Kaland: grote zorg over uitvoerbaarheid

DEN HAAG, 9 OKT. Opnieuw ligt de CDA-fractie in de Eerste Kamer dwars. Na eerdere kritiek op de kabinetsplannen met de AAW en met de verhoging van het huurwaardeforfait blokkeren de CDA-senatoren nu de plannen die in 1995 moeten leiden tot een verplichte ziektekostenverzekering voor iedereen. In het eerste geval zwaaide vice-premier Kok met zijn portefeuille, in het geval van het huurwaardeforfait sprak Lubbers het machtswoord. Beide keren gingen de CDA-senatoren uiteindelijk door de knieën.

Ook het verzet tegen het plan-Simons wordt aangevoerd door CDA-fractieleider A.J. Kaland, door minister-president Lubbers vorig jaar smalend de onderkoning van Zeeland genoemd. Kaland vindt het leuk Lubbers dwars te zitten, merkte het Eerste-Kamerlid Van der Meer (PvdA) gisteren voor de tv op. “Grote onzin”, vindt Kaland. “Dat slaat nergens op. Er is geen sprake van dat wij tegen het kabinet zeggen: u kunt uw plan beter helemaal intrekken, stop maar.”

Hoewel de CDA-fractie in de senaat de bewindslieden heeft gevraagd "zich opnieuw te beraden en te bezinnen op deze grote operatie', betekent dat volgens Kaland niet dat de fractie het plan-Simons naar de prullenbak verwijst. “We willen eenvoudig meer weten over de uitvoerbaarheid en de effecten van de plannen zoals ze er nu liggen. Wij hebben grote zorgen of we met deze plannen wel daar terechtkomen waar we naartoe willen”, zegt Kaland.

Gisterochtend werd de fractievergadering van de CDA-senatoren geheel gewijd aan het plan-Simons. Volgens Kaland is er bewust voor gekozen de strijd met staatssecretaris Simons niet via de gebruikelijke weg, een debat in de Eerste Kamer, uit te vechten. “Dat debat had er op zijn vroegst pas eind november kunnen zijn”, aldus Kaland. “Als je met een zwaar voorlopig verslag zou beginnen, dat wegens de complexiteit van de materie en het grote aantal vragen daarover zeer uitvoerig zou zijn, zou je daarop van de regering een gedetailleerd antwoord krijgen. Vrijwel zeker is dat daar van de kant van de Eerste Kamer weer aanvullende vragen over zouden worden gesteld waarop weer nader zou moeten geantwoord. Het zou dan intussen eind november zijn en voor het veld - verzekeraars, artsen etcetera - zou dat wat laat zijn om maatregelen op 1 januari in te laten gaan. Daar zouden ze dan een verschrikkelijk korte tijd voor hebben.”

Pag.3:

"Geen kans op kabinetscrisis'

Uw beslissing om de beraadslagingen op te schorten maakt de kans klein dat het wetsvoorstel dat verdere invoering van het plan-Simons regelt op 1 januari kan ingaan.

Kaland: “Ik weet het niet, ik sluit niets uit. Theoretisch zijn alle kansen aanwezig voor een spoedig debat in de Eerste Kamer. In de eerste plaats zal dat afhangen van de reactie van het kabinet. Ik verwacht die reactie heel snel.”

Dit was voor u het juiste moment om op de rem te trappen?

“Als je oproept tot nadere bezinning is dit inderdaad het juiste tijdstip. We hadden ook kunnen zeggen: we schorten de beraadslagingen op. Punt. Maar dat hebben we niet gedaan. We hebben het verzoek om nadere bezinning er aan toegevoegd. Er kunnen nu twee dingen gebeuren. Of er komt per omgaande een dringend beroep op de Eerste Kamer om de behandeling voort te zetten en het kabinet ziet geen reden voor nadere bezinning, of het kabinet zegt: "er zit wat in, het wordt inderdaad wel erg kort dag, zouden we niet wat meer faseren, halen we de beoogde effecten wel'. Zolang je niet weet wat de effecten van de stelselwijziging zijn en weet of het allemaal nog wel beheersbaar wordt, kun je geen debat voeren.”

VNO-voorzitter Rinnooy Kan deed vorige week in een debat met Simons nog een oproep aan de Eerste Kamer om het wetsvoorstel niet te accepteren, “en zich af te vragen of zij geheel Nederland wenst te onderwerpen aan een 50 miljard kostend experiment' met de gezondheidszorg. Is die discussie van invloed geweest op het besluit van uw fractie?

“Nee. Die discussie spitste zich vooral toe op de inkomenseffecten van de stelselwijziging. Het was niet meer dan één van de signaaltjes.”

In juni moest premier Lubbers er achter de schermen aan te pas komen om PvdA en CDA in de Tweede Kamer op één lijn te krijgen over de verdere uitvoering van het plan-Simons. Nu de beraadslagingen zijn opgeschort en een plenair debat voorlopig niet kan worden gehouden, is het voor Lubbers onmogelijk om eventueel in de Eerste Kamer het onaanvaardbaar uit te spreken.

“Daar moeten we niet te veel over filosoferen. We hebben nu duidelijk onze zorgen over de stelselwijziging gedeponeerd bij de wetgever.”

Tweede-Kamerleden van de PvdA reageerden fel op uw beslissing. Melkert betwijfelt of de coalitie gedragen wordt door de gehele CDA.

“Natuurlijk heeft deze coalitie de steun van het CDA. Maar dat wil niet zeggen dat we de coalitie onvoorwaardelijk steunen en overal ja en amen tegen zeggen. De functie van de volksvertegenwoordiging is steun geven daar waar mogelijk en kritiek geven daar waar noodzakelijk.”

De PvdA'er Van Otterloo nam gisteren zelfs het woord kabinetscrisis in de mond. Acht u die kans aanwezig?

“Nee hoor. Ik zou niet weten waarover. Als Simons op zou stappen, moet ie dat zelf weten. Momenteel is de vertrouwenskwestie niet aan de orde. Het wetsvoorstel is nog niet eens in behandeling bij de Eerste Kamer.”

    • Ward op den Brouw