Kansarme sanering

DE TWEEDE WERELD, het domein van de Sovjet-Unie en de voormalige satellietlanden, heeft de Derde wereld van de internationale economische agenda geduwd. Dit weekeinde spraken de ministers van de zeven belangrijkste industrielanden, de G-7, voorafgaand aan de jaarvergadering van het Internationale Monetaire Fonds en de Wereldbank over één onderwerp: de Sovjet-Unie. Het ging over Westerse hulp, maar ook over de vraag hoe het Westen kan voorkomen dat de economische en financiële ineenstorting van het communistische hoofdkwartier de rest van de wereld in een spiraal van problemen meetrekt.

Als bewindvoerder voor de reddingsmissie is het IMF aangewezen. Het IMF is de enige instelling die wellicht in staat is om de deskundigheid en, op een later tijdstip, de financiële middelen te mobiliseren die nodig zijn om de Sovjet-Unie te helpen hervormen. Het IMF heeft ervaring opgedaan met "crisismanagement' toen negen jaar geleden Mexico bankroet ging, gevolgd door vrijwel alle andere Latijns-Amerikaanse landen.

DE SOVJET-UNIE staat nog niet eens aan het begin van het proces van economische aanpassingen. De G-7 heeft terecht geëist dat de Sovjet-autoriteiten eerst openheid van zaken geven over de ware stand van de economie. Niemand weet precies hoe de Sovjet-Unie er voor staat. Op aandrang van Duitsland, de grootste krediteur van de Sovjet-Unie, zal voorlopig geen sprake zijn van uitstel van schuldbetalingen. Daarmee heeft de G-7 de Duitse banken en de Duitse overheid wellicht een kortstondige dienst bewezen, op termijn zal een regeling voor de buitenlandse schuld van de Sovjet-Unie (77 miljard dollar) onvermijdelijk zijn. Dat is ook in Latijns-Amerika en recentelijk in Polen gebleken.

DE SANERING van de Sovjet-Unie zal het Westen geld kosten, de Sovjet-burgers sociale ellende opleveren en leiden tot onbekende politieke spanningen. De ironie van de geschiedenis wil dat de Sovjet-Unie in 1944 een van de deelnemers aan de Bretton Woods-conferentie was, waar het IMF en de Wereldbank werden opgericht. De Sovjet-Unie wilde toen niet deelnemen aan instellingen die werden gedragen door de ideologie van de markteconomie. Zevenenveertig jaar later krijgen dezelfde instellingen de taak om de puinhopen van die keuze voor economisch ostracisme op te ruimen.