Schaefer: regelgeving onderwijs is verouderd

DEN HAAG, 8 OKT. Een staatscommissie moet nagaan hoe de huidige onderwijsregelgeving kan worden herzien. Dat vindt de projectgroep sociale vernieuwing onder leiding van J. Schaefer. De bestrijding van achterstanden in het onderwijs wordt nu nog te zwaar gehinderd door de regels waar gemeenten en scholen aan gebonden zijn.

De projectgroep presenteerde gisteren in Den Haag een werkvoorstel over sociale vernieuwing in het onderwijs. “De scholen met de grootste problemen en de beste ideeën om daar wat aan te doen moeten het meeste geld krijgen”, zei Schaefer gisteren in een toelichting.

In het voorstel wordt onder meer gepleit voor het opheffen van de financiële gelijkstelling, op basis waarvan extra geld dat openbare scholen krijgen ook moet worden uitgekeerd aan bijzondere scholen, ongeacht de vraag of zich daar dezelfde behoeften voordoen. Deze regeling is de laatste tien jaar al aanzienlijk beperkt. Zij is niet van toepassing op het extra geld dat scholen krijgen op grond van de afkomst van hun leerlingen (allochtone kinderen worden "dubbel' geteld waardoor scholen extra leerkrachten kunnen aantrekken).

“Scholen zitten nu in een te strak keurslijf”, reageert CDA-onderwijsspecialist W. van de Camp. Het afschaffen van de financiële gelijkstelling haalt volgens hem echter “te veel overhoop en is ook niet nodig”. Nu al geldt dat scholen met veel kinderen uit de sociaal zwakkere milieus meer geld krijgen dan andere scholen. Dat systeem kan wat het Tweede-Kamerlid betreft worden “aangescherpt, zodat probleemscholen meer geld krijgen”.

Het aanstellen van een staatscommissie voor herziening van de onderwijsregelgeving vindt Van de Camp een “veel te rigoreus middel. Sociale vernieuwing kan daar ook niet op wachten. Zo'n commissie is minstens bezig tot het einde van deze eeuw. Dat zou betekenen dat er al die tijd niets zou kunnen veranderen.”

PvdA-onderwijsspecialiste T. Netelenbos is evenmin voorstander van een staatscommissie, maar in tegenstelling tot Van de Camp is ze het eens met Schaefer dat de financiële gelijkstelling van openbare en bijzondere scholen ertoe leidt “dat je het geld niet altijd kunt toewijzen aan die scholen, waar zich de meeste problemen voordoen”.

“De blokkades liggen bij het CDA”, aldus Netelenbos. “Voor vrijheid van onderwijs zijn we allebei, maar wij vinden dat dat niet hoeft te betekenen dat je alle automatismen in de onderwijsfinanciering voor zoete koek slikt.”