Van Amerongen laat Nacht van Schmelzer herleven; De definitieve vorm van politieke verslaggeving

Voorstelling: De Nacht van Schmelzer, politieke burlesque in een bedrijf door Het Nationale Toneel. Auteur: Martin van Amerongen. Regie: Jules Royaerds. Idee en dramaturgische adviezen: Leo zum Vörde sive Vörding. Spel: Wim van Rooij, Hans Ligtvoet, Joost Boer, Joke Last, Wim van den Heuvel, Has Drijver, Romijn Conen, Herman Frank. Gezien: 12- 10 in de Oude Stadsdrukkerij, Fluwelen Burgwal 18, Den Haag. Reserveringen via de kassa van de Koninklijke Schouwburg 070-3469450. T- m 16-11. Ook matinee.

Zouden belangrijke debatten in de Tweede Kamer voortaan niet geheel overgenomen kunnen worden door acteurs van Het Nationale Toneel? Te oordelen naar de dictie en frasering waarmee Wim van Rooij oud KVP-fractieleider Schmelzer achter het spreekgestoelte neerzet, zou daarmee de eerste goede spreker in jaren optreden. In de "politieke burlesque' van Martin van Amerongen over de Nacht van Schmelzer zijn geen zwakke punten aan te wijzen. Er zit vaart in, alle personages zijn volkomen geloofwaardig in hun overdrijving, het stuk is voortdurend amusant. De listige Schmelzer, de geslagen Cals, de driftige Vondeling, de verscheurde Klompé - het beantwoordt allemaal precies aan het verlangen van iedere politieke verslaggever om de gebeurtenissen in de Tweede Kamer als een kruising tussen een commedia dell'arte en een Griekse tragedie te zien. De RSV-zaak, de paspoortaffaire, de val van Braks en Voorhoeve - het terrein is onbegrensd en nog onverkend. Van Amerongen komt de eer toe de definitieve vorm van politieke verslaggeving te hebben ontdekt: het toneelscript, dat de bezoeker dan ook mee naar huis krijgt.

Vooral om Vondeling, die Schmelzer 's nachts in zijn droom bezoekt om hem in het Fries van katoen te geven, had ik buitengewoon veel plezier. “En as jim us in dolkstoat in de rege jowt, dan wille wy neat mear mei jo te meitsje hawwe.” Waarop de geaffecteerde Schmelzer terugroept dat hij “werkelijk niets tegen Friezen” heeft. “Fordoemd sil jo weze”, antwoordt Vondeling. Prachtig!

De première had zaterdag plaats, precies 25 jaar na de val van het rooms-rode kabinet Cals-Vondeling door een motie van KVP-leider Schmelzer. Het was een keerpunt in de Nederlandse politiek. Een KVP-leider die een katholieke premier ten val brengt? Het werd gezien als verraad - Schmelzer zou als Brutus met een dolkstoot moord in eigen kring hebben gepleegd. De KVP-leider hield er een ongunstig imago aan over: koel en berekenend. Wim Kan maakte hem later uit voor een tekkel met een vette kluif in de bek. In PvdA-kring stonden de katholieken nadien definitief als onbetrouwbaar te boek. Andersom was het verwijt van "spilziekte' en een "gat in de hand' gevestigd.

De KVP-fractie vond destijds dat Vondeling en Cals in het begrotingsjaar 1967 veel te veel geld uit wilden geven. Hoewel het Kamerlid Klompé (KVP) tevoren uitgebreid probeerde om haar persoonlijke vriend Cals tot concessies te bewegen, bleek tijdens de Algemene beschouwingen dat ze geen succes had gehad. Cals hield voet bij stuk en Schmelzer voelde op de avond van 14 oktober hoe zijn fractie uit elkaar dreigde te vallen. Een VVD-motie zou door een deel van de KVP-fractie worden gesteund. Om dat te voorkomen diende hij zelf een motie in, die echter door Cals als motie van wantrouwen werd gezien.

Sindsdien is de Nacht van Schmelzer een cause célèbre in de politicologie. Waarom gaf Cals niet toe? Of was het juist de schuld van de halsstarrige minister van financiën Vondeling, gesteund door de jonge minister van economische zaken Den Uyl? Was Schmelzer niet te ver gegaan?

De gebeurtenis bevatte ook persoonlijke tragedies. Het slachtoffer was de sociaal bewogen Cals, die uit de politiek verdween. Klompé, die als lid van de fractie voor de motie stemde, maar tegelijkertijd sterk bevriend was met het echtpaar Cals. Vondeling, die nooit meer minister werd en Schmelzer ronduit "moord met voorbedachte rade' verweet. En natuurlijk Schmelzer zelf. Zijn leven is getekend door De Nacht. Nog maar weinigen herinneren zich dat hij, tussen Luns en Van der Stoel in, bijna drie jaar minister van Buitenlandse zaken was. Maar iedereen weet nog dat hij het kabinet Cals om zeep hielp. “Er gaan dagen voorbij dat ik er niet meer aan denk”, laat Van Amerongen hem zeggen.

In zijn eenakter koos Van Amerongen voor een raamvertelling, waarin de oudere Schmelzer het verhaal aan twee uiteraard alcoholische politieke redacteuren vertelt, ingenieus aangevuld met flashbacks. Opvallend is hoe goed Hans Ligtvoet en Joke Last Cals en Klompé in houding en uiterlijk verpersoonlijken. Ronduit geladen is het moment waarop de immer correcte Schmelzer fractiegenote Klompé uit een onderonsje met de nog onbezorgde Cals verwijdert. “Ga je mee, Marga? Ik wou nog even iets met je bespreken”. Al in de tweede scène is het complete spanningsveld tussen de personages te voelen. Ook de definitieve confrontatie tussen Cals en Schmelzer (“Nou Norbert, dat was het dan.” “Ik vrees het ook, Jo”) wordt op de juiste temperatuur geserveerd. Rond het vriespunt. Maar de beste blijft Joost Boer als de permanent rood aangelopen Vondeling. “Yn bankerot-spylder hat jo my neamt!” “Vondeling, heus dat moet je niet zo persoonlijk opvatten”. Helaas, dat deed hij nu net wel. Dat deden ze allemaal.

    • Folkert Jensma