Hollands optimisme in hoofdstad Kroatië

ZAGREB, 9 OKT. “Ik denk dat dit staakt-het-vuren betere perspectieven biedt dan vele eerdere”, zei de Nederlandse diplomaat Dirk-Jan van Houten optimistisch, kort voordat het document ten overstaan van de pers in een Zagrebs hotel plechtig ondertekend zou worden.

De gelaatsuitdrukking van de vertegenwoordigers van het Joegoslavische leger en Kroatië, waarmee de Nederlandse chef van de EG-waarnemers in Kroatië juist vele uren moeizaam had onderhandeld, gaf niet echt voedsel aan dat enthousiasme.

Al vlug ontaardde hun beantwoording van vragen ook in een uitwisseling van hatelijkheden: “Een moordaanslag op president Tudjman”, noemde de Kroatische onderminister van defensie Stefan Adamic, de landing van een geleide raket gisteren op het presidentieel paleis in Zagreb. “Een insinuatie”, riposteerde generaal Andrija Raseta van het leger, want hij houdt vast aan de opvatting dat die raket een door de Kroaten zelf in scène gezette poging was om de armee in diskrediet te brengen.

Van Houten maakte, om erger te voorkomen, maar snel een eind aan de persconferentie, zodat het document voor de camera's ondertekend kon worden: de Kroaten beëindigen hun blokkade rond de kazernes van het leger, het leger beëindigt die van Kroatische steden en alle vergeldingsacties. De openbare ondertekening, maakte de Nederlandse diplomaat duidelijk, was vooral bedoeld om aan alle partijen in het conflict, en overal in Kroatië, duidelijk te maken dat er nu een nieuw, en bindend staakt-het-vuren is. Die duidelijkheid lijkt geenszins een overbodige luxe, want bij eerdere overeenkomsten van deze soort is keer op keer duidelijk geworden dat zowel aan militaire- als aan Kroatische zijde regionale commandanten en eenheden zich aan door hun voormannen afgesloten akkoorden niets gelegen laten liggen. Om nog maar te zwijgen over de Servische paramilitaire eenheden in Kroatië, die niet eens partij zijn bij de gemaakte afspraken, evenmin als bij de vorige.

Het nieuwe staakt-het-vuren vormde de bekroning van een dag vol spanning in de Kroatische hoofdstad Zagreb, waarin niets erop wees dat de Kroaten op het punt stonden hun blokkades op te heffen. Integendeel: die rond het hoofdkwartier van het Vijfde militaire district (Kroatië en Slovenië) werd zelfs verder uitgebouwd, waardoor een groot deel van het stedelijk tramverkeer moest worden stilgelegd. Deze verslaggever constateerde verder dat de Kroaten militair materieel overbrachten van de dit weekeinde door hen ingenomen kazerne in Samobor, naar hun blokkade van de Borongaj-kazerne in Zagreb.

Deze Borongaj-kazerne stond volgens onafhankelijke waarnemers gisteravond op het punt zich na weken van omsingeling aan de Kroaten over te geven - en het gerucht ging dat het voornaamste steunpunt van het Joegoslavische leger in de Kroatische hoofdstad daarop zou reageren met een artillerie-bombardement. Veel inwoners van Zagreb maakten zich dan ook op voor een nieuwe nacht in de schuilkelder, temeer omdat ook om middernacht vannacht een eenzijdig door het "Servische blok' in het Joegoslavische staatspresidium aangekondigd staakt-het-vuren van de zijde van het leger afliep. Maar het bleef onverwacht rustig in het mistige, en nog steeds 's nachts geheel verduisterde Zagreb.

Opvallend in het nieuwe staakt-het-vuren is vooral dat het lijnrecht ingaat tegen de politieke koers van Kroatië, zoals die gisteren nog eens is bezegeld in een resolutie van het Kroatische parlement. Dat parlement kwam vanwege de raket op het presidentieel paleis gisteren op een geheime plaats en achter gesloten deuren bijeen. Doel was om ter gelegenheid van het aflopen van het door de Europese gemeenschap in juli bedongen moratorium op de onafhankelijkheidsverklaring van Kroatië plechtig te bezegelen dat Kroatië met Joegoslavië nu niets meer te maken heeft. Het Joegoslavische leger, heet het in de tekst, is een bezettingsleger dat uit Kroatië moet vertrekken.

In het nieuwe staakt-het-vuren is daarvan echter niets terug te vinden. Integendeel: het leger mag al zijn uitrusting, bezittingen en wapens, bij verplaatsingen of eventueel vertrek van eenheden meenemen, terwijl de Kroaten de afgelopen weken op hoge toon juist hebben geëist dat deze wapens bij vertrek moeten achterblijven, als zijnde bekostigd met geld van de Kroatische belastingbetaler.

Naar verluidt hebben de Kroaten pas ingestemd met het nieuwe akkoord, nadat de EG-waarnemers hadden gedreigd hun biezen te pakken, daar immers de waarnemers in Kroatië aanwezig zijn om een wapenstilstand te begeleiden, niet om het verloop van een oorlog te documenteren. In het Italiaanse Triëst stonden gisteravond al autobussen klaar om de waarnemers woensdagochtend op te halen uit Zagreb. Vooral het feit dat de waarnemers zondag door de diverse gevechtshandelingen in de Kroatische hoofdstad hun hotel niet meer uitkonden, had de Europese missie in Zagreb tot de overtuiging gebracht, dat men zo'n beetje aan het eind van de taakvervulling was gekomen.

Voor de Kroatische politieke leiding zou het vertrek van de EG-waarnemers een ernstige tegenslag zijn geweest. Nog immer wordt de bevolking in de streng van overheidswege gecensureerde media in de waan gelaten dat de waarnemers er zijn om het Kroatische onafhankelijkheidsstreven te steunen. Uit een interview van de Kroatische televisie met de Nederlandse generaal Kosters, coördinerend hoofd van de waarnemers, verdwenen in de Kroatische vertaling alle passages waaruit een zweem van kritiek op Kroatië zou kunnen blijken. Dat gold bijvoorbeeld voor Kosters' opmerking dat het niet zo'n goed idee was de bevolking van Zagreb meerdere keren per dag per sirene naar de schuilkelders te zenden, als een omvangrijk bombardement op de stad niet te verwachten was.

“De vraagstukken in Joegoslavië zullen met onderhandelingen moeten worden opgelost. Ons streven hier bestaat erin dat die onderhandelingen niet pas ná een verwoestende oorlog plaatsvinden”, vatte Van Houten vannacht het streven van zijn missie samen. Ook dat staat haaks op de Kroatische voorstelling van zaken, dat Kroatië weliswaar een verwoestende oorlog tegen een machtige tegenstander voert, maar dat het zijn doel - internationale erkenning als zelfstandige staat - bijna heeft bereikt.

Voor de erkenning dat de herhaaldelijke woordbreuk van de Kroaten over de opheffing van de blokkades - een belangrijke oorzaak van de recente militaire escalatie - de sympathie voor Kroatië geen goed heeft gedaan, en de regering in Zagreb elke zeggenschap over bijna de helft van het Kroatische grondgebied heeft verloren, is in het officiële optimisme kennelijk geen ruimte.

Onmiskenbaar is echter een zekere irritatie over de eerder verwachte diplomatieke en zelfs militaire steun van Europa in de Kroatische vrijheidsstrijd. De burgemeester van Osijek, een van de voornaamste Kroatische frontsteden, heeft al verklaard dat “Kroatië twee oorlogen voert, één tegen Servië en één tegen het onbegrip van Europa”. En de Kroatische minister van buitenlandse zaken Zvonimir Separovic, bezig met een promotietour door de wereld waarover hij af en toe voor de Kroatische televisie verslag uitbrengt, heeft zich sprekend over minister Van den Broek de benaming "arrogante tulp' veroorloofd.