In Bulgarije wint "de tegenpartij'

SOFIA, 14 OKT. Pas na half zes vanochtend wilden zij het echt geloven. Ze vielen elkaar om de hals en een enkeling liet zijn tranen de vrije loop. Als leiders van de oppositie tegen de ex-communistische Socialistische partij, zo hadden ze zich gepresenteerd. Vanaf vandaag zijn de rollen omgedraaid.

Na een nacht van gespannen afwachten tekende zich vanmorgen de overwinning af van de Unie van Democratische Krachten (SDS), de coalitie van 19 anti-communistische partijen en groeperingen. Met 37 procent van de stemmen, aldus opiniepeilingen, heeft de Unie de leidende rol in de Bulgaarse politiek overgenomen van de socialisten, die hun meerderheid in het parlement hebben verloren en niet verder zouden zijn gekomen dan hooguit 33 procent.

De overwinning van de Unie is geheel volgens de verwachtingen. Opmerkelijker is dat maar twee andere deelnemers erin zijn geslaagd de kiesdrempel van vier procent te halen. Voor de Beweging voor Rechten en Vrijheden die de Turkse Bulgaren verenigt, en de Verenigde Bulgaarse Agrarische Partij is nu een sleutelrol weggelegd in de Bulgaarse politiek. Opiniepeilingen hadden ook hoop gewekt voor een andere agrarische partij, Nikola Petkov Agrarische Unie, en de Sociaal Democratische partij. Zij hadden zich nadrukkelijk gepresenteerd als “middenpartijen”, die een temperende invloed zouden uitoefenen op de Unie maar onder geen beding zouden samenwerken met de socialisten.

De Unie heeft vooral de Sociaal-Democratische Partij van de 75-jarige ex-politieke gevangene dr. Petar Dertljev maandenlang verketterd als een crypto-communistische partij. De aantijgingen zijn terug te voeren naar de emotionele debatten, afgelopen zomer, over een nieuwe grondwet. Een groot aantal leden van de Unie heeft fel gestreden tegen deze constitutie die een te grote rol zou toebedelen aan de staat in politiek en economie. Dertljev en zijn aanhangers hebben deze grondwet ondertekend, voor de Unie reden hen uit de coalitie te zetten.

De splijting in het oppositionele front is door velen betreurd. Maar niet door de leiders van de Unie. Zij hebben steeds aangevoerd dat er in de Unie geen plaats is voor mensen die bereid zjn tot het sluiten van compromissen met "communisten' en dat het vertrek van mannen als Dertljev eerder een versterking dan een verzwakking van de "paraplu-unie" is geweest.

De Bulgaarse kiezers hebben deze zienswijze ondersteund door compromispartijen hun stem te onthouden. Het heeft geleid tot een duidelijke uitspraak als het gaat om de krachtsverhouding tussen Unie en ex-communisten. Maar het heeft de Bulgaarse politiek instabieler gemaakt. Als de peilingen gelijk krijgen, is mer dan 15 procent van de stemmen uitgebracht op een lange reeks van partijtjes die geen van alle de vier procent-drempel hebben overschreden. Dat is de "derde macht' in het land: een kakofonie van politieke opvattingen die niet in het parlement te horen zal zijn en dus louter zijn gehoor daarbuiten zal moeten bespelen. En dan zijn er nog de thuisblijvers. Zo'n twintig procent van de Bulgaren heeft gisteren niet gestemd.

De zetels in het parlement zullen derhalve worden verdeeld onder de Unie, de Bulgaarse Socialistische Partij, de Verenigde Agrarische Partij en de Beweging voor Rechten en Vrijheden van de Turkse minderheid. De Unie en de boerenpartij hebben zich voor de verkiezingen al uitgesproken voor samenwerking. Maar de Unie zal mogelijk ook moeten proberen de Turkse beweging in een coalitie te betrekken. Hierin schuilt al meteen een eerste bedreiging voor een nieuwe Bulgaarse regering. De afgelopen twee jaar hebben bewezen hoe sterk de anti-Turkse gevoelens leven onder brede lagen van de Bulgaarse bevolking.Toen in januari vorig jaar de burgerrechten van de Turkse minderheid officieel werden hersteld na een jarenlange wrede "bulgariseringscampagne' braken op diverse plaatsen in het land demonstraties en stakingen uit.

De beweging zal zich bij coalitiebesprekingen bewust zijn van haar riante positie en harde, vooral culturele eisen stellen. De leiders van de Turkse minderheid eisen taallessen voor hun kinderen, de heropening van hun theaters en bibliotheken en zendtijd op radio en televisie. Het zal moeilijk zijn, brede, nerveuze lagen van de Bulgaarse bevolking uit te leggen dat dit alles niets te maken heeft met gevreesde en gehate ontwikkelingen als 'pan-turkisme' of moslim-fundamentalisme.

De Unie heeft zich op de vlakte gehouden over samenwerking met de organisatie van de Turkse minderheid en de beweging zelf heeft alle vormen van publiciteit gemeden. In kringen van de Unie wordt al gesproken over de vorming van een minderheidskabinet met parlementaire steun van Turkse zijde.

Maar niet alleen door de anti-Turkse stemming in het land enerzijds en de riante positie van de Turkse beweging anderzijds dreigt de nieuwe regering van Bulgarije een zwakke te worden. Ook intern, binnen de Unie, zal het rommelen. Tot nu toe is de Unie een "tegenpartij' geweest. Een anti-communistisch monsterverbond. Nu de rode draak in ieder geval voorlopig bestreden lijkt, moeten de politieke keuzes tegen worden ingeruild voor politieke keuzes voor.

Sinds eind vorig jaar wordt Bulgarije geregeerd door een coalitiekabinet onder de partijloze Dimitar Popov. Leden van de Unie bezetten in dit kabinet economische sleutelposten. Maar het waren geen partijdieren; betrekkelijk los van alle partijpolitieke gekrakeel begonnen zij aan een ingrijpend economisch hervormingsprogramma.

De rol van de temperende jurist Popov is uitgespeeld nu de Unie haar verkiezingswinst te gelde zal willen maken. Een belangrijke kandidaat voor het premierschap is de 36-jarige leider van de Unie, de jurist en psychiater Filip Dimitrov, een harde, ambitieuze politicus. Dat Dimitrov niet van compromissen houdt is afgelopen zomer gebleken in de strijd tegen de nieuwe grondwet. Zoals in Tsjechoslowakije het Burgerforum uiteen is gevallen, zo zal in Bulgarije de SDS moeten kiezen hoeveel staatsinvloed en hoeveel sociale wetten goed zijn voor de Bulgaarse mens. Het echte proces van partijvorming moet nog beginnen. Het zal onder leiding van Filip Dimitrov weleens heel snel kunnen gaan.

    • Gijsbert van Es