Kamer: vervolg directie van Delft Instruments

DEN HAAG, 16 OKT. Minister Hirsch Ballin (Justitie) onderzoekt de mogelijkheden om directieleden van Delft Instruments te vervolgen voor de verboden leverantie van nachtzichtapparatuur aan Irak.

Dit zegde de bewindsman gistermiddag toe nadat tijdens het vragenuurtje in Tweede Kamer een Kamermeerderheid daarop had aangedrongen. Het Kamerlid Rosenmöller van Groen Links wilde opheldering van de minister over het stopzetten door het openbaar ministerie van het gerechtelijk vooronderzoek naar het bedrijf. Groen Links vindt dat het Nederlandse bedrijfsleven een verkeerd signaal krijgt wanneer de overheid soepel optreedt tegen illegale wapenexport. PvdA, VVD en D66 zijn het met Groen Links eens dat het vrijuit laten gaan van de directie van Delft Instruments in strijd is met het regeringsbeleid.

Hirsch Ballin stelde dat de vervolging van Delft Instruments door de Nederlandse justitie is gestaakt omdat dit bedrijf bij een verdere voorzetting van het onderzoek failliet dreigt te gaan. Nu al heeft het bedrijf 34 miljoen gulden schade opgelopen doordat de VS Delft Instruments boycot. “Die sancties kunnen leiden tot het overlijden van de verdachte”, aldus Hirsch Ballin.

Hirsch Ballin voerde ook aan dat vervolging gestaakt is om de Amerikaanse autoriteiten niet te hinderen in hun strafrechtelijk onderzoek. Daarvoor hebben zij de originele dossiers van de Nederlandse justitie nodig. Met fotokopieën kan dat niet, aldus Hirsch Ballin.

Rosenmöller vroeg zich af hoe ernstig een bedrijf zich met verboden wapenexport moet inlaten voordat Justitie overgaat tot vervolging. Volgens hem heeft de directie willens en wetens de werkgelegenheid bij het bedrijf op het spel gezet. “Ondernemen is risico nemen. Het bedrijf heeft gegokt en verloren.”

Korthals (VVD) vond dat Justitie op de stoel van de rechter is gaan zitten door te bepalen dat de Amerikanen Delft Instruments maar moeten vervolgen. Bovendien vond hij de verwijzing naar de bedrijfszekerheid van Delft Instruments en de rechtshulp aan de VS “oneigenlijke argumenten”. Van Gijzel (PvdA) noemde het beleid van de directie een “ernstig vergrijp”. Kohnstamm (D66) vond dat de directie moet worden vervolgd om een voorbeeld te stellen. En als dat niet mogelijk is omdat de originele dossiers naar de VS worden gestuurd, zou die vervolging volgens hem goed kunnen gebeuren op basis van gewaarmerkte kopieën.