek, en meer dan waarschuwen voor zwangerschap of akelige ziektes kunnen ze er ook niet aan doen. En bovendien hebben ze er niets mee te maken. Maar dit gedrag bekrachtigen door je eigen huis ervoor ter beschikking te stellen lijkt me een soort masochisme. Zoals de dood het einde van een individu is, zo komt volwaardige en openlijke deelname aan het seksueel verkeer neer op de dood van het kind. Al die dingen moeten gebeuren, maar dat wil nog niet zeggen dat je er als ouder met je neus bovenop wil zitten.

    • Beatrijs Ritsema