Van Melle Brazilië stopt snoepproduktie

ROTTERDAM, 8 OKT. De Nederlandse snoepgoedfabrikant Van Melle heeft de produktie van snoepjes in haar Braziliaanse fabriek stilgelegd. Na berichten dat er cocaïne in de snoepjes zou zitten, is in Brazilië een grootscheeps onderzoek ingesteld.

Het begon op 27 september toen elf kinderen van een school in São Paulo een "cocaïne-vergiftiging' opliepen na het eten van Van Melle-snoepjes. De snoepjes (type "Frutas') waren afkomstig van straatventers. De klachten bestonden uit duizeligheid, hoofdpijn en braakneigingen. De zaak wordt inmiddels al ruim een week breed uitgemeten in de Braziliaanse pers. Zelfs president Collor de Mello houdt zich met de zaak bezig.

Overal uit het land komen nu berichten over snoepjes met gaatjes erin. De gaatjes zouden zijn ontstaan door het inspuiten van de snoepjes met de cocaïne. Het hoofd van de federale politie, Romeu Tuma, heeft een onderzoek gelast bij Melbras, de Van Melle-vestiging in Jundiai bij São Paulo.

Van Melle heeft het bewuste snoepgoed naar Nederland gehaald teneinde een eigen expertise te kunnen laten verrichten. Directeur E. van Dijk van Van Melle in Breda houdt het erop dat het geruchten zijn. “Het is technisch al vrijwel onmogelijk om zoveel snoepjes met cocaïne te injecteren, nog afgezien van de kosten die daaraan verbonden zouden zijn.”

Omdat er van veel kanten veel verschillende onderzoeksresultaten verschenen, met zowel positieve als negatieve resultaten, heeft Van Melle de federale politie gevraagd het laboratorium-onderzoek te laten doen. Ook de Universiteit van het bij Jundiai gelegen Campinas verricht expertise. Van Melle heeft nog “geen met feiten onderbouwde” meningen vernomen van Braziliaanse overheidsinstanties omtrent “de vermeende besmetting”. Voor het bedrijf dreigt de affaire een grote strop te worden. De vestiging in Jundiai ligt vandaag al voor de tweede dag stil.

Als blijkt dat de Van Melle-snoepjes inderdaad met cocaïne zijn ingespoten heeft het bedrijf geen idee wat het motief daarvoor zou kunnen zijn. In Brazilië is verondersteld dat afpersing of chantage de achterliggende bedoeling zou kunnen zijn.